Eerste top van Arabische vrouwen

Echtgenotes van Arabische leiders hebben gisteren een unieke top in Kairo afgesloten met een oproep om de wettelijke en traditionele obstakels op te ruimen die de Arabische vrouw buiten de publieke en politieke arena houden. ,,De Arabische wereld zal zich niet goed kunnen ontwikkelen zonder de positieve en doeltreffende deelneming van de Arabische vrouw'', zei Suzanne Mubarak, vrouw van de Egyptische president, in haar slottoespraak.

Suzanne Mubarak was de afgelopen dagen gastvrouw van negen andere vrouwen van Arabische leiders, onder wie koningin Rania van Jordanië, de Palestijnse Suha Arafat en de Soedanese Fatima al-Bashir. De Marokkaanse koning is ongetrouwd, dus hij had zijn zuster, prinses Lalla Mariam, gestuurd. Acht andere landen waren op lager niveau vertegenwoordigd. Alleen Saoedi-Arabië, Qatar en Algerije ontbraken.

Mubarak en het slotcommuniqué besteedden speciale aandacht aan de Palestijnse vrouw en beloofden steun tegen Israel. Verder riepen zij op tot wettelijke bescherming voor vrouwen tegen geweld in een versluierde verwijzing naar de traditie van eerwraak in veel landen. Ten slotte besloten de deelneemsters voortaan elke twee jaar een bijeenkomst te houden, met een speciale top in 2001, het Jaar van de Arabische Vrouw.

De positie van de vrouw loopt sterk uiteen in de verschillende Arabische landen. Tunesië loopt voorop; daar zijn veelwijverij en verstoting door de man van zijn vrouw bij voorbeeld verboden. Maar een Marokkaans plan om de situatie van de vrouw te verbeteren, stuit op zware tegenstand van moslim-fundamentalisten. De Libische leider Moammar Gaddafi, die zich altijd laat beschermen door een vrouwelijke lijfwacht, heeft zich publiekelijk gekant tegen de islamitische hoofddoek. Maar in Saoedi-Arabië moeten vrouwen zich in het openbaar van kruin tot teen bedekken, en mogen zij niet autorijden.