Groene priesterboord

In wel drie uitzendingen zag ik Lucas Reijnders in de marge van de internationale klimaatconferentie de ernst van het broeikaseffect uitleggen. Hij had een pak aan en het bovenste knoopje van zijn overhemd was dicht. Als je zo'n kaal donker gestreept boord in nog donkerder pak ziet, weet je dat de zaak er ernstig voorstaat en dat hij daar tegen is. Een stropdas is onnodige energie. Maar om dan toch de thermostaat niet te hoog op te hoeven draaien heeft hij de isolerende eigenschappen van zijn boord gebruikt. Zo geeft hij ons allen het voorbeeld: gebruik voortaan álle knoopjes, ze zijn er niet voor niks.

Door de globalisering zijn steeds meer politieke leiders uit de Derde Wereld stropdassen gaan dragen om bij investeerders in de smaak te vallen. Met een grijs pak zonder overhemd of met meekleurende boord placht een politieke leider namelijk aan te geven dat hij een bedrijf wilde nationaliseren of dat reeds had gedaan. Daar kun je niet meer mee aankomen bij een bankier. Dichtgeknoopte witte boord zonder stropdas betekent islamitische republiek. Dan is rente verboden en moet er een list worden verzonnen. Die kleedvarianten zijn dus allemaal al bezet.

Vertegenwoordigers van de groene beweging zouden een nieuw uniform moeten ontwikkelen. Een groene priesterboord die 's nachts licht geeft, van afbreekbaar waaibomenhout en zonder batterij. Karweitje voor modeontwerper Frans Molenaar. Als je zo'n groene boord in een vliegtuig ziet zitten, weet je dat het voor het goeie doel is. Televisie-interviewers kunnen hen uit de conferentiemenigte halen tot passend contrast met al die politieke en menselijke zelfzucht. Voorzitter Pronk heeft zo'n boord niet nodig, want van hem weet iedereen al dat hij goed is. Internationaal is het ook ruim bekend, anders was hij wel hoge commissaris van vluchtelingen geworden.

In Amerika is wetenschappelijk door peilingen vastgesteld dat voor mannen een wit overhemd met stropdas op televisie het betrouwbaarst overkomt op de kijkers. Het minimum om verkiezingen te winnen. Het is de westerse variant op de Japanse witte handschoenen, zuiver, eerlijk. Alle Amerikaanse politici dragen zo'n wit overhemd en als ze het nog niet deden, zorgt een media-adviseur dat ze het doen. Alle verkiezingsfunctionarissen uit Florida dragen het als teken van onpartijdigheid. Maar de twee presidentskandidaten liepen afgelopen dagen in spijkerbroek om aan te geven dat de hertellingen in Florida hen niet aangingen. Vice-president Gore speelde met zijn kinderen zelfs in spijkerbroek voor de camera een partijtje pick-up football. De illusie van fair play werd wel verstoord door zijn mededeling dat hij met 8-0 voor stond. Gisteren verbrak Gore de vrijetijdscode. Voor het Witte Huis verscheen hij in zijn oude debat-harnas: donkerblauw pak en wit overhemd met stropdas. Als vice-president, geheel belangeloos op de bres voor eerlijke verkiezingen.

Nederlandse Kamerleden proberen uit solidariteitsoverwegingen de kleedregels te omzeilen. Ze doen alsof het niet zo belangrijk is. Kamerleden worden ook niet persoonlijk gekozen maar staan op een lijst zodat de Amerikaanse kleedregels minder tellen dan goed contact met collega's. In de grote partijen overheerst nog het witte of gekleurde overhemd met stropdas. Maar de VVD'er Nicolaï had gisteren weer iets heel moois aan in donkere kleurcombinatie met dichte boord zonder das. Het gaf hem een heel eigen cachet, wel van de VVD maar niet bij de platte Jorritsma-vleugel. Hij stond te pleiten over kunstsubsidies. Er zaten veel verongelijkte kunstenaars op de tribune en die houden niet van formele toestanden, zeker niet als het subsidie kost. Boris Dittrich had het grachtengordel-uniform, overhemd met open boord waardoor de borstrok zichtbaar wordt. De kunst heeft haar eigen decorum.

De mooiste kledingboodschap komt van Jan Marijnissen van de SP. Op zijn beste momenten draagt hij een donker pak met boord, open maar van een schitterende en zuivere witheid die ik bij geen andere politicus heb gezien.