Geen uitsluitsel via DNA bij moord

De verdachte uit Vlaardingen die sinds begin september in voorlopige hechtenis zit op verdenking van moord op de 11-jarige Nienke Kleiss uit Schiedam, kan voorlopig op grond van DNA-onderzoek niet worden aangewezen als de dader.

Dit is vanmorgen bevestigd door het Rotterdams openbaar ministerie. Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) in Rijswijk onderzocht 70 items op de aanwezigheid van DNA-materiaal, maar trof onvoldoende sporen aan om een profiel te kunnen samenstellen waarvan met zekerheid is te zeggen dat het gelijk is aan het DNA-profiel van de verdachte. Wel is in nagelvuil van het meisje DNA-materiaal aangetroffen van een nog onbekende man.

Gisteren heeft de Rotterdamse rechtbank de voorlopige hechtenis van de hoofdverdachte met 30 dagen verlengd. Persofficier C. de Kimpe zegt desgevraagd dat het ontbreken van DNA-bewijs ,,alleen het ontbreken van extra bewijs'' is. ,,De verdachte is dan ook niet aangehouden op basis van een DNA-match maar op grond van andere aanwijzingen.'' Volgens De Kimpe kan het nagelvuil ,,van iedereen'' zijn, ,,ook van iemand die het meisje een hand heeft gegeven''.

Nienke Kleiss liep op 22 juni met een vriendje door het Beatrixpark in Schiedam, toen zij door de dader de bosjes in werden getrokken. Het jongetje wist te ontkomen. Nadat hij in shock in het ziekenhuis was opgenomen, heeft hij kunnen helpen bij het vinden van de verdachte.