Arabieren in Israël verdwaald

Ze gooien met stenen naar Israëlische militairen – maar deze stenengooiers zijn geen gewone Palestijnen. Het zijn Palestijnen met een Israëlisch paspoort. Israëlische Arabieren worden ze altijd genoemd, maar tegenwoordig manifesteren ze zich steeds uitdrukkelijker als leden van het Palestijnse volk.

De Israëlische autoriteiten zijn zich wild geschrokken van de felle demonstraties en gewelddadigheden die zich vorige maand parallel aan de hervatte intifadah in de Palestijnse gebieden in Israël zelf afspeelden, in Nazareth, in Umm el-Fahm en andere Arabische steden. De intifadah was niet meer iets waarvan je je eventueel door een hoge muur te bouwen van zou kunnen afsluiten. Deze opstandelingen kon je overal tegenkomen. Er zijn ruim een miljoen Arabieren binnen Israël, een kleine 20 procent van de totale bevolking, en hun aandeel groeit door een hoog geboortecijfer.

De Arabische minderheid is stelselmatig gediscrimineerd door de joodse Israëliërs en de staat. Met name op het gebied van onderwijs, infrastructuur en arbeid worden Arabieren in de budgettering achtergesteld. De werkloosheid is veel hoger onder Arabieren dan onder joden. En alle cijfers onderstrepen die werkelijkheid.

Maar de Arabieren mogen dan tweederangsburgers zijn, hun stemmen zijn veel waard in het versnipperde Israëlische politieke leven. Er zitten tien Arabieren in het Israëlische parlement, die net het verschil kunnen uitmaken tussen een overwinning of een nederlaag voor een regering. In zijn verkiezingscampagne voor het premierschap beloofde Arbeidspartijleider Ehud Barak hun dan ook gouden bergen om zoveel mogelijk steun te winnen. Maar de beloning bleef uit nadat hij in mei 1999 inderdaad als premier was gekozen. En de massale deelname aan de rellen van begin vorige maand geeft aan hoe diep de wrok zit over de jarenlange discriminatie en hoe groot de woede over Baraks verraad.

De Palestijns-Nederlandse documentairemaker Hany Abu-Hassan is geboren in Nazareth. Hij ging terug naar Nazareth en hij gaf de verbittering van de Arabieren weer. ,,Een ander volk is de baas over je, maar je voelt je geen deel van dat volk'', zegt een van zijn gesprekspartners, en dat is natuurlijk correct. De joodse Israëliërs hebben nooit toegestaan dat de Arabieren deel werden van het Israëlische volk. ,,Waarom heb ik zo weinig rechten, vergeleken met de joden? Ik ben hier staatsburger in mijn eigen land, en dan hoor ik dezelfde rechten te hebben als de joden.''

De tragiek is dat de Israëlische Arabieren tussen wal en schip zitten. De joodse Israëliërs accepteren en vertrouwen hen niet, en de Palestijnen zien hen als Israëliërs. ,,Ik noem me Palestijn, maar we zijn verdwaald'', typeert een van de ondervraagden hun positie zeer treffend.

Premier Barak heeft na de onlusten leiders van de Arabische gemeenschap ontmoet, en nieuwe beloften gedaan. Nu moet echt alles beter worden. Zei hij.

Het andere gezicht. Ned. 1, 21.52-22.16u.