Weer tegenslag voor justitie in beursfraude-zaak

Opnieuw is een rechtszaak tegen een van de verdachten in het beursfraudeonderzoek (`Operatie Clickfonds') uitgesteld. De behandeling kon gistermiddag niet beginnen omdat het openbaar ministerie te laat een deel van de dagvaarding bleek te hebben gewijzigd.

Het gaat om de zaak tegen H. van de K., een ex-medewerker van het pensioenfonds voor de metaalnijverheid. De raadsman van de verdachte betoogde dat de dagvaarding zo fundamenteel was veranderd dat hij zich eerst nader in de materie moest verdiepen voordat hij zijn verdediging kon voeren. De rechtbank gaf hem daarin gelijk en verdaagde de zitting tot volgende week.

Van de K. wordt, samen met een drietal andere voormalige werknemers van financiële instellingen, ervan verdacht lid te zijn geweest van een criminele organisatie rond hoofdverdachte E. Swaab.

Voordat de zaak tegen Van de K. werd uitgesteld had de rechtbank het OM niet ontvankelijk verklaard in de zaak tegen een van de andere vier verdachten, ex-werknemer R. van Z. van SNS Securities. Zijn advocaat betoogde dat de officier van justitie volgens hem langdurig de indruk had gewekt dat de zaak tegen zijn cliënt zou worden geseponeerd. Daartoe zou een advies worden afgewacht van de Tilburgse hoogleraar strafrecht M. Groenhuijsen. Ondanks herhaalde herinneringsbriefjes van de raadsman aan de officier werd van dat advies niets meer vernomen. Vervolgens werd de verdachte Van Z. toch gedagvaard.

De rechtbank oordeelde dat het OM de vervolgingsbeslissing voor de verdachte afhankelijk had gemaakt van het advies en dat justitie ,,gehouden was dat advies zo spoedig mogelijk in te winnen en bij professor Groenhuijsen te dien aanzien te rappelleren''. Nu dat niet gebeurd bleek te zijn heeft het OM ,,te kort gedaan aan het recht van verdachte op een behoorlijke afhandeling van zijn zaak''. De verdachte ging vrijuit. Het openbaar ministerie kondigde aan in appèl te gaan tegen het vonnis.

ZWAAR WEER: Pagina 20