Journalistiek

Paniek in de journalistiek.

Het rijmt en het is nog niet eens helemaal onjuist. Paniek. Mooi, krachtig woord. Het rijmt trouwens ook op ziek, en ook dat klopt wel enigszins.

Waar je tegenwoordig in journalistieke kringen ook komt, de discussie gaat over de bange toekomst van de kranten. Hoe houden we de lezers vast? Moeten we ons meer richten op jongeren en de oudjes aan hun toch al zo tragische lot overlaten? Hoe reageren we op de nieuwe media, internet voorop? Kunnen we er commercieel mee in zee gaan, zonder vuile handen te maken?

Op de radio, in het programma Weldenkende mensen, debatteerden deze week een aantal hoofdredacteuren en ex-hoofdredacteuren. Aan het slot werd aan Hubert Smeets, ex-adjunct-hoofdredacteur van NRC Handelsblad, de vraag gesteld of hij verwachtte dat er kranten binnen PCM Uitgevers zouden verdwijnen. ,,Het Parool en Trouw'', antwoordde hij. Ben Knapen, ex-hoofdredacteur NRC Handelsblad en lid van de Raad van Bestuur van PCM, had aan het begin nog gezegd ,,dat wij helemaal niet zo somber zijn over de toekomst van Het Parool.''

Smeets kon dat kennelijk moeilijk geloven. Ik had er ook moeite mee na het recente, onheilspellende interview met Matthijs van Nieuwkerk, de kersverse ex-hoofdredacteur van Het Parool, in de Volkskrant. Het sombere onderhoud met PCM-topman Smaling dat Van Nieuwkerk daarin beschrijft, spreekt boekdelen.

Van Nieuwkerk wilde met allerlei nieuwe plannen aan de slag. ,,Maar Smaling antwoordde met een exposé over de ontwikkelingen van de economie sinds de jaren zestig, waarin je ziet dat alle bedrijven elkaar opzoeken: hij begon over schaalvergroting, zei dat er wel eens wat titels afvielen. Over Het Parool sprak hij per ongeluk tot twee keer toe in de voltooid verleden tijd. In nieuwe plannen geloofde hij niet meer. Ik dacht: wanneer wordt dit een echt gesprek?''

In het debat kreeg Knapen de vraag hoeveel PCM investeert in de plannen voor internet. ,,Enkele tientallen miljoenen'', zei hij. Maar, voegde hij eraan toe, deze investering zal niet ten koste van de kranten gaan.

Opnieuw voelde ik me niet helemaal gerustgesteld. ,,Enkele tientallen miljoenen''! Het is meer dan ik dit jaar aan salarisverhoging kan verwachten, maar daar nog van afgezien: hoeveel rendement zal het opleveren? Geen sterveling die het bij benadering weet. ,,Wanneer moet die investering terugverdiend zijn?'' vroeg men aan Knapen. ,,Weet ik niet, geen idee'', zei hij. Ik moest even denken aan een vriend, die stevig investeerde (,,enkele tienduizenden guldens'') in internet-aandelen en nu elke dag knarsetandend de beurspagina's van zich afwerpt.

Laten we vooral luisteren naar Harry Lockefeer, ex-hoofdredacteur van de Volkskrant. Eerst zette hij zich even af tegen zijn vroegere krant met haar `jongerenvirus'. Toen hield hij een warm pleidooi voor `een fantastische nieuwskrant'. Als je dat als je kerntaak blijft beschouwen, kom je er vanzelf, zei hij. Het leek me een waarheid als een krant, een goede krant.