Kinderschrijvers presenteren serie kinderconcerten

Max Velthuijs lijkt op een kikker. Op Kikker uit zijn kinderboeken wel te verstaan: hij is net zo ontwapenend, net zo vriendelijk en net zo blijmoedig. Vooral als hij muziek hoort, blijkt tijdens het eerste concert voor kinderen van de serie `Lezen met je oren' in het Amsterdamse Concertgebouw. Vijf jazzmuzikanten illustreren op uitnodiging van Velthuijs zijn prentenboeken met muziek. Hun klanken, vooral het traditioneel triomfantelijk schallen van de trompet, ontlokken de bejaarde schrijver en illustrator verheerlijkte glimlachjes.

Het Concertgebouw vroeg zeven bekende, maar zeer uiteenlopende kinderboekenschrijvers om bij hun werk een muzikaal programma samen te stellen. Velthuijs beet het spits af met een voor de gelegenheid geformeerd jazzensemble. Eén voor één komen de muzikanten op en beginnen, elkaar in de rede vallend, te spelen. De kinderen in de zaal zitten tijdens dit vraag- en antwoordspel al meteen te wiebelen en te draaien op hun stoelen. Niet zoals kinderen die zich vervelen tijdens verplichte cultuuruitstapjes, maar in de maat. Ze dansen, zittend op de fluwelen stoelen. Velthuijs komt op en introduceert de instrumenten en hun bespelers (`die kromme toeter heet een saxofoon') Tony Overwater laat zijn contrabas buigen voor het publiek, Eric Vloeimans vangt het licht in zijn trompet. Het Velthuijs-feest kan beginnen.

Max Velthuijs houdt niet van avantgardistische, vrije jazz, hij wou ,,echte jazz' laten horen, soepel, makkelijk in het gehoor liggend en toch spannend: variaties op een thema min of meer binnen één akkoordenschema. Dat past dan ook goed bij zijn prentenboeken, die traditioneel van opbouw zijn en over gevoelens gaan. In Kikker en het vogeltje leidt de vondst van een dode vogel (`Kapot. Hij doet het niet meer.') tot bezinning en rouw, tot enkele maten totale stilte, dan krijgt de levensvreugde weer ruim baan.

Velthuijs leest drie van zijn beroemde, bekroonde prentenboeken voor. Bij twee ervan worden zijn prachtige illustraties geprojecteerd op een groot scherm. Dan is er nog Trompet voor Olifant, het verhaal dat dit concert zijn naam gaf en ook de meeste aanleiding geeft tot een muzikale verbeelding. De musici bouwen een muur van dozen tussen de contrabas en de trompet. Krokodil, de bas, en Olifant, de trompet, zijn ruziënde buren. Uiteindelijk blazen zij de wand die hen scheidt, letterlijk omver. De wiebelende stapel dozen, die steeds de verkeerde kant dreigt op te vallen, geeft uit de zaal geluiden als bij een opwindende circusact. De hele middag verloopt rommelig, van een gelikte show is geen sprake, maar dat mag de pret niet drukken. Alleen als Velthuijs ter plekke een tekening maakt, geinspireerd door de muziek, verslapt de aandacht.

De serie `Lezen met je oren', volgens het Concertgebouw geschikt voor kinderen van 6 tot 99 jaar, belooft spannend en feestelijk te worden. En vooral ook zeer divers. Carry Slee kiest voor zigeunermuziek van de familie Mirando, Paul van Loon zal met het Schonberg Kwartet een eenzame vampier tot leven wekken, Joke van Leeuwen bespeelt zelf, samen met Fay Lovsky, de neusfluit.

Kinderconcert: Trompet voor olifant, door Max Velthuijs en jazz-ensemble (Tony Overwater, Eric Vloeimans, Maarten Ornstein, Joshua Samson, Marc van Roon) in de kinderconcertserie: `Lezen met je oren.' Gehoord: 12/11 Concertgebouw Amsterdam, Kleine Zaal. Volgende concerten: 17/12 Wim Hofman; 14/1 Toon Tellegen; 18/2 Imme Dros; 18/3 Carry Slee; 23/4 Paul van Loon; 20/5 Joke van Leeuwen.