Vriendschap in ballingschap

Niemand heeft zo mooi over het Russische platteland geschreven als Vladimir Nabokov in zijn autobiografie Speak Memory. Flonkerende zilverberken, de weemoed van de avondschemering, zwoele zomerluchten en vooral dartelende vlinders, ze zijn onlosmakelijk verbonden met de sprookjeswereld waarin de schrijver opgroeide.

Nabokov (1899-1977) was in zijn jeugd een bevoorrecht mens. Zijn ouders waren rijk, beschaafd, ontwikkeld en aardig. Zelf leek hij voorbestemd tot een carrière als dichter. Toen hij zestien was erfde hij van een oom twee miljoen dollar en een enorm landgoed. Kortom, het leven lachte hem toe. Maar na de machtsgreep van de bolsjevieken in 1917 werd dat geluk in één klap weggeveegd. De Nabokovs vluchtten naar het buitenland. Van al hun rijkdom bleef niets over. In zijn werk heeft Nabokov altijd geprobeerd iets van dat paradijs te herscheppen. Hij moet het Rusland van zijn jeugd erg hebben gemist.

Een van Nabokovs lotgenoten was de componist en concertpianist Sergej Rachmaninov (1873-1943). Ook hij ontvluchtte zijn geboorteland na de revolutie, maar omdat hij al wereldberoemd was, kostte het hem geen enkele moeite in Amerika zijn leven als succesvol musicus voort te zetten. Weinig Nabokov-fans zullen weten dat beide Russische emigranten elkaar gekend hebben. Op zich is dat niet zo vreemd, want Nabokov was 26 jaar jonger dan Rachmaninov en had niets op met muziek. Rachmaninov op zijn beurt was een beetje een depressieve zwijger, die alleen voor zijn muziek leek te leven.

Onder de weemoedige titel De Kunst van het Verlangen schenkt het radioprogramma Urubicha sinds vorige week in een drieluik aandacht aan de vriendschap tussen beide ballingen. In de eerste aflevering ging programmamaker Elgar Niels op zoek naar de wortels van Nabokovs artistieke identiteit. Voorgelezen gedichten en fragmenten uit Speak Memory werden afgewisseld met muziek van Rachmaninov. Het wekte een Russische sfeer in de huiskamer. Maar pas in de derde aflevering kom je iets te weten over die vriendschap. Zo blijkt Rachmaninov Nabokov en zijn gezin te hebben gered door hun geld te geven om in mei 1940 vanuit Frankrijk met de boot naar Amerika te ontsnappen. Ze kenden elkaar toen alleen uit hun correspondentie.

Rachmaninov was een groot bewonderaar van Nabokovs romans. Toen de schrijver zich in 1938 bij een wederzijdse vriend had beklaagd over zijn penibele financiële situatie, kreeg hij prompt 2.500 francs van Rachmaninov toegestuurd. ,,De gedachte dat ik u heb kunnen bijstaan in een moeilijke tijd is beloning genoeg'', schreef de componist hem. Het was het eerste contact tussen beide ballingen.

Urubicha heeft nu ontdekt dat Rachmaninov zijn eigen uitgeverij had, TAIR, die behalve Rachmaninovs eigen muziek ook werk uitgaf van Russische schrijvers in ballingschap, wier werk elders niet kon verschijnen. Toen emigrantenuitgeverijen eind jaren dertig Nabokovs roman De Gave niet wilden publiceren, omdat hierin zowel rechtse als progressieve emigranten op de korrel werden genomen, zocht de schrijver zijn toevlucht bij TAIR, dat hem onmiddellijk wilde helpen. Het boek is door het uitbreken van de oorlog echter nooit bij TAIR in druk verschenen. Aardig is nu dat zelfs Nabokovs zoon Dmitri, die de nalatenschap van zijn vader beheert, nog nooit van de betrekkingen tussen zijn vader en TAIR heeft gehoord. Wel wist hij dat zijn vader en Rachmaninov bevriend waren.

Aan het slot van de uitzending lijkt Elgar Niels het te betreuren dat Nabokov niets om Rachmaninovs muziek gaf. Niels is tenslotte een fan van beiden. Gelukkig voor hem is er één ding waarin zijn helden wel veel met elkaar gemeen hadden: hun fascinatie door de natuur. Want ook Rachmaninov liet zich inspireren door het ruisen van boomkruinen in de wind en de stralende schitter van de zon op het lover als hij aan het componeren was.

Urubicha, De Kunst van het Verlangen, afl. 2 en 3. Dinsdag 21 en 28 november, Radio 4, 19.00-20.00u.