`BSE-psychose berust op louter irrationaliteit'

Na de emotionele oproep van vorige week van de Franse president Chirac kon diens premier en tevens politieke rivaal bij de volgende presidentsverkiezingen geen kant meer op: gisteren kondigde Jospin drastische maatregelen aan rondom de gekkekoeienziekte BSE. Tot grote ergernis van de boeren en vleesinspecteurs.

Met een scherp mes krabt Josiane de binnenkant van het oor van het kadaver schoon. Voor haar hangen zes zojuist gedode koeien, enorme blonde charolaises, met doorgesneden halsaders, de tongen uit hun bek. Daarlangs druipt hun bloed in een stalen bak, waar weëe dampen uit opstijgen.

In de computer registreert Josiane de nummers van de in beide oren aangebrachte identificatieplaatjes, evenals het in de binnenkant van een van de twee oren getatoeëerde nummer en het slachtnummer van de koe. Ten slotte kraakt ze met een reusachtige, hydraulische schaar de hoorns van de kop, waarna het aan één poot aan een vleeshaak hangende koeienlijk langzaam naar haar collega's zweeft, voor verdere verwerking.

Zoals iedereen die via een desinfecterende ,,wasstraat'' het slachthuis heeft betreden, is ze van top tot teen gehuld in een wit astronautenpak: alleen haar gezicht is zichtbaar.

Het abattoir in Villers Bocage, in het Normandische Calvados, is één van de vier slachthuizen van Soviba, eigendom van de groep CANA, de grootste landbouwcoöperatie van Frankrijk. Het 28.000 vierkante meter grote complex is volgens directeur Philippe Garrachon volledig ingericht op twee onwrikbare prioriteiten: hygiëne en de mogelijkheid tot identificatie van het product, ,,tot op het bord van de consument toe''.

Met het oog op de laatste prioriteit worden de met plastic zakjes omhulde oren van de runderen pas vlak voor het in stukken snijden van de kadavers van de koppen verwijderd en vervangen door computer-doopcelen die op ieder onderdeel van de koe geplakt worden. Aan het einde van de produktielijn liggen de biefstukken, de T-bonesteaks, de lendenstukken, de lever en alle andere voor consumptie geschikte onderdelen van één en hetzelfde dier gebroederlijk naast elkaar op een kar: de koe kan als het ware zo weer in elkaar worden gezet.

Achthonderd werknemers heeft Garrachon, micro-bioloog, onder zich. Terwijl hij zijn bezoeker langs het ijskoude, met bloed besmeurde productie-traject gidst, doet hij kalm verslag van ,,een louter door irrationaliteit veroorzaakte ramp''.

Op 19 oktober bevestigde de Veterinaire Dienst van Calvados, dat een op 10 oktober in zijn slachthuis aangetroffen koe ,,met symptomen'' inderdaad besmet was met BSE, de gekkekoeienziekte. Supermarktketen Carrefour zag zich vervolgens genoodzaakt een ton aan, deels al bij de consument terechtgekomen vleesproducten op te sporen en terug te halen. De groep van zestien runderen waarvan het pas later aangeleverde dier oorspronkelijk deel uitmaakte, was goedgekeurd en niet, volgens de standaardprocedure, vernietigd.

Sindsdien heeft zich in Frankrijk een psychose ten aanzien van rundvlees ontwikkeld. De verkoop is met 40 procent gekelderd, Garrachons slachthuis verwerkt nog maar de helft van het gebruikelijke aantal van driehonderd runderen per dag en een derde van zijn personeel is inmiddels ,,technisch werkloos''.

,,Irrationeel'', zegt Garrachon nogmaals als hij rond het middaguur een saignant gebakken lendenbiefstuk uit eigen huis laat serveren. ,,Er is nog nooit een spoor van BSE aangetroffen in spierweefsel en de consument heeft dus geen enkele reden om bang te zijn. Onze manier van vleesverwerking is oneindig veel veiliger dan vroeger, toen BSE nog niet bestond. We hebben hier vier door de overheid aangestelde vee-artsen en achttien andere onafhankelijke controleurs rondlopen.'

,,De enige remedie voor de BSE-crisis is om al het risiscodragende weefsel te vernietigen en te weren uit de voeding. Dat doen we, systematisch en onder toezicht. Ik ben wetenschapper, dus 100 procent zekerheid bied ik niet; wel weet ik, dat wij geen fouten hebben gemaakt en de bewuste koe keurig uit de productie gehaald hebben en het zogenaamd `verdachte' vlees hebben weten op te sporen. Met dat vlees was niets mis, het was een cosmetische maatregel, net als de maatregelen die premier Jospin nu heeft afgekondigd.''

,,Er is en was geen probleem'', zegt ook veeboer Yves Lepetit, die in het nabij gelegen Sainte-Honorine du Faye dertien Charolais-koeien in de wei heeft staan. Eentje loopt moeilijk, maar ,,die heeft wat aan zijn poot''.

Lepetit is wanhopig, zijn dieren zijn rijp voor de slacht, maar hij raakt ze aan de straatstenen niet kwijt. ,,Nog even en ze zijn niets meer waard.'' ,,Een gegarandeerd kwaliteitsproduct'' noemt hij zijn koeien die nieuwsgierig maar op veilige afstand naar het bezoek kijken. Verdacht krachtvoer hebben ze nooit gekregen. Gras, hooi en lijnkoek heeft hij ze gegeven, ,,traditioneler kan het niet''. ,,Ik ben nu 54, heb wat spaarcenten en zal het wel redden, al heb ik slapeloze nachten. Maar jongere collega's die hypotheeklasten hebben en de adem van de bank in hun nek voelen, gaan eronder door.''

President Jacques Chirac, van oudsher een boerenvriend, heeft met zijn pleidooi voor een onmiddellijk verbod op diermeel, vorige week, in niet geringe mate bijgedragen aan de nationale angst voor rundvlees. Daarmee dwong hij premier Jospin, die ,,rationeel'' te werk wilde gaan om de crisis te bezweren, dat verbod gisteren alsnog af te kondigen.

Met de politiek wil Lepetit niets meer te maken hebben. ,,Stemmen ga ik niet meer. Dit land heeft het strengste anti-BSE-beleid van de hele Europese Unie, maar ik ben het slachtoffer.''