Standbeeld

Job Komol verdient een standbeeld.

Het is in het macho-wereldje van de sport niet vanzelfsprekend dat een aankomend talent de buitenwacht op de hoogte brengt van een intieme kwaal. Met de openheid van de Vitesse-speler over zijn hiv-besmetting is een taboe doorbroken. En zoals wij allen weten: het wemelt van de taboes in het voetbal. Nog steeds worden we geacht in het sprookje te geloven dat voetballers per definitie hetero's zijn. Herenliefde is niet eens een onderwerp van gesprek, en al helemaal niet in de kleedkamer. We weten dat boksers hun vrouw slaan, van voetballers lees je zoiets nooit. Toch moeten ze er zijn, spelers die na een avondje stappen met het broodmes achter hun vrouw aanhollen.

Voetbal als de beste der werelden: de leugen regeert.

Het leven van de 18-jarige Komol moet de voorbije maanden een hel zijn geweest. Kom je uit Kameroen naar zo'n druilerig land als Nederland om de droom van een carrière waar te maken en dan loop je tegen een hiv-besmetting aan. Ik ken mensen met minder perspectief die de verleiding het ongeluk dood te zwijgen niet hadden kunnen weerstaan. Komol wist dat de infectie met 99 procent verminderd was en toch koos hij voor de openbaarheid. Gerelateerd aan zijn land van herkomst was dat zeker niet evident. Het behoort nog steeds tot de Afrikaanse politieke cultuur om hiv en aids te negeren. De algemene gedachte is dat aids een virus van het westen is.

Voor Magic Johnson was het misschien wel makkelijker te bekennen dat hij seropositief was dan voor Job Komol. Johnson was al een held, had alles gewonnen wat er te winnen is, zat in de nadagen van zijn schitterende carrière. Voor Komol moet het voetballeven nog beginnen. Hij zit nog in de fase van de investering. Het is intriest, maar zijn bekentenis legt hoe dan ook een hypotheek over zijn verdere loopbaan. In de sport heerst de terreur van het schoonheidsideaal. Het lichaam heeft een goddelijke status. Sporters moeten af zijn.

Voetballers dragen hun blessures mee. Ook al zit alles weer perfect op zijn plaats, een speler heeft het na een ingewikkelde beenbreuk een stuk moeilijker om de transfer te versieren die voor de blessure op zijn weg lag. Job Komol zal zijn voetbaldagen bij Vitesse moeten slijten. Het is weinig waarschijnlijk dat er nog een club komt die veel geld over heeft voor de jeugdspeler. Dat besef maakt zijn openhartigheid nog moediger.

Het siert Vitesse dat Job Komol weer gewoon mee mag trainen met de A-jeugd. Nog mooier zou zijn als de Kameroener over afzienbare tijd mag debuteren in het eerste elftal. Voor Ronald Koeman kan dat geen probleem zijn: de trainer van Vitesse is kleinzerig noch paniekerig. Spookverhalen over de overdracht van de hiv-besmetting na een wat ruig duel zijn aan hem niet besteed. Sterker nog, hij zou elke vorm van pleinvrees bij de groep wegranselen.

KNVB-bondsarts Han Inklaar was er als de kippen bij om een nummertje op te voeren rond de openheid van Komol. Hij hoopt dat er nu snel richtlijnen komen voor voetballers met een hiv-virus. Inklaar wil van de UEFA vernemen of een speler die seropositief is wel of geen speelverbod krijgt. De bonzen van de UEFA hebben in het lichaam van een mens niets te zoeken, meneer Inklaar. Dat uitgerekend een arts om een plaatsvervangend geweten vraagt, is het miserabilisme ten top. Nog dubieuzer is de overweging van Inklaar om alle spelers te onderwerpen aan een jaarlijkse controle op hiv. Het is een stigmatiserende suggestie. Waarom voetballers wel en asielzoekers niet?