Inflatie van 3,1 procent, hoogste peil sinds 1992

De inflatie in Nederland is in oktober toegenomen tot 3,1 procent. Dat is het hoogste inflatiecijfer sinds 1992. Daarmee blijft Nederland horen bij de landen met de sterkste inflatie (geldontwaarding) in Europa. Dit heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vanmorgen gemeld. Over september bedroeg de inflatie al 2,9 procent.

De geharmoniseerde inflatie zoals die volgens een gemeenschappelijke Europese methode wordt berekend, gaf een nog grotere stijging te zien van 3,2 procent.

Met name de energieprijzen, die 18 procent op jaarbasis stegen, stuwden de inflatie in oktober op. Zij namen 1,4 procentpunt van de inflatie over oktober voor hun rekening.

De afgeleide prijsindex, waarbij belastingen en overheidsdiensten niet zijn inbegrepen, nam voor gezinnen met lage inkomens toe met 2,9 procent. Dat is een toename ten opzichte van september, toen dit inflatiecijfer nog 2,6 procent bedroeg. De afgeleide index voor gezinnen met lage inkomens speelt een rol bij de vaststelling van looneisen door de vakbonden. Een woordvoerder van de vakcentrale FNV zei vanmorgen in een reactie dat het nieuwe, hogere cijfer niet noodzakelijk iets verandert aan de looneis van de centrale en de 14 aangesloten bonden. De voorlopige looneis voor volgend jaar werd in september vastgesteld op 4 procent, plus 0,5 procent voor secondaire arbeidsvoorwaarden. Op 27 november wordt de looneis definitief vastgesteld door de aangesloten bonden.

Voor volgend jaar wordt verwacht dat de inflatie nog verder toeneemt, omdat het hoge BTW-tarief dan wordt opgeschroefd van 17,5 procent tot 19 procent. Ook valt het effect van de zogenoemde fiscalisering van de omroepbijdrage weg. Deze wordt sinds 1 januari via de belasting geïnd, en is daarom weggevallen uit de berekening van uitgaven van gezinnen. Dit drukt de inflatietelling nu met rond 0,5 procent. Volgend jaar valt dit drukkende effect echter weer weg.