Straatnamen

Wie in de Ajaxstraat wil wonen om zijn clubliefde te betuigen, moet verhuizen naar Rotterdam. Of naar Hengelo in Overijssel of Curaçao, maar in ieder geval niet naar Amsterdam. Want in die stad is alleen maar oud-Ajacied Wim Anderiesen vastgelegd in het straatbeeld. Goed, die Ajaxstraat verwijst dan wel naar de Griekse god, maar toch. Het geeft aan dat veel plaatsen in Nederland weinig behoefte voelen de plaatselijke sportgeschiedenis vast te leggen via de planologische planning, omdat dat waarschijnlijk niet goed genoeg is. Wel een hofje voor een onbekende dichter, wiens lezerspubliek halveerde toen zijn grootmoeder overleed, maar niet voor een bekende sporter.

Dat gaat overigens niet op voor Rotterdam, waar zowel een Feyenoord als een Sparta-wijk is. Los van het feit dat Stadion Feijenoord is gebouwd op het Van Zandvlietplein – naar de oude voorzitter en geestelijk vader van de Kuip – en vlakbij een nieuwe woonwijk vol met namen van oude Feyenoorders ligt. Niet alleen voetballers, maar ook bestuurders en trainers. Nieuw Terbregge is een andere wijk die bijna wordt opgeleverd, waar de Spartanen aan hun verleden worden herinnerd. Het nieuwe jeugd- en trainingscomplex van de club bijvoorbeeld is aan de Bok de Korverweg 1. De Korver was een kleine eeuw geleden Nederlands eerste echte voetbalheld, die 31 keer in Oranje speelde. Enkele anderen wier namen werden vastgelegd zijn oud-voorzitter en speler Marie Overeijnder, oud-bestuurder Dirk van Prooijen en oud-bestuurder, scheidsrechter en KNVB-bondsridder H.A. Meerum Terwogt.

Om toch weer een merkwaardigheid aan te geven inzake de verering van sporters die uit Amsterdam komen: Fanny Blankers-Koen heeft in Rotterdam een standbeeld, in Hengelo een atletiekstadion en in Zutphen een straat en sporthal. Daarmee is zij met Anton Geesink de enige sporter die bij leven een `eigen' straat heeft, want daarmee zijn straatnamencommissies bijzonder voorzichtig. Het kan tenslotte altijd gebeuren dat een held van zijn voetstuk valt door iets als een oorlog en dan moet, zoals in Amsterdam is gebeurd met de Karel Lotsylaan, de naam worden gewijzigd.

Maar toch: waarom mocht Johan Cruijff zijn naam niet verlenen aan wat nu de Amsterdam Arena is? Het argument was dat zowel Ajax als Arena begrippen zijn uit de klassieke tijd, maar de eerste is Grieks en de tweede Romeins en liggen in ruimte en tijd mijlenver uit elkaar. Ongeveer net zo ver als de Franse revolutie en het moment waarop u dit leest. Nu is Rotterdam niet de enige stad waar ze creatief straatnamen verzinnen, want in Breda is de Rat Verleghstraat en in Volendam de Dick Tolstraat, naar de speler met als bijnaam `De Knoest'. Die speelde jaren in Volendam en was in het seizoen 1961-1962 ook topscorer van Nederland. En in Haarlem vinden we sportpionier Pim Mulier terug, maar alles bij elkaar te weinig. Er moet dus iets veranderen.

    • Jurryt van de Vooren