Arafat verbiedt schieten vanuit Palestijns gebied

De Palestijnse leider, Yasser Arafat, heeft vanochtend bevestigd dat hij ,,een duidelijk bevel'' heeft gegeven om ,,iedere Palestijn te verhinderen'' vanuit gebied onder volledige Palestijnse controle op Israëlische doelen te schieten.

De bekendmaking door Arafat, die de afgelopen weken zelden publieke oproepen heeft gelanceerd om het geweld aan Palestijnse kant te verminderen, volgde op berichten in de Israëlische pers over Israëlische bereidheid om 2.000 ongewapende VN-waarnemers in bezet gebied te stationeren, wat tot dusverre onbespreekbaar was. In Jeruzalem werden deze berichten ook officieel tegengesproken. De krant Ma'ariv meldde echter vanmorgen dat premier Barak zich bij deze Palestijnse eis heeft neergelegd om Arafat in staat te stellen om met een succes op zak met Israël te onderhandelen over een staakt-het-vuren. Een Palestijnse woordvoerder zei gisteren dat de komst van VN-waarnemers voor Arafat aanleiding kon zijn de Palestijnen op te roepen de intifadah te stoppen.

De Israëlische minister van Justitie, Jossi Beilin, zei gisteren dat een overeenkomst tussen Israël en de Palestijnen nabij is. Dat kan een aanwijzing zijn dat er in het geheim tussen Israëliërs en Palestijnen wordt onderhandeld, een techniek waarin Beilin zich meester heeft getoond tijdens het geheime overleg dat in 1993 tot het akkoord van Oslo leidde en een einde maakte aan de eerste intifada.

Arafat zelf zei gisteren na een gesprek met de Amerikaanse bemiddelaar Dennis Ross te hopen dat er alsnog ten tijde van het presidentschap van Bill Clinton vrede tussen Israël en de Palestijnen kan worden gesloten. Premier Barak heeft die hoop ook nog niet opgegeven. Dat is volgens ministers en de oppositie de reden van wat ze als ,,de ingehouden politiek'' tegen de Palestijnen omschrijven.

Volgens de Israëlische media heeft Barak besloten de aanvoer van benzine naar de Palestijnse gebieden te beperken en andere economische sancties aan de Palestijnen op te leggen als drukmiddel om de intifada te beëindigen.

Leidende Israëlische schrijvers en bekende persoonlijkheden roepen vandaag in een grote advertenties in de bladen Israël op een einde te maken aan de bezetting van de gebieden die in 1967 werden veroverd. Amos Oz, David Grossman, Natan Zach, Samech Izhar, A.B. Jehoshua, David Kimche (ex-directeur van het ministerie van Buitenlandse Zaken), Shlomo Gazit (ex-hoofd militaire inlichtingendienst) en anderen hebben hun handtekening gezet onder een verklaring waarin staat dat ,,uitsluitend het einde van de bezetting beide volken (Israëliërs en Palestijnen) in staat stelt een normaal leven te leiden''. ,,De militaire zege in 1967 (op Egypte, Jordanië en Syrië) wordt een ramp als we de territoriale veroveringen niet weten om te zetten in wederzijdse erkenning en vrede'', is een van de sleutelzinnen uit de advertentie.

De ondertekenaars zeggen dat de Palestijnen vrede met Israël aanvaarden op basis van de bestandslijnen van 1967 en dat de Palestijnen zich ook neerleggen bij de stichting van een Palestijnse staat zonder zware wapens. Zij wijzen erop dat de aanvaarding van de heiligheid van het principe van joodse kolonisatie in bezet gebied de stichting van een leefbare Palestijnse staat in de weg staat. ,,Tien miljoen Israëliërs en Palestijnen mogen niet worden gegijzeld door de nederzettingen'', aldus de verklaring, volgens welke onder premier Ehud Barak meer is geïnvesteerd in versterking en uitbreiding van de nederzettingen dan onder Likud-premier Netanyahu.