Extra subsidie voor negen organisaties

Negen kunstinstellingen ontvangen de komende vier jaar extra subsidie, afkomstig van de 1,3 miljoen gulden die resteert van de 40 miljoen extra die bij de Algemene Beschouwingen voor de kunstsector is bedongen. Dat is de voorlopige uitkomst van het debat over de Cultuurnota, dat gisteren in de Tweede Kamer werd gevoerd.

Zo krijgen de toneelgroepen Het Nationale Toneel, Oostpool en Orkater, fotofestival Noorderlicht, de Federatie van Kunstenaarsverenigingen, Kinderen en Poëzie en AIDA er 75.000 gulden tot drie ton bij.

Uit incidentele middelen ontvangt De Rotterdamse Dansgroep 1,8 miljoen gulden voor 2001, waarna de Raad voor Cultuur opnieuw zal adviseren over het gezelschap. Ook Unisono, een nieuwe instelling voor amateuristische muziekbeoefening, ontvangt een eenmalige bijdrage.

Volgende week dinsdag stemt de Kamer over de ingediende moties. Een aantal daarvan zal nog worden ingetrokken of aangepast, omdat ze door de toezeggingen van Van der Ploeg overbodig zijn geworden. Wel zal worden gestemd over de motie Nicolaï-Dittrich, waarin wordt voorgesteld om bij dertien instellingen opnieuw te kijken of beëindiging dan wel vermindering van de subsidie terecht is. Voor de volgende instellingen vragen VVD en D66 de huidige subsidie in 2001 te verlengen: Holland Festival, Huis Doorn, De Appel, `formule jonge regisseurs' (FACT, Carroussel of Discordia), Felix Meritis, De Rotterdamse Dansgroep, BEWTH, Gebroeders Flint, Nationale Reisopera, Orkater, Het Nationale Toneel, Theater Instituut Nederland, Stichting Schrijven.

Het twaalf uur durende debat begon met kritiek op de adviezen van de Raad voor Cultuur en de besluitvorming door Van der Ploeg en eindigde met de verdeling van overgebleven geld. Verantwoordelijk voor die tournure was vooral J. Belinfante (PvdA). Zij doorbrak de mondelinge afspraak met haar collega's van VVD en D66 over een gezamenlijke motie en diende onverwacht een eigen motie in. Die motie wil geen heroverweging van negatief beoordeelde instellingen, maar extra geld voor negen kritisch-positief beoordeelde instellingen. Zeven van deze instellingen kregen vervolgens extra geld.

Zowel alle partijen als Van der Ploeg toonden zich tijdens het debat beducht voor schending van het Thorbecke-beginsel, dat bepaalt dat de politiek niet oordeelt over kunst. De meningen verschilden echter over wanneer de politiek dat doet. Met haar voorkeurslijstje velt Belinfante een inhoudelijk oordeel, meent A. Nicolaï (VVD). Zijn voorstel is anders, vindt hij, omdat de beoordeling bij hem wordt uitbesteed aan een onafhankelijke commissie. Volgens F. Halsema (GroenLinks) schenden beide voorstellen het Thorbecke-beginsel. Zij stelt voor alle negatieve beschikkingen van bestaande instellingen te herzien.

Na het negatieve advies van de Raad voor Cultuur dreigde de subsidie voor De Rotterdamse Dansgroep te worden stopgezet. Nu kan het gezelschap in ieder geval nog een jaar doorwerken, totdat de kwaliteiten van de groep opnieuw zijn beoordeeld. Ton van Hoorn, voorzitter van het bestuur: ,,We hoopten natuurlijk op een subsidie voor vier jaar, maar hier zijn we ook heel blij mee. Twaalf maanden is genoeg om te bewijzen hoe succesvol de groep is.''

Met toneelgroep De Appel ging het gisteren precies de andere kant op. Zakelijk leider Gerrit Dijkstra: ,,Gedurende de dag leek er brede steun in de Kamer voor ons te zuijn, maar in de motie van Belifante komen we niet voor. Tegen beter weten in hopen we dat twee andere moties het halen, die gunstig zijn voor ons. Zoals het nu is, krijgen we alleen drie miljoen van de gemeente Den Haag. Dat is een miljoen te weinig, daarmee redden we het tot de zomervakantie. Daarna moeten we onszelf opheffen.''