Een beter leven zoeken in een soap

Eigenlijk had Betty beter Dotty kunnen heten, want Neil LaBute laat er geen twijfel over bestaan dat zij als een moderne erfgename van Dorothy uit The Wizard of Oz de staatsgrens van Kansas passeert om in een wonderlijke wereld terecht te komen. Geen technicolor sprookjeslandschap, maar een soap in cinemascope is haar decor. Betty weet ten gevolge van een posttraumatisch stress-syndroom nog maar één ding zeker. Niet Betty de serveerster is zij, met een luizig leven en een verachtelijke man, maar Nurse Betty, de verloren gewaande verloofde van soapdokter David Ravell. Dus op naar Hollywood voor een happy end.

In zijn derde speelfilm kiest toneelschrijver en filmmaker Neil LaBute na de grimmige ontrafeling van man-vrouw-verhoudingen in In the Company of Men (1997) en Your Friends & Neighbours (1998) voor een intelligente genremix tussen komische soapverdwazing en actiethriller. Betty is verliefd op haar televisiedokter, wiens laatste woorden voordat zij na getuige te zijn geweest van een bloedige moord haar greep op de werkelijkheid kwijtraakte als een mantra voor zich uit fluistert: ,,I know there's someone special out there for me.'' En terwijl zij haar droomdokter najaagt, wordt ze zonder het zelf te weten achtervolgd door twee criminelen, van wie de een (Morgan Freeman) terwijl hij haar zoekt verliefd op haar wordt. De bizarre parallel tussen die beide fantasieliefdes maakt van Nurse Betty net iets meer dan een vrolijke komedie over een simpel meisje wier denk- en gevoelswereld door een soap geabsorbeerd is. Renée Zellweger (Me, Myself and Irene) speelt haar opgeruimd als een Doris Day met een zuurbal in haar mond, met een tuitmondje dat wil sputteren, kussen of trillend snikken. Als een soapmeisje en een soapkijkster tegelijkertijd, en voldoende doorzichtig om op haar zeepbeldromen al je eigen verlangens weerspiegeld te zien.

Nurse Betty heeft geen verrassingen en geen clichés achter de hand. Het is geen The Truman Show waarin Jim Carrey pijnlijk moest ontdekken dat zijn wereld maar schijn was. Het verfrissende van het script van Nurse Betty, waarvoor scenaristen John C. Richards en James Flamberg eerder dit jaar op het Filmfestival Cannes een prijs ontvingen, zit in de onverwachte manier waarop alle soap-obstakels door elkaar gehusseld zijn en tegendraads worden gepresenteerd. Natuurlijk gelooft niemand Betty, maar zij is wel een stuk redelijker dan iedereen om haar heen. En omdat zij zonder al teveel problemen tot diep in het hart van haar favoriete serie weet door te dringen, wordt je subtiel op haar hand gebracht.

In tegenstelling tot de meeste films die over de scheiding tussen fictie en werkelijkheid worden gemaakt, moraliseert LaBute nauwelijks. Er is niet een betere wereld, hoogstens een beter leven en het is niet verwonderlijk dat je dat in zijn optiek het beste kunt leven als je weet wie je bent. Daarmee plaatst hij Nurse Betty in een aloude romantische traditie van coming-of-age-films, waarvan The Wizard of Oz inderdaad een van de eersten was. Maar LaBute behoedt de toeschouwer voor dweepzucht of ironie. Het enige waarmee de draak wordt gestoken is, dankzij talloze verbale spitsvondigheden en grapjes over acteren, de sluimerende en oh zo soapy onrust over hoe dit allemaal moet aflopen.

Nurse Betty. Regie: Neil LaBute. Met Renée Zellweger, Morgan Freeman, Chris Rock, Greg Kinnear, Aaron Eckhart. In: 20 theaters.