Gore en Bush spelen president

Hun advocaten leveren slag, maar Gore en Bush proberen de publieke opinie het hof te maken.

De presidentskandidaten ontrolden gisteravond weer eens de Amerikaanse vlaggen die zij altijd bij de hand schijnen te hebben. Eerst nam vice-president Al Gore het woord in zijn ambtshuiskamer. Naast zo'n vlag. Daarna liet de gouverneur van Texas zich in anderhalf uur uit zijn ranch bij Waco naar zijn ambtshuiskamer in Austin rijden. Om de natie ook te vragen of hij gelijk had. Naast zo'n vlag.

Presidentskandidaten in blessuretijd zijn een vreemd gezicht. De campagne is voorbij, het presidentschap niet toegekend. Bush liep na de gemankeerde verkiezingsnacht dagen met een pleister op zijn gezicht over zijn landerijen. Zogenaamd confererend met zijn toekomstige kabinetsleden. De talkshow-meesters besteedden er vrolijke momenten aan.

Gore had het verwijt gekregen dat hij een slechte verliezer was. Omdat de media Bush twee uur tot winnaar hadden gekroond. Terug in Washington balde hij wat voor de camera's met de kinderen, als in een Brinta-reclame. Een paar dagen geleden liep hij een keer quasi nonchalant op de microfoons af die in de oprijlaan van het Witte Huis permanent open staan. En gisteren koos hij zijn vice-presidentiële suite, met een zwaardere gouden spiegellijst dan in Austin.

En steeds maar bakten zij zoete broodjes voor `the court of public opinion' zoals dat in het Amerikaanse woordgebruik van deze dagen heet. Met gebaren die nog steeds te los zijn om natuurlijk te lijken, biedt Gore aan de uitslag te zullen respecteren, als alle stemmen zijn geteld. Bush staat steeds, net als in de presidentiële debatten, als een verkleumde nachtbraker de camera in te kijken, terwijl hij probeert zich zijn tekst te herinneren.

De `surrogates', de helpers, zijn heel wat levendiger. De voorlichtingswaakhond van Bush, Karen Hughes, ex-tv-presentator en dochter van de laatste commandant van de Panama Kanaalzone, vertelde eergisteren vrolijk dat de gouverneur weer druk bezig was geweest met Texaanse zaken: hij had met medewerkers gesproken over het milieu, een komende executie, en had vooral genoten van de landelijke rust. In die volgorde.

Voor Gore traden steeds de geslepen oud-minister van Buitenlandse Zaken Warren Christopher op, en William Daley, de zoon van de grootste politieke `boss' uit de Amerikaanse geschiedenis, Richard Daley uit Chicago. [Vervolg BLESSURETIJD: pagina 5]

BLESSURETIJD

VS geen bananenrepubliek

[Vervolg van pagina 1] Sinds twee dagen is een nieuwe ster aan het Gore-firmament actief. Het is een wat ogenschijnlijk verlegen, in P&C-pakken gestoken advocaat, David Boies. Zijn reputatie is hem vooruit gereisd: hij heeft namens de Amerikaanse regering Microsoft aangepakt in de antitrustzaak. Alle advocaten zwijgen als hij kucht. Als Gore het nog wint, kan Bill Gates, die internet ook niet heeft uitgevonden, uitleggen waarom.

Terwijl de kandidaten er in hun padvinderspraatjes steeds voor pleiten deze kleine rimpel prettig en waardig te effenen, en toch vooral aan Amerika te denken, bijten oud-minister James Baker III, namens Bush, en Daley, namens Gore, steeds cynischer van zich af. Soms houdt de een het een dag vriendelijk, soms lukt het de ander een paar uur. Maar senator Phill Gramm (Texas) zei gisteravond wat veel Republikeinen denken over Al Gore: ,,Miloševic wilde ook maar steeds de stemmen blijven tellen.''

De onmiskenbare Koningin van de Nacht in het presidentiële drama is sinds een paar dagen de ambtelijke rechterhand van gouverneur Jeb Bush, de `secretary of state' van Florida Katherine Harris. Zij was vice-voorzitter van de Bush-campagne in Florida en hoopt op een Senaatszetel in 2002. Een progressieve Harvard-jurist, Alan Dershovitz, die graag opduikt waar de camera's zijn, noemde haar een `oplichter', die doet wat George W. Bush van haar verlangt: ,,De bolsjewieken zouden er trots op zijn.'' CNN draaide hem geschrokken weg.

Katherine Harris slaagt er steeds in op hoge toon verwarring te zaaien als de situatie dreigt enigszins overzichtelijk te worden. Eerst hebben de goedige amateurs in de stembureaus met veel democratisch debat vastgesteld hoe ver een rondje uit het stembiljet mag hangen voordat het de wil van de kiezer uitdrukt, en dan decreteert zij dat alle stemresultaten de volgende dag moeten zijn ingeleverd. Onhaalbaar voor wie 480.000 stemmen tegen het licht moet houden.

Als de stembureaus niet onmiddellijk door de knieën gaan roept zij de federale rechter te hulp. En de staatsrechter. En als beiden haar niet of ten dele ter wille zijn, en zij te horen krijgt dat zij die nagekomen stemmen niet zomaar kan negeren, dan doet zij precies dat. Een vrouw met durf. Zij mag van haar advocaten alleen voorlezen van papier, en geen vragen beantwoorden, maar Bush kan haar dankbaar zijn.

Even pijnlijk is het om dezer dagen te kijken naar buitenlandse correspondenten die op de Amerikaanse tv durven te praten over een bananenrepubliek. Het wekt een unanieme verontwaardiging bij Amerikanen. Zelfs als zij toegeven dat hun stemapparatuur nogal verouderd is, veertig procent van de kiesdistricten gebruikt optische scanners, de rest werkt met prikkaarten en machines met grote hefbomen of gewoon papier.

Er staan geen tanks op straat in West Palm Beach. Iedere stem op Ralph Nader kostte de vice-president een beetje meer van zijn overwinning, zonder dat het tot arrestaties heeft geleid. Niemand zegt dat er op grote schaal met stembiljetten is geknoeid.

Het gebruik van die onbetrouwbare en weinig uniforme stemsystemen komt niet voort uit politiek bederf, verzekert Howard Gillman, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Californië in Los Angeles. ,,De staten geven de bevoegdheid om het stemproces te organiseren aan de counties. Die hebben – tot dit jaar misschien – geen prikkel om te moderniseren. Lokale bestuurders verwachten weinig extra stemmen bij volgende verkiezingen als zij een nieuwe stemmachine hebben gekocht. Extra politie op straat levert meer stemmen op. Bovendien: die prikkaarten met al hun gebreken komen het meest voor in stedelijke gebieden. Je zou kunnen denken dat slimme politici het stemmen daar wilden tegengaan. Maar wat is het belang van vaak Democratische politici om in zwaar Democratische wijken duizenden stemmen te verliezen?''

HARD GEVECHT: pagina 5

DOSSIER: www.nrc.nl