Toejuichingen voor Clinton in Vietnam

Het historische bezoek van de Amerikaanse president Bill Clinton aan Vietnam dat gisteren werd afgesloten, heeft daar gemengde reacties losgemaakt. De communistische leiders van het land waren onaangenaam verrast door Clintons oproep aan hun adres. De Amerikaanse president zei dat Vietnam zich open moet stellen voor democratie, meer respect moet tonen voor mensenrechten en de economie moet liberaliseren.

De Vietnamese bevolking toonde zich evenwel zeer enthousiast over het bezoek en juichte Clinton toe waar hij maar kwam. ,,Zoals men kan zien op straat, bestaat hier veel welwillendheid jegens Amerika'', zei Clinton.

Clinton is de eerste Amerikaanse president die Vietnam bezocht sinds 1969. De symbolische waarde van het bezoek werd zaterdag benadrukt, toen hij een rijstveld bezocht even buiten de Vietnamese hoofdstad Hanoi, waar gezocht wordt naar de stoffelijke resten van een in 1967 omgekomen Amerikaanse piloot. Clintons bezoek was er ook op gericht hulp van de Vietnamese overheid te krijgen bij dergelijke zoektochten naar vermiste soldaten. Hij was aanwezig bij een ceremonie waarbij de stoffelijke overblijfselen van drie MIA's (Missing in action) plechtig werden overgedragen, alvorens ze naar de VS werden gevlogen.

,,De jaren van vijandigheid zijn verleden tijd'', zei Clinton gisteren aan het eind van zijn bezoek in Ho Chi Minh stad, het economische centrum van Vietnam. ,,Vandaag de dag hebben we een gemeenschappelijk belang bij uw welzijn en vooruitgang.'' De president memoreerde dat de laatste tien jaar de Vietnamese export naar de rest van de wereld in omvang is verzesvoudigd. ,,U zult nog sneller groeien als de Vietnamese economie zich meer opent en wetgeving zich verder ontwikkelt.''

Het waren dergelijke opmerkingen die in verkeerde aarde vielen bij de machtigste man van Vietnam, Le Kha Phieu, secretaris-generaal van de Communistische Partij. Een geïrriteerde Phieu liet Clinton weten dat waar de Sovjet Unie is ingestort, communistisch Vietnam nog steeds bestaat. Clinton en Phieu voerden volgens de eerste een ,,aardig debatje'' over de huidige rol van de VS in de Vietnamese politiek. Phieu sprak daarbij vooral over de oorlog die beide landen ruim dertig jaar geleden voerden. De oorlog kostte aan naar schatting drie miljoen Vietnamezen en 58.000 Amerikanen het leven. De Vietnamese regering claimt dat nog eens twee miljoen Vietnamezen het slachtoffer zijn geworden van de ontbladeringsmiddelen die de Amerikanen gebruikten tijdens de oorlog.

Phieu zei Amerika als een land met imperialistische motieven te zien en voerde de oorlog aan om de VS te waarschuwen zich niet te veel in Vietnamese zaken te mengen.