LAGE DRUK VERGROOT DE KANS OP TROMBOSE BIJ LUCHTREIZIGERS

Urenlang stilzitten tijdens lange vliegreizen kan diepveneuze trombose veroorzaken: bloedstolsels die de aderen in de onderbenen afsluiten. Het risico is het grootst in de economy class, met zijn dramatische gebrek aan bewegingsvrijheid. Men spreekt ook wel van het economy class syndroom. Volgens Noorse onderzoekers speelt ook de atmosfeer in de drukcabines van passagiersvliegtuigen een rol. Daardoor treden biochemische veranderingen op, waardoor bloed makkelijker stolt (The Lancet, 11 nov).

Als iemand urenlang stilzit, hopen bloed en vocht zich op in de onderbenen. Die zwellen op, maar dat is meestal niet genoeg om problemen te veroorzaken. Na een uur of drie kunnen in de aderen bloedklonters ontstaan. Als die de ader afsluiten ontstaat pijn aan voeten en enkels. Losrakende stukjes stolsel kunnen longembolie of een hartinfarct veroorzaken en zijn dus levensgevaarlijk. Jaarlijks krijgt ongeveer één op de duizend personen diepveneuze trombose. Luchtreizigers kunnen de kans hierop aanzienlijk verkleinen door regelmatig de benen te bewegen en veel te drinken (maar geen alcohol). Drinken en ook wat eten verminderen overigens ook de kans op andere medische complicaties tijdens een vliegreis, zoals een hartinfarct en flauwvallen. Dit meldden Japanse onderzoekers woensdag.

Waar nog geen duidelijkheid over was, is of langdurig stilzitten aanleiding tot of oorzaak van diepveneuze trombose is. Onderzoekers van de Ullevål universiteit in Oslo lieten daarom twintig gezonde vrijwilligers acht tot zestien uur doorbrengen in een ruime, comfortabel ingerichte drukcabine. Daarin werd de atmosfeer in de drukcabine van een vliegtuig nagebootst: een luchtdruk van 76 kPa bij een temperatuur van 20 tot 22˚ C. Ze konden er hun normale bezigheden uitvoeren, echter zonder veel lichamelijke activiteit. Op gezette tijden werd hun bloed geprikt en onderzocht op de aanwezigheid, c.q. activiteit van eiwitten die bij het stollingsproces betrokken zijn. Daarin traden verschuivingen op die als netto-effect hadden dat het bloed makkelijker stolt. Dat effect was alleen aan de lage luchtdruk en de daarmee samenhangende lage zuurstofspanning te wijten. De proefpersonen hoefden immers niet per se stil te zitten. Ook de lage vochtigheid van de vliegtuigatmosfeer speelde in dit experiment geen rol. De gemeten verschuivingen zijn klinisch relevant, vooral voor mensen met trombose die er misschien goed aan doen om vóór de vlucht een bloedverdunnend middel te nemen, schrijven de Noren voorzichtig.

The Lancet publiceerde 28 oktober ook al een artikel over vliegtuigtrombose. Daarin beschreven artsen uit Amsterdam en Padua een onderzoek onder 788 trombosepatiënten en een even grote controlegroep. Ze vonden daarin geen verband tussen trombose en de (vlieg)reizen die deze mensen in de vier weken vóór het onderzoek maakten. Omdat trombose bij één op de duizend personen per jaar ontstaat en vliegtuigtrombose nog veel zeldzamer is, lijkt de onderzochte groep echter veel te klein voor deze conclusie.