Gegevens IRT mee naar huis

Tweelingzusjes die gegevens van joden en het IRT verzamelden, veroorzaken onrust onder joden.

Een voormalig administratief medewerkster van het Interregionaal Rechercheteam (IRT) Noordoost-Nederland heeft vertrouwelijke bestanden mee naar huis genomen.

Dezelfde vrouw heeft met haar tweelingzus onrust veroorzaakt binnen de joodse gemeenschap in Amsterdam, toen bleek dat zij gedetailleerde gegevens verzamelden over joden.

Woordvoerder M. Gerritsen van het Kernteam NoordoostNederland, zoals het bewuste IRT nu heet, bevestigde vanmorgen dat tegen de vrouw een onderzoek loopt op verdenking van het plegen van een ambtsmisdrijf. De vrouw, Esther M.(27), deed vorige maand in Amsterdam aangifte van vermissing van een laptop, waarbij zij meldde dat er gegevens van het Kernteam in zaten.

Het daarna ingeschakelde Kernteam ontdekte dat de laptop gewoon bij Ester M. thuis stond. Volgens woordvoerder Gerritsen zijn de gegevens die erin zaten inmiddels niet meer vertrouwelijk.

Esther M. verwerkte bij het IRT databestanden over onder meer mensenhandel. ,,De gegevens in haar computer waren al publiek gemaakt in het boekje `Mensenhandel en mensensmokkel''.

Esther M. werkte tussen april 1998 en december 1999 bij het IRT. Volgens Gerritsen moeten medewerksters als zij, niet uit een politiekorps afkomstig, vooraf een verklaring tekenen waarin zij beloven geen gegevens te zullen meenemen. Hierop staat een celstraf van maximaal vier jaar.

Na haar baan bij het IRT werkte Esther M. bij het Nederlands-Israëlitisch Seminarium in Amsterdam. Volgens rector R. Evers waren Esther en haar zuster Rebecca ,,zeer punctueel, en computerbestanden, daar waren ze uitstekend in''. Volgens Evers, die niet op de hoogte was, hebben de zusjes ,,de hele joodse gemeenschap in kaart gebracht''.

De zusjes hebben een lijst met namen aangeboden aan het Nieuw Israëlitisch Weekblad, meldt het deze week. Uit de uitdraai van hun computerbestanden bleek dat zij zeer gedetailleerde informatie hadden verzameld over joden. Zij claimden op zoek te zijn naar ,,missionarissen'' die poogden joden tot het christendom te bekeren. De zusters verkeerden jaren in de joodse gemeenschap, omdat zij zich zouden willen laten bekeren tot het jodendom. Evers heeft geen aangifte gedaan. ,,Ik kan niet controleren of ze ook bij ons gegevens hebben meegenomen.'' Er zijn volgens Evers joden die bang zijn dat de zussen voor de overheid werkzaam waren. ,,Ja, dat ligt gevoelig, maar persoonlijk denk ik dat niet. Ik denk dat het eerder om een uit de hand gelopen privé-interesse gaat.''