Coalitie wil kunstsubsidies herzien

VVD, D66 en PvdA komen vanavond met een voorstel om de stopzetting van de subsidie van een aantal `gerenommeerde' instellingen een jaar uit te stellen. Een aparte commissie moet deze instellingen opnieuw beoordelen.

Het voorstel van de drie coalitiepartijen zal naar alle waarschijnlijkheid vanavond, in de tweede termijn van het Kamerdebat over de Cultuurnota, worden ingebracht. Volgens A. Nicolaï, woordvoerder cultuur van de VVD, is het idee eind vorige week ontstaan in de VVD-fractie en afgelopen weekend omgevormd tot een gezamenlijk initiatief van de drie cultuurwoordvoerders van de coalitiepartijen. De motie zal worden ingediend door Nicolaï, B. Ditttich (D66) en J. Belinfante (PvdA).

Het drietal constateert dat een aantal culturele instellingen ten onrechte door van Van der Ploeg dreigt te worden opgeheven. Namen zullen pas in de motie worden genoemd, maar het gaat volgens Nicolaï om "bestaande instelingen van naam en faam", die in de vorige Cultuurnota werden gesubsidieerd, maar het vanaf 2001 zonder of met veel minder subsidie zouden moeten doen. De Kamerleden hebben zelf een lijstje opgesteld van "tussen de twee en de veertig instellingen, beslist niet alle bedreigde instellingen". Op het lijstje komen alleen de instellingen die volgens de drie Kamerleden "de dupe zijn geworden van onduidelijke advisering en bcsluitvorming". Naar schatting gaat het om zo'n tien instellingen. Aan het eind van zijn eerste bijdrage noemde Nicolaï de toneelgezelschappen De Appel en Orkater, de Rotterdamse Dansgroep en Huis Doorn. Drie met opheffing bedreigde orkesten worden al opnieuw bekeken door de Commissie Hierck.

Volgens het voorstel moet de huidige subsidie van deze instellingen in 2001 worden voortgezet. Analoog aan de orkestencommissie moet er een commissie van deskundigen, onder wie iemand uit de Raad voor Cultuur, worden ingesteld die de instellingen opnieuw beoordeelt, maar dan zonder de criteria van Van der Ploeg en de Raad voor Cultuur. Nicolaï: "De insteek van die commissie is anders dan die de lijn die tot nu is gevolgd, het gaat ons om kwaliteit en continuïteit." Volgens Nicolaï is er geen sprake van een inhoudelijk oordeel door de politiek. "Het is een procedureel voorstel om heroverweging mogelijk te maken, het is geen uiting van gebrek aan vertrouwen in de Raad voor Cultuur of Van der Ploeg."

Volgens F. Halsema, woordvoerder cultuur van oppositiepartij GroenLinks, vellen haar collega's wel degelijk een inhoudelijk oordeel met hun voorkeurslijstje. "Eerst hebben ze kritiek op de werkwijze van de Raad voor Cultuur en dan gaan ze een weekendje met elkaar pimpampetten. Als dat lijstje definitief is, en dat vrees ik wel, dan is dit voorstel zeer ondemocratisch. Net als bij de Vreemdelingenwet wordt de oppositie buitenspel gezet, op deze manier kun je het Kamerdebat wel opdoeken." Zelf diende Halsema een voorstel in om alle negatieve beschikkingen van bestaande instellingen een half jaar te bevriezen (`moratorium'), en een second opinion te vragen aan een nieuw te vormen commissie.

Het voortijdig bekend geworden voorstel van de coalitiepartijen, zaterdag verspreid via het ANP, hing vanochtend als een doem boven het eerste deel van het Kamerdebat.

Woordvoerders van de oppositiepartijen toonden zich geïrriteerd over het vermeende opzetje van de coalitie en de weigering om in de eerste fase van het debat helderheid te verschaffen. F. Halsema moest "haar nieuwsgierigheid op zouten", meende J. Belinfante, die zich kritisch uitliet over de Cultuurnota-procedure en sprak van `bestuurlijke slijtage'. Volgens A. Nicolaï was er geen sprake van een coalitie-opzetje: "Wij gaan een voorstel doen en andere partijen mogen zich daar naar voegen als ze het er mee eens zijn."

    • Mark Duursma