`Naar beneden, in godsnaam, naar beneden'

,,De stroom viel uit en ik zag rook'', vertelt een van de overlevenden in Kaprun. Hij vluchtte naar beneden. Wie naar boven rende was verloren.

Geleund tegen een zilverkleurige Mercedes rookt een man in de vrieskou van Kaprun een sigaret. Rastko Ferk kwam uit Slovenië naar de Oostenrijkse skiplaats op zoek naar zijn 26-jarige zoon. De auto van zijn zoon Rastko heeft hij zojuist gevonden; op de parkeerplaats bij de lift die naar het gletsjerskigebied Kitzsteinhorn leidt. ,,Hij zat in die lift; ik weet het zeker. Rastko is dood.''

Wanneer de mobiele telefoon gaat, onderbreekt hij het gesprek. Hij steekt met zijn nog brandende sigaret een nieuwe Marlboro aan. Na een paar minuten barst hij in tranen uit. ,,Het was de vader van Katja'', legt Ferk later uit. ,,De vriendin van mijn zoon. Ook dood.''

De twee Slovenen stapten zaterdagmorgen om twee over negen in de skilift; een lichtblauw metro-achtig voertuig. Het was zonnig weer en relatief veel jongeren gingen met hun snowboards naar de gletsjer om de opening van het snowboardseizoen mee te maken. Een kleine drie minuten later kwam het voertuig in de tunnel tot stilstand en brak er brand uit; in de vuurzee kwamen bijna alle passagiers om het leven; twaalf mensen wisten te ontkomen. De politie van Kaprun hield vanmorgen nog rekening met 175 doden.

Twaalf mensen hebben de catastrofe overleefd. Ze zaten achterin in de skimetro en zijn naar beneden gelopen in plaats van omhoog. ,,De stroom viel uit en ik zag rook'', zegt Gerhard Hanesteder, een van de overlevende vandaag in de Kronen Zeitung. ,,Kinderen schreeuwden en huilden. Er was overal paniek. Een man sloeg een gat in het raam en ik gooide mijn dochter naar buiten.'' Daarna worstelde Hanesteder zich naar buiten en even later stond de trein in lichterlaaie. Hijzelf liep met zijn dochter over de schouder naar beneden, de mensen die na hem uit het voertuig kwamen zijn naar boven gelopen. Hij hoorde nog de noodkreet van een oude man. ,,Naar beneden, in godsnaam, naar beneden. Vuur gaat omhoog.''

De slingerende asfaltweg naar de skilift, even buiten Kaprun, is afgezet door de politie. Met bussen werden journalisten gisteren onder politiebegeleiding naar het basisstation gebracht op een hoogte van ruim 910 meter. Peter Präauer, technisch directeur van het skibedrijf, wijst naar een opening in de berg waar, na een brug van zeshonderd meter, de rails verdwijnen in het steen. ,,Daar begint de tunnel met een lengte van 3.298 meter'', legt Präauer uit. ,,Het eindstation ligt op 2.446 meter hoogte''. Dan wordt hij even stil. ,,Het ongeluk gebeurde waarschijnlijk op zo'n zeshonderd meter in de tunnel.''

,,De skimetro verplaatst zich met een snelheid van bijna veertig kilometer per uur'', legt Präauer uit. ,,Per rit kunnen maximaal 180 mensen worden vervoerd.''

In de lucht boven Kaprun hangen helikopters van het Oostenrijkse leger. Op een grasveld staan tenten van leger en Rode Kruis. Een kabelbaan met gondels vervoert reddingswerkers naar het einde van de tunnel en vandaar dalen ze af naar de plek des onheils. Het is te gevaarlijk om de dertig meter lange skimetro van onderaf te benaderen, omdat het voertuig los kan schieten en naar beneden glijden. Het voertuig hangt aan de noodkabel; de rail waarover de metro naar boven wordt getrokken, is gesmolten..

,,Het moet een hel geweest zijn'', zegt reddingswerker Cristian Rainer. Zijn ogen kijken strak naar de ingang van de tunnel. De skimetro kwam tot stilstand en er is brand uitgebroken. Een groot aantal slachtoffers, zo zegt Rainer, is waarschijnlijk in staat geweest om het voertuig te verlaten. Er zijn verkoolde resten gevonden op een afstand van zestig meter. De mensen die via een trap, die naast de rails ligt, naar boven wilden lopen zijn gestikt in de rook en door de vlammen `ingehaald'. ,,Er was geen redden aan'', zegt Rainer. ,,Het voertuig was gemaakt van aluminium en bekleed met zeer brandbaar materiaal. Ook het kunststofmateriaal van de skikleding brandt als een fakkel en door de nauwe ruimte ontstaat er een extreem hete rook. Diep adem halen en het leed is snel geleden.''

De tunnel veranderde volgens Rainer in ,,een moordende schoorsteen''. Drie mensen die aan het eind van de tunnel werkten, zo'n 2.700 meter verderop, zijn om het leven gekomen door de rook.

Kaprun rouwt. Het vierduizend inwoners tellende dorp in de deelstaat Salzburg, zo'n tweehonderd kilometer ten zuidoosten van München, is het beroemdste zomerskigebied van Europa. Per jaar komen hier zo'n 600.000 mensen skiën, maar vandaag zijn de straten leeg. Op muurtjes, trappen en stoepen branden kaarsen. Aan de spierwitte gevel van het gemeentehuis hangt een zwarte vlag. Voor de appartementen van twee omgekomen dorpelingen brandt een zee van lichtjes.

De familie en vrienden van de slachtoffers worden opgevangen in de jeugdherberg. Een team van psychologen, geestelijken en mensen van het Rode Kruis staat hen bij. Door middel van skipassen, hotelregistraties, auto's op parkeerterreinen, boekingen en aanwijzingen van derden probeert men de slachtoffers te identificeren. `Directe' identificatie is niet mogelijk, en de kans is klein dat de verkoolde lichamen zich nog lenen voor onderzoek. ,,Bij die temperatuur verkoolt alles'', zegt brandweerman Josef Fesel. Vanochtend zijn 29 stoffelijke overschotten geborgen.

Buiten de jeugdherberg probeert de politie cameramensen en fotografen op afstand te houden. Buiten ligt over een tafel een wit damasten kleed. Op de tafel staan een kruis, een beeld van Maria en waxinelichtjes. De bevolking van Kaprun heeft twee bloemstukken naast het geïmproviseerde altaar gezet; `In tiefer Trauer' staat op het lint. Hulpverleenster Maria Henkel steekt ook een lichtje op. ,,Voor alle slachtoffers'', zegt ze. ,,Maar vooral voor de man die samen met zijn zoon zou gaan skiën. Hij had zijn abonnement in de auto laten liggen en zei tegen zijn zoon `ga jij maar vast, ik neem de volgende wel'.''