Rechte lijn en etnische kleur

Een Engelsman met een rood hoofd zit op een grote zak met geld, om hem heen, als haaien rond een drenkeling, varen duikboten. In de Balkan worden twee Serviërs door een Oostenrijkse soldaat met de koppen tegen elkaar geslagen. In Frankrijk staat een hobbelpaard en Rusland is een grote, dronken boer. Deze karikaturen van de vijanden van Duitsland en Oostenrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog staan op een Duitse landkaart van Europa uit 1915.

De `karikatuurkaart' is te zien op de tentoonstelling `Strijd om de ruimte in kaart' in de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam. Hij siert ook de kaft van de bijbehorende catalogus. De expositie omvat drie thema's: strijd om de stad, strijd om grondgebied en strijd om water. De karikatuurkaart valt onder het thema `strijd om het grondgebied'. De kaart is des te interessanter in het licht van de latere gebeurtenissen. Op de kaart is te zien dat voor de Duitse kaartenmakers de Grote Oorlog nog verkeerde in de fase van de `Frische, Fröhliche Krieg'. De Somme en Verdun moesten het begrip zinloze massaslachting nog gestalte geven.

Ook andere kaarten vragen de aandacht van de bezoeker. De `etnische kaart van Zuidoost Europa 1989-1992' bijvoorbeeld. Het is alsof verfbommetjes op de Balkan zijn gevallen en uiteengespat. Naast grote klodders liggen ontelbare verfspatten, iedere spat in een ander kleurgebied. Met wel dertig kleurtjes is aangegeven hoe de bevolkingsgroepen over de Balkan waren verdeeld. Nu weten we hoe kwetsbaar die verfspatten waren en dat het niet bij koppen tegen elkaar slaan is gebleven.

Legt de `Etnische kaart van Zuidoost Europa 1989-1992' de kern van de onrust op de Balkan bloot, iets dergelijks geldt voor een kaart van George Murdock, `The real Africa'. Kleine, met potlood ingekleurde cirkels staan voor vierhonderd verschillende volkeren, die zich zo te zien niets van grenzen aantrekken. De kaarsrechte grenslijnen die dwars door Afrika zijn getrokken ogen lachwekkend arbitrair.

Het begrip `strijd' dat op de tentoonstelling wordt gehanteerd, werkt enigszins verwarrend. Dat strijd om grondgebied oorlog betekent, is duidelijk. De bezoeker moet bij strijd om de stad echter niet denken aan burgeroorlog of volksoproer. `Strijd' als metafoor verwijst op de tentoonstelling naar sociale integratie en segregatie en eigenlijk alle gedragingen van individuen, bevolkingsgroepen en bedrijven binnen een stad. Bij `strijd om de stad' worden twee begrippen gehanteerd: `redlining' en `gated communities'. Redlining is het stigmatiseren van bepaalde woonwijken. Wanneer buurten `achteruit' gaan, wordt het voor de bewoners ervan steeds moeilijker een hypotheek af te sluiten. Banken weigeren potentiële kopers van huizen in gemarkeerde gebieden leningen te verstrekken. Op een kaart uit 1937 zijn dergelijke, rood gekleurde gebieden in Baltimore te zien. Deze praktijk werd in de VS in 1975 verboden. In Nederland zorgde het fenomeen in 1998 nog voor opschudding. Dagblad Trouw kopte toen ,,Kaart banken extra nekslag arme wijken''. Helaas is het de organisatoren niet gelukt deze kaart in de tentoonstelling te krijgen.

Wie in een `gated community' woont, zal niet snel van banken een negatief predikaat opgeplakt krijgen. Dit zijn woongemeenschappen die zich tegen criminaliteit verdedigen met prikkeldraad en particuliere bewaking – een verschijnsel dat ook in Nederland in toenemende mate voorkomt.

De strijd om het water is net zo'n onduidelijk etiket als die van de strijd om de stad. Maar wie het computerprogramma van een overstroming uit de negentiende eeuw van het Land van Maas en Waal ziet, zal dat niet licht vergeten. Op een scherm kun je het hele verloop van de overstroming uit 1805 volgen: eerst twee rustig stromende rivieren, dan de stijging van het water, tot de rivier over de dijken stroomt en zijn weg zoekt naar alle lager gelegen stukken grond.

Dat `Strijd om de ruimte in kaart' soms een overkill biedt aan zeer diverse informatie, komt waarschijnlijk doordat de expositie is ingericht als toelichting op het congres Geografie 2000, dat begin november in Amsterdam is gehouden. Maar ook zonder dat congres is de tentoonstelling de moeite waard. Al was het maar voor die paar kaarten die de bezoeker verleiden om met de neus op het glas naar allerlei details te zoeken.

Strijd om de ruimte in kaart, Universiteitsbibliotheek Amsterdam, Singel 425, Amsterdam.

Catalogus ƒ32,50. T/m 20 dec, ma t/m vr 11-17u.

Toegang gratis. Inl 020- 5252354.