Haitink op dreef in zorgeloos concert

Bernard Haitink, sinds vorig jaar de eredirigent van het Koninklijk Concertgebouworkest, is twee weken terug in Amsterdam en zijn eerste optreden werd gisteravond juichend ontvangen door een overvolle Grote Zaal, waar naast de pauken nog vele stoelen waren bijgezet. Haitink oogde bijzonder opgeruimd en was zeer op dreef in een zorgeloos prachtprogramma met alleen maar aangename, ongecompliceerde muziek van Bizet, Debussy en Beethoven.

Voor wie het tijdens het genieten wilde opmerken, is het nog drie keer herhaalde programma ook hecht gestructureerd. Bizets Symfonie in C (gechoreografeerd door Balanchine), waarmee het concert opent, is even dansant als Beethovens Zevende symfonie (gechoreografeerd door Van Schayk), na de pauze uitgevoerd. En als men die stukken beide als stralend en zonnig kwalificeert, dan zijn daartussen de Danse sacrée en de Danse profane van Debussy zwoele nachtmuzieken, prachtig gespeeld door de harpiste Sarah O'Brien, een soliste uit de orkestgelederen.

De Symfonie in C was in 1855 het huiswerk van de nog maar net 17-jarige Bizet, die de toenmalige stand van zaken op symfonisch gebied treffend samenvatte in een partituur die pas in 1935 voor het eerst tot uitvoering kwam. Wat de ontzagwekkende Beethoven en de briljante Mendelssohn in Wenen en Duitsland konden in een opgewekte klassieke symfonie, leek een paar decennia later al bijna kinderspel voor een Franse adolescent. Als Bizet was doorgegaan, zou het klassieke symfonie-loze tijdperk tussen de Vierde van Schumann (1850) en de Eerste van Brahms (1876) nooit hebben bestaan en was Frankrijk wellicht ook een symfonisch land geworden.

Haitink liet Bizet met veel effecten in kleur en dynamiek spits en flitsend sprankelen, met het Adagio als een lome zuidelijke schildering van het heetst van de dag, hèt moment voor een soort Spaanse statige en souvereine dans, net onder de oppervlakte vol opgekropt temperament.

Hoezeer ook Bizet geïnspireerd kan zijn door Beethovens Zevende, in dat laatste werk kwam Haitink tot een gedenkwaardige uitvoering die daarmee toch sterk contrasteerde. De oude meester Beethoven is wel degelijk een klasse apart, zijn invulling van het symfonische concept is superieur, zijn muziek is van een andere orde.

Haitinks genereuze versie van de Zevende met zijn verbluffend onstuimige uitstraling, is Beethoven op zijn Sturmst und Drangst, martiaal en monumentaal, waarbij de pauken pilaren plaatsen onder het fries van welvende muziek, bekroond door een timpaan met onstuitbaar uitbrekende zwier.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Bernard Haitink m.m.v. Sarah O'Brien, harp. Gehoord: 15/11 Concertgebouw Amsterdam. Herh.: 16, 17, 19/11. Radio 4: 19/11 14.15 uur.