REKENEN IN EEN VREEMDE OMGEVING

De patiëntjes van het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht worden gedegen afgeschermd voor de media. Daarom is Thomas (11) aangewezen als `voorlichter' voor de nieuwe webschool die eind september van start is gegaan. Vakkundig staat hij de pers te woord en laat hij zich fotograferen bij de computers. Ten tijde van de opening van de webschool lag Thomas in het ziekenhuis in verband met een niertransplantatie. Nu, zes weken later, is hij terug, met een virusinfectie. En ondanks email, webcam, het virtuele schoolplein en de gewone post, mist hij zijn klasgenootjes, vertelt hij.

Zieke kinderen raken snel achterop op school. ``Sommige sommen met onder elkaar aftrekken vond ik moeilijk als ik terug kwam op school', zegt Thomas. Medio jaren negentig werd voor het eerst onderzoek gedaan naar de onderwijsprestaties van dialysepatiëntjes. Hieruit bleek dat negen van tien in de leeftijd van vier tot achttien jaar kampt met een leerachterstand op school. Inmiddels is een grootschalig onderzoek gestart naar de gevolgen van behandeling van jonge kankerpatiënten, waarin ook leerprestaties aan bod komen. ``Het onderwijs ligt als het ware samen met dat kind in het ziekenhuisbed en moet je ook behandelen, vind ik', zegt voormalig kinderarts en initiatiefnemer van de webschool Jan van Gool. ``Het is ook goed om met schoolwerk door te gaan, want dat is voor een patiëntje toch een stukje veiligheid in een onveilige, vreemde omgeving.'

Het Wilhelmina Kinderziekenhuis was het eerste ziekenhuis waar in 1969 een ziekenhuisschool werd geopend. Dat fenomeen bestond dertig jaar lang, tot het in augustus 1999 door het ministerie van Onderwijs werd opgeheven. Toen werd de eigen school (de `thuisschool') verantwoordelijk voor de schoolprestaties van hun zieke leerlingen. Kinderen die in een streekziekenhuis terecht komen zijn sindsdien aangewezen op de inspanningen van hun eigen thuisschool en op ondersteuning door de plaatselijke Onderwijsbegeleidingsdienst. Academische ziekenhuizen beschikken nog wel over `Educatieve Voorzieningen' waar geen leraren meer werken maar `consulenten'. ``We hebben er hard voor moeten vechten dat deze consulenten ook les mochten geven', vertelt Berry Dekkers, coördinator van de Educatieve Voorziening in het Wilhelmina Kinderziekenhuis.

Het Wilhelmina Kinderziekenhuis beschikt over drie schoollokalen. Wie zich goed voelt gaat iedere dag zeker één uur naar school. Wie zich niet zo goed voelt kan toch huiswerk maken, want ieder ziek kind kan over een laptop beschikken, waarmee hij of zij ter plaatse kan inloggen bij de webschool. Er is zelfs de mogelijkheid om via een webcam videobeelden door te sturen. Voor kinderen die langdurig ziek zijn of geregeld terugkomen in het ziekenhuis wordt in samenspraak met de thuisschool een lesplan opgesteld. Hugo is vijftien. Hij leidt aan cystische fibrose (taaislijmziekte) en verblijft vier keer per jaar drie weken in het ziekenhuis. Vanmorgen heeft hij zijn tentamen Engels dat zijn moeder op diskette voor hem had meegebracht per email geretourneerd naar de leraar Engels van zijn thuisschool. Hugo vindt snelheid het grote voordeel van de webschool. ``Vroeger kreeg ik per post of via mijn moeder werk van school. Ik moest altijd lang wachten op antwoorden en meer werk en soms gebeurde er helemaal niks. Nu kan ik opdrachten naar mijn docenten mailen en krijg ik snel antwoord.' Hugo heeft een laptop bij zijn bed staan. Als hij klaar is met zijn huiswerk gaat hij chatten.

De webschool is volledig tot stand gekomen dankzij liefdadigheid en sponsoring. Kinderen van Utrechtse basisscholen brachten in een actie van het Utrechts Nieuwblad 300.000 gulden binnen. Lotus Development en IBM Nederland zijn de twee grootste sponsors. Dick Bruna tekende belangeloos de icoontjes voor de site.

De inhoud en vorm van de webschool, die direct te koppelen is aan het OC&W-project Kennisnet, zijn ontwikkeld in samenspraak met Prof. dr. Wim Veen, didactiek & Onderwijsontwikkeling aan de TU Delft en Prof. dr. Gellof Kanselaar, Capaciteitsgroep Onderwijs aan de Universiteit Utrecht. Het Freudenthal Instituut ontwierp belangeloos een speciaal ontworpen digitaal rekenprogramma voor basisschoolleerlingen dat boordevol oefenstof staat. ``Het is een soort remedial teaching', aldus Van Gool. ``Als je via school weet waar een kind moeite mee heeft, kun je daar direct op inhaken.' Eenzelfde speciaal programma wil Van Gool laten ontwikkelen voor taal. Nu is hij nog aangewezen op de programma's die uitgevers aanbieden. ``Die zijn veelal nog niet geschikt om op het netwerk te zetten, maar moeten op één computer geïnstalleerd worden. Als je het aan meer leerlingen wil aanbieden moet je dus meer programma's kopen.'

Wat Hugo mist op de webschool is een informaticaprogramma en Thomas zou wel een voetbalspel willen kunnen spelen, om zijn broertjes die thuis ``de hele dag achter de computer zitten' te kunnen verslaan. `Wij willen ook meer programma's gaan aanbieden, maar daarvoor ontbreekt nu de tijd', aldus Dekkers. De webschool is duidelijk nog `under construction'. De lijst van docenten die geraadpleegd kunnen worden door leerlingen moet nog flink worden uitgebreid, evenals de lijst met links waar leerlingen naar verwezen kunnen worden als zij met een vak bezig zijn. In de al aangelegde, korte lijst, verwijzen links naar `enge ziektes' maar ook naar `musea' en `televisie'. Vreemd is wel is dat nieuwsgierige leerlingen via de link 'de gehele Nederlandse dagbladpers bijeen' terechtkomen op de site van een van de sponsors van de webschool, die aan het midden- en kleinbedrijf een krantenlees-service aanbiedt.

Het doel dat Van Gool voor ogen heeft met zijn `school zonder muren' is niet een Wilhelmina Kinderziekenhuis Webschool, maar een algemeen toegankelijke virtuele school, voor kinderen die om wat voor reden dan ook (tijdelijk) niet naar een echte school kunnen. Niet voor niets is `De Rijdende School', waar kinderen van kermisexploitanten en circusartiesten les krijgen, zeer geïnteresseerd in deze vorm van teleleren. De webschool is vrij toegankelijk. Als een ander (academisch) ziekenhuis er gebruik van wil maken kan dat, mits in ruil een bijdrage in de loonkosten van de netwerkbeheerder wordt betaald.

Thomas is bezig met een rekenspelletje waarbij hij bij een uitkomst de juiste som moet aanklikken. `Zevenentwintig' laat de computer zien. Thomas peinst en piekert en probeert: 4x7, 8x3 en vindt uiteindelijk 3x9. Op de vraag of hij naar de webschool móet, ook als hij er geen zin in heeft, haalt hij zijn schouders op en kijkt vragend naar zijn docent Berry Dekkers. Die knikt. ``Als je te ziek bent hoef je natuurlijk niet, maar anders, ja, dan moet je, net als thuis.'