Psychisch leed zaak voor hof

Tegen de 57-jarige vader H.W. uit Eindhoven die door zijn dochter wordt beschuldigd van geestelijke mishandeling met ernstige gevolgen, is gisteren in hoger beroep zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf geëist. Het openbaar ministerie in Den Bosch acht `eenvoudige mishandeling' van zijn dochter en `opzettelijke benadeling' van haar gezondheid bewezen.

Eerder sprak de rechtbank in Den Bosch de vader vrij. Advocaat-generaal J. van Zon liet de beschuldiging `zware mishandeling' vallen uit de tenlastelegging.

Volgens de dochter heeft haar vader haar in haar jeugd jarenlang al of niet in het bijzijn van anderen uitgescholden en vernederd. Aan psychische terreur zou de dochter ernstige psycho-somatische klachten, pleinvrees, een paniekstoornis, een braakfobie en een persoonlijkheidsstoornis hebben overgehouden.

Volgens het OM bestaat een aantoonbaar verband tussen de vernederingen van de vader en de klachten van de dochter. De rechtbank had eerder twee onderzoeken laten verrichten naar de geestelijke gezondheid van de dochter en naar de verhoudingen binnen het gezin. Uit beide rapporten bleek dat de dochter door een complex geheel van biologische, psychische en sociale factoren psychische en lichamelijke schade had opgelopen.

Van Zon stelde dat misschien geen sprake is van een direct causaal verband, maar dat de gezondheidsproblemen `redelijkerwijs' kunnen worden toegerekend aan de gedragingen van de vader.

Raadsman J. van Dok, pleitte voor volledige vrijspraak van de verdachte, omdat een deel van de gepleegde feiten verjaard zou zijn.