`Er is iets vervelends gebeurd. Papa is meegenomen'

Ouders die een misstap begaan, trekken het gezin mee in hun val. Papa is weg, er komt geen geld meer binnen, de sociale contacten veranderen. Vaak leeft het gezin met een geheim. De kinderen zijn loyaal of juist boos. `Ik hoop dat je nog een halfjaar krijgt.'

Gisteren belde de school, ze waren mijn zoon kwijt'', zegt Carla Houten. ,,Robbert had zich opgesloten in de wc, bleek later. Hij was verdrietig, omdat zijn vader in de gevangenis zit. Nu hebben ze hem een kamertje gegeven waarin hij zich kan terugtrekken.''

Carla (42) en haar twee kinderen Robbert (11) en Maaike (7) vertellen in het pand van stichting `Slechts op bezoek', steunpunt voor relaties van gedetineerden over de invloed die de gevangenneming van haar man heeft op haar leven. Vier maanden geleden werd Carla's man gearresteerd. Waarom, dat wil ze niet vertellen, zoals ze ook niet met haar echte naam in de krant wil. Om de familie en haar kinderen te beschermen. Zelf schaamt ze zich niet, zegt ze. Dat haar man is opgepakt, houdt ze niet geheim. ,,Ik heb toch niets gedaan?''

De arrestatie was een volledige verrassing, vertelt Carla. ,,Mijn man kwam thuis en zou met de kinderen voetbal gaan kijken. Zijn mobiele telefoon ging en hij vroeg of ik meeging de hond uitlaten. In het park zei hij: `Je moet niet schrikken, maar ik kan zo worden gearresteerd.' Opeens werd er een auto op het pad gezet, zodat we geen kant op konden. De drie heren en een dame die achter ons liepen, bleken agent in burger te zijn. U bent gearresteerd, zei een van hen opeens. Het was alsof de grond onder mijn voeten verdween. Ik ben naar huis gegaan. Tegen de kinderen zei ik: Er is iets vervelends met papa gebeurd. Papa is meegenomen.''

Even later stonden er acht mannen van de recherche op de stoep. Ze kwamen de sleutels van het kantoor van Carla's man halen en doorzochten het huis en de auto. Zijn paspoort, rijbewijs, bankafschriften – alles namen ze mee. Tegen de kinderen waren ze aardig. Robbert en Maaike keken op het moment van de huiszoeking naar een EK-voetbalwedstrijd. Een rechercheur juichte bij ieder doelpunt met de kinderen mee.

Carla: ,,Ik wist niets. Waar was hij? Moest ik een advocaat bellen? Hij heeft altijd een heel eigen leven geleid. Dat is ook de reden dat ik nooit iets van zijn misdaad heb gemerkt.''

Carla stopt even. Ze pakt een tissue.

,,Wat is er mama? Heb je een snotneus?'', vraagt Maaike.

De volgende dag ging Carla naar het kantoor. Het pand was verzegeld. ,,Er zat een sticker op de deur'', herinnert Maaike zich. Carla wist toen nog niet waarom haar man vastzat. Van de eigenaren van andere kantoren in het complex hoorde ze wat er aan de hand was. Een agent bleek te hebben verteld waarom haar man was opgepakt. ,,Echt heel slordig'' vond ze dat. De andere kantooreigenaren reageerden negatief, omdat ze bang waren voor hun cliëntèle. ,,Ze moeten hem ophangen'', zei een van hen.

Carla lichtte dezelfde dag de school in, omdat de kinderen verdrietig waren. Ze zijn vier dagen thuis gebleven. Het was moeilijk om over de arrestatie te vertellen, zegt Carla, maar ze vindt dat de school het ,,grandioos'' heeft opgevangen. Vooral Robbert praat veel met zijn leraar en vriendjes. ,,Ik vertel mijn meester alles. Dan ben ik mijn verhaal aan iemand kwijt.'' Maaike vindt dat ,,dom'' van haar broer. Zij wil er beslist niet over praten. Carla: ,,Ik heb gezegd dat als iemand vraagt waar papa is, ze dan moet zeggen: Papa woont in Arnhem. En niet dat hij daar in het Huis van Bewaring zit.''

Carla verbaast zich erover dat haar kinderen zo verschillend met de situatie omgaan. Robbert is altijd erg verdrietig als hij zijn vader net heeft bezocht. ,,Ik vind het niet leuk dat ik papa daar moet laten en dat ik hem niet zoveel zie.'' Hij praat graag over zijn vader. Maaike niet. Ze is heel boos. Post en kaarten van haar vader leest ze niet. Bij het laatste bezoek aan haar papa, had ze gezegd: ,,Ik hoop dat je nog een halfjaar krijgt.''

Carla heeft er bewust voor gekozen om open en eerlijk te zijn. De kinderen hebben altijd geweten waar hun vader zat. Carla heeft ze gezegd dat de arrestatie een vergissing kan zijn, maar ,,dat wat er ook gebeurt, hij altijd hun papa is.''

De eerste acht weken mochten ze alleen post sturen. Nu kunnen ze hem een keer per week bezoeken. Vanwege de reiskosten gaat Carla twee keer en de kinderen een keer per maand. De eerste keer was Carla de weg kwijt in Arnhem. Ze durfde niet te vragen waar het Huis van Bewaring was. Nu kan ze daarom lachen. Ze vertelt dat ze zich ,,zo klein en zo moederziel alleen'' voelde toen ze haar man met de kinderen bezocht. De kinderen liepen te huilen. Tijdens het eerste bezoek hebben ze oppervlakkig gepraat.

De volgende keer ging Carla alleen om rustig met haar man te praten. Toen zijn haar dingen duidelijker geworden. Haar man vertelde dat hij erin geluisd was. Hij zit nog vast, omdat hij contact met de hoofddader heeft gehad. Carla gelooft dat. Wel was ze boos en voelde zich in de steek gelaten. Niet alleen door haar man, maar ook door de familie. In het begin vond iedereen het zielig. Het contact met familie en vrienden is nu aanzienlijk minder. Ze geloven niet meer dat hij erin is geluisd, omdat hij al vier maanden vastzit en vijf anderen wel zijn vrijgelaten. Carla heeft niemand meer, behalve haar zus die haar steunt. Ze voelt zich ,,wel eens eenzaam.''

Robbert: ,,Mama is soms een beetje chagrijnig.'' Carla: ,,Ik kan wel eens onredelijk tegen de kinderen zijn, omdat ik rust wil. Ik zou zo graag eens lucht willen.'' De kinderen zijn altijd bij haar. Zelfs 's nachts. Robbert en Maaike slapen altijd in `het grote bed'. De eerste nacht omdat de kinderen verward waren, legt Carla uit. Nu is het een gewoonte geworden. Volgens Carla zijn de kinderen bang ook haar kwijt te raken. Maaike gaat altijd 's avonds mee de hond uitlaten, omdat ze bang is dat haar moeder, net als haar vader, niet terugkomt. In het begin werden telefoongesprekken afgeluisterd en werden ze wel eens door de politie achtervolgd. Dat heeft veel indruk op Robbert en Maaike gemaakt.

Carla ziet ondanks alles toch een positief punt. ,,Je beseft dat je meer kan dan je denkt. Ik heb elf jaar thuis gezeten. Mijn man had een eigen zaak, maar die ligt nu op z'n kont. De reserves gingen heel hard. Omdat ik recht had op slechts een maand uitkering ben ik gaan werken bij een beveiligingsbedrijf'', lacht Carla.

Maaike: ,,Wat is daar zo grappig aan?''

Carla: ,,Mama zit eigenlijk in de bewaking, terwijl papa in de gevangenis zit.''

Carla stopt zeker niet met werken als hij thuiskomt. ,,Zo afhankelijk zijn, dat gebeurt me nooit meer.''

Wat is het eerste dat de kinderen met papa gaan doen als hij thuiskomt? Robbert: ,,Voetballen en naar een popconcert.'' Maaike: ,,Niks.''

Op 13 november is de uitspraak. De advocaat denkt dat hij een maand later vrijkomt. ,,Als hij niet vrijkomt'', zegt Robbert, ,,ga ik het gebouw in de fik steken.''

De namen van de geïnterviewden zijn uit privacyoverwegingen veranderd.Stichting `Slechts op bezoek' (010 - 467 40 44)

Heeft u ervaringen die aansluiten bij dit verhaal? Mail uw reactie naar zok@nrc.nl of stuur het per post naar NRC Handelsblad, Ouder & Kind, Postbus 8987, 3009 TH Rotterdam. Uw bijdrage moet donderdagochtend 24 november in ons bezit zijn.

    • Henriëtte Smit