Europese grondwet 2

Het ontwerp vertoont een ernstige lacune met name waar het niets vermeldt omtrent de rechten van de burger op het gebruik van materiële en immateriële goederen (bijvoorbeeld grondstoffen en gebruiks- en kapitaalgoederen), dit in relatie tot onder meer medeburgers, organisaties, bedrijven en overheden.

Dit onderwerp vereist een apart hoofdstuk waarin wordt vastgelegd dat:

1. Iedere burger het recht heeft zich een inkomen te verwerven ten behoeve van zichzelf en de zijnen, hetzij door zelf onafhankelijk enige activiteit te ondernemen, hetzij door deel te nemen aan werkzaamheden in ondernemingen of instellingen van derden.

2. Iedere burger het recht heeft zich de daavoor benodigde goederen toe te eigenen, dit naar eigen keuze en met inachtneming van de rechten van derden en de beperkingen die het handhaven van een goed milieu en het voortbestaan van een – zo mogelijk duurzame samenleving meebrengen.

3. Iedere burger het recht heeft op een aandeel in de producten van zijn werk danwel in de opbrengst daarvan. Voorts heeft iedereen recht op een aandeel in de door zijn werk ontstane besparingen, en op een vrije keus bij de besteding daarvan.