`Kernenergie helpt tegen CO2'

Tijdens de klimaatconferentie van de VN die vandaag begint in Den Haag, zijn bijna alle ogen gericht op de delegatie uit de VS. Volgens Amerikaans afgevaardigde Frank Loy zal het voor het klimaat niet uitmaken wie de volgende president wordt.

Hoe goedkoper het is om kooldioxide uit de lucht te halen, hoe succesvoller de strijd tegen het broeikaseffect, het opwarmen van de aarde, zal zijn. Dat is de kern van de boodschap die Frank Loy, hoofd van de Amerikaanse onderhandelingsdelegatie op de vandaag begonnen klimaatconferentie in Den Haag, de komende twee weken zal uitdragen.

Vorige week, op de dag van de Amerikaanse verkiezingen, sprak de (Democratische) onderminister voor Global Affairs vanuit Washington via een rechtstreekse videoverbinding in de Amerikaanse ambassade met Nederlandse journalisten. En hij legde nog eens uit dat het Kyoto-protocol – de afspraken uit 1997 over een forse reductie van de CO2-uitstoot – niet alleen over milieu maar ook over economie gaat.

Volgens Loy maakt het niet veel uit wie de volgende president van de VS wordt. ,,De paar verklaringen van Bush en Gore over milieu tijdens de verkiezingscampagne verschillen nogal'', zegt Loy, met enig gevoel voor understatement. Bush lijkt zijn hart te hebben verpand aan de olie-industrie, Gore schreef een boek waarin hij het milieu uitroept tot de grootste uitdaging voor de huidige politiek. Maar ook Gore zou als president geconfronteerd worden met een tegenstribbelend Congres. En als de concurrentiepositie van de industrie niet wordt aangetast, zal ook Bush zijn steentje wel willen bijdragen, verwacht Loy.

Voor de Amerikaanse onderhandelaar is er geen twijfel mogelijk dat de VS optimaal gebruik zullen maken van de zogeheten flexibele mechanismen die Kyoto biedt. Dit zijn de mogelijkheden om milieu-investeringen buiten de eigen grenzen (met name in Oost-Europa en in ontwikkelingslanden) als reductie van de eigen CO2-uitstoot te beschouwen, en om te handelen in emissierechten. Het opstellen van de spelregels voor deze mechanismen, waarover in Kyoto alleen vage afspraken zijn gemaakt, wordt een van de grootste problemen van de conferentie. Amerika voelt er niets voor om de mechanismen aan strenge voorwaarden te binden. ,,Dat zou absurd zijn, en niet in het belang van het milieu'', vindt Loy.

Als het goedkoper is om de uitstoot elders te realiseren, ziet Loy geen enkele reden om dat niet te doen. Hij wil niet dat landen verplicht worden de helft van de maatregelen in eigen land te treffen, zoals De Europese Unie eist. ,,Natuurlijk zullen de VS in eigen land de uitstoot beperken'', zegt Loy. ,,Ik weet niet hoeveel, maar het zal een aanzienlijk deel zijn. We gaan steeds efficiënter met energie om, verbeteren de brandstof, gebruiken meer windenergie en biomassacentrales.'' Die maatregelen hebben nu al effect, anders zou volgens Loy de CO2-emissie in de VS de laatste tijd niet stijgen met slechts één procent per jaar, ondanks een economische groei van zo'n vier procent. In het verleden gingen CO2-uitstoot en economische groei altijd gelijk op.

Betekent een ruime interpretatie van de flexibele mechanismen bijvoorbeeld ook dat de VS kerncentrales in een ontwikkelingsland zal financieren als een bijdrage aan de oplossing van het broeikaseffect? Loy: ,,Kerncentrales stoten geen CO2 uit. Wat mij betreft bepaalt ieder land zelf of het gebruik wil maken van kernenergie. De VS hebben al meer dan twintig jaar geen nieuwe kerncentrales gebouwd, maar als een ontwikkelingsland kernenergie wil, wie zijn wij om dat te verbieden? De klimaatconferentie is ingewikkeld genoeg, laten we er geen andere problemen aan toevoegen.''

Ook het gebruik van zogeheten sinks (bosbouw als een middel om te voldoen aan de criteria van Kyoto, omdat bomen CO2 opnemen) is voor Loy vanzelfsprekend. Natuurlijk zullen de VS er gebruik van maken. Bossen nemen CO2 op en niet zo'n beetje ook, weet Loy. Dus zou Amerika wel gek zijn om ze buiten het systeem te houden. Dat er wetenschappelijk twijfels bestaan en er wordt gesuggereerd dat bossen onder bepaalde omstandigheden juist CO2 uitstoten, lijkt Loy niet te deren.

De VS, die ongeveer een derde van alle broeikasgassen uitstoten, vinden dat ook ontwikkelingslanden hun bijdrage aan de reductie moeten leveren. Die landen zelf vinden dat de geïndustrialiseerde landen eerst aan de beurt zijn. ,,Over niet al te lange tijd zal ongeveer de helft van alle broeikasgassen worden uitgestoten door de ontwikkelingslanden. Daarom moeten we ervoor zorgen dat ook zij gedwongen worden iets te ondernemen. We realiseren ons dat wij ze daarbij moeten helpen.'' De olielanden hoeven daarentegen niet op steun van de VS te rekenen. Landen als Saoedi-Arabië en Koeweit hebben regelmatig geklaagd dat zij de dupe worden van het Kyoto-protocol. Ze eisen daarvoor compensatie. Daar kan volgens Loy geen sprake van zijn.

De Haagse klimaatconferentie moet zich niet blindstaren op de korte termijn, vindt Loy. ,,We moeten vooral een goed bestuurlijk kader maken.'' Daarna kan de industrie het van de bestuurders overnemen. ,,Regeringen zullen geen investeringen doen. Ze moeten alleen de voorwaarden daartoe scheppen voor bedrijven. I see profits, en dat is maar goed ook.''