Kamer tegen veel sponsors in onderwijs

Het plan van minister Hermans (Onderwijs) om in het onderwijs ruim baan te geven aan sponsoring en vrijwillige ouderbijdragen, stuit op bezwaren van een meerderheid in de Tweede Kamer.

Dat bleek gisteren bij de behandeling van de onderwijsbegroting in de Tweede Kamer. Volgens de Kamerleden zou de rijksbijdrage voor de scholen zodanig moeten worden verhoogd dat extra geld uit andere bronnen niet nodig is.

Hermans wil ouders die willen investeren in het onderwijs van hun kinderen, niet tegenhouden. Wel stelde hij dat de overheid verantwoordelijk is voor kwalitatief hoogwaardig onderwijs en dat vrijwillige bijdragen bedoeld zijn voor extraatjes. ,,De bekostiging behoort honderd procent te zijn. Maar er zullen altijd wensen overblijven die dan met geld van ouders of met sponsorgeld in vervulling kunnen gaan'', aldus Hermans.

Het Kamerlid Rabbae (GroenLinks) zei dat ouders zich gedwongen voelen geld te geven wegens de armoede die ze zien op school. ,,Als alles er pico bello uitziet, gaan ze echt niet extra betalen.''

De Kamer vreesde dat met die vrijwillige ouderbijdrage voor het onderwijs gaten worden gevuld die de overheid laat vallen.

PvdA, CDA, D66, SP en GroenLinks zijn bang voor een tweedeling als ouderbijdragen een al te nadrukkelijke rol gaan spelen. Volgens het Kamerlid Dijksma (PvdA) kunnen ouderbijdragen – die officieel vrijwillig zijn, maar vaak door ouders niet als zodanig worden ervaren – een oneigenlijk selectiemiddel gaan vormen.

De Kamer struikelde ook over het voornemen van Hermans om de bachelor/master-structuur in te voeren in het hoger onderwijs zonder daar extra geld voor vrij te maken. Hermans benadrukte dat het in het nieuwe model niet alleen gaat om de invoering van andere titels. Ook onderwijsinhoudelijk moet de nieuwe structuur worden aangepast. Het Kamerlid Van Bommel (SP): ,,Een dergelijke operatie kan toch nooit budgettair neutraal?'' Hermans bleef vaag: ,,Dat weet ik niet, laten we eerst eens afwachten.''

Dijksma (PvdA) kon zich niet vinden in het voornemen van de minister om universitaire masteropleidingen wel te bekostigen, en hbo-masteropleidingen niet. Volgens Hermans is er echter niets nieuws onder de zon. Hbobachelor (na vier jaar hbo) is een volwaardig diploma. Een universitair bachelor (na drie jaar universiteit) daarentegen is een `tussenmoment'. Deze studenten moeten volgens hem gestimuleerd worden een masteropleiding te volgen. Net als nu wil Hermans de universitaire opleiding volledig bekostigen.