Oostenrijkse Wels treurt om `tweede inferno'

In 1983 werd het Oostenrijkse Wels, dat treurt op 32 inwoners die omkwamen bij de skiramp in Kaprun, ook al eens getroffen door een drama.

,,Een tweede inferno; het is niet te geloven.'' Johanes Strasser, koster van de katholieke kerk in Wels schudt het hoofd. 7 mei 1983 ligt nog rauw in het geheugen. Elf inwoners van de Oostenrijkse stad verloren het leven bij een hotelbrand in de Turkse plaats Istanbul. En weer is het straatbeeld van de 60.000 inwoners tellende plaats zwart. Overal hangen hoge, smalle vlaggen aan de vlaggenmasten en uit veel vensters hangt een donkere doek. De stad, zo'n tweehonderd kilometer ten westen van Wenen, treurt om de 32 inwoners die zaterdag omkwamen bij de skiramp in Kaprun.

De slachtoffers waren allemaal lid van de plaatselijke skivereniging. Het tweede weekend van november wordt sinds jaar en dag doorgebracht op de skipistes van de Kitzsteinhorn. Twee mensen hebben geluk gehad. De gepensioneerde politiebeambte Ernst Hemelinger besloot om de gondellift, de `panorama-baan', te nemen ,,vanwege het mooie weer'' zei hij tegen de Salzburger Nachrichten. Eén lid van de vereniging sloot zich bij hem aan. Boven aangekomen waren ze verbaasd dat de rest nog niet op de ski's stond. Toen ze later op de parkeerplaats alleen de buschauffeur aantroffen, drong de realiteit van de ramp tot hen door.

,,In 1983 gingen ze naar Istanbul om de plechtigheden van het Grieks-orthodoxe pasen bij te wonen'', zegt een oude vrouw in een Welse patisserie terwijl ze een stukje van haar taartje prikt. ,,Nu gingen ze skiën. Geloof, sport – het noodlot maakt geen onderscheid.''

Voor het gemeentehuis staat een krans van rode rozen met een zwart lint omringd door kaarsen. Dertien gemeente-ambtenaren zijn bij het skiongeluk om het leven gekomen. Op hun bureaus liggen rode rozen en staan kaarsen. In het gemeentehuis heerst de gewijde rust van een kerk. Alleen wanneer er nieuws is uit Kaprun, zoekt iedereen snel een televisie of radio op. ,,Ik heb het verhaal van Gerhard Hanetseder al een paar keer gehoord, maar iedere keer lijkt het alsof het nieuw is'', fluistert gemeenteambtenaar Josef Schmitt terwijl hij naar het relaas van één van de twaalf overlevenden luistert. De 39-jarige man uit Gallspach, vlakbij Wels, duwde zijn twaalfjarige Christina door het kapot geslagen raam van de skimetro en kroop daarna zelf naar buiten. ,,Achter me hoorde ik het vuurgeknetter en een paar kleine ontploffingen.'' Aan het eind van de tunnel waren nog meer mensen die aan de vuurzee waren ontkomen. Zij bleven staan, terwijl Hanetseder samen met zijn dochter over de brug naar het basisstation liep. Onderweg kwam hij een politieman en een brandweerman tegen. Ze vroegen wat er aan de hand was. ,,Ze dachten aan een technisch defect'', vertelde Hanetseder. ,,Ik schreeuwde tegen ze: `Het is een hel, alles staat in de brand'.''

Voor de Oostenrijk televisie vertelde Hanetseder ook dat een skiër direct al na vertrek tegen hem zei `Ik ruik rook'. Even later zei zijn dochter `Papi, da brennt was'. Toen de skimetro stil stond, probeerde een skiër nog met zijn mobiele telefoon te bellen, maar tevergeefs.

Ademloos luistert Schmitt samen met vier collega's naar het relaas van Hanetseder. ,,Ik zou alles er voor over hebben als ook mijn collega's het konden navertellen'', verzucht hij.

Op zo'n honderdvijftig kilometer afstand, in Kaprun, lopen burgers op straat met bloemen, kaarsen en roodbetraande ogen. Een camerateam uit Italië wilde een oude huilende vrouw filmen, ze beklimt de steile trappen naar de Sint Margaretha kerk. Vanuit de kerk is de gletsjer van de Kitzsteinhorn, waar aan de voet het drama plaatvond, te zien.

,,Stoppen met filmen, nu'', brult een man. De Italiaanse cameraploeg haalt de schouders op, doet alsof ze het niet verstaat, en gaat door met filmen. Binnen vijf seconden heeft de woedende man de stekker uit de filmcamera getrokken en dreigt hij met geweld als hij de tape niet krijgt. Gedwee, en zichtbaar onder de indruk, staat het team de band af. ,,Er stond toch nog niks op'', zeggen ze als de man weg.

Het Oostenrijkse skidorp is verlaten door de toeristen en hun plaats is ingenomen door journalisten. Kaprun wil met rust worden gelaten. ,,Laat je interviewen, laat je interviewen'', schreeuwt een jongen 's middags baldadig tegen een vriendje wanneer ze in de straten van Kaprun een tv-camera zien. ,,Ik verbied het'', gilt een onderwijzeres vanuit de deuropening van het schoolgebouw. ,,Je weet wat we hebben afgesproken.'' Met hun brede rugtassen over de schouder hollen de jongens lachend weg.

Gisterochtend zijn op de scholen speciale bijeenkomsten gehouden onder begeleiding van een team van psychologen en psychiaters. ,,Zondag hebben we een bijeenkomst belegd met de onderwijzers en de specialisten en is besproken hoe we de kinderen het beste kunnen opvangen'', vertelt burgemeester Norbert Karlsböck. Het aantal doden uit Kaprun is gestegen van twee tot vijf. ,,De meeste kinderen kennen direct dan wel indirect een slachtoffer. Vooral de dood van hun leeftijdgenoot, de achtjarige Rudi Neumair, heeft grote indruk gemaakt. Het verdriet moet niet worden verdrongen, maar een plaats krijgen in de samenleving.''