Leidsche Rijn zoekt dorpsgevoel

Jan Kingma tikt hard op de ruit: ,,Hé, kom eens naar binnen om te stemmen!' Kingma is lid van het stembureau in het hart van Langerak, een van de nieuwe wijken van de Vinex-lokatie Leidsche Rijn. Het gebied Leidsche Rijn hoort vanaf vandaag bij Utrecht. Het grondgebied is afkomstig van de naburige dorpen Vleuten en de De Meern, die Utrecht nu ook heeft ingelijfd.

Dat Kingma zijn mede-buurtbewoners oproept te stemmen is geen luxe, vanochtend was de opkomst vrij laag. Van de 2.235 kiesgerechtigden op deze locatie en het verderop in een verzorgtehuis gelegen stembureau zijn om kwart voor elf nog maar 170 personen langs gekomen. Dat is een opkomst van iets minder dan acht procent. ,,De meeste mensen hier zijn alleen bezig met hun parket, de vloerbedekking en schilderen. Dat werkt desastreus op de opkomst', zegt een andere lid van het stembureau, Wouter de Heus.

Dat de bewoners van de eerste 1.300 woningen in Leidsche Rijn bij dit stembureau kunnen stemmen, is aan de bewoners zelf te danken. Die konden bij de vorige verkiezingen alleen in het verderop gelegen verzorgtehuis terecht. Dat stembureau is lastig te bereiken. De stemgerechtigden konden kiezen: óf ze reden ruim zes kilometer om, óf ze kregen een bekeuring van de politie omdat ze gebruik maakten van een bussluis.

De Heus, die ook voorzitter van de bewonersvereniging van nieuwe bewoners is, besloot zijn kantoorpand beschikbaar te stellen en voor een dag in te richten als stemlokaal. De Heus: ,,De gemeente Utrecht heeft 300.000 gulden aan de verkiezingscampagne uitgegeven. Dat zou over de balk gesmeten geld zijn als bewoners van Leidsche Rijn niet zouden komen stemmen.'

A. Piekaar is voorzitter van een andere bewonersvereniging. Zij vertegenwoordigt de `oude' bewoners, die in nu schattige plattelandshuisjes tussen het nieuwbouwgeweld wonen. Piekaar stemde zelf voor de lokale protestpartij Leefbaar Utrecht. ,,Ik kan hun lijsttrekker Henk Westbroek niet uitstaan, die is veel te grof. Maar Leefbaar Utrecht voelt het stadsbestuur ten minste nog wel aan de tand. Daarom krijgt die partij mijn stem.' In de Vleutense protestpartij Burger en Gemeenschap ziet Piekaar niets: ,,We horen nu bij Utrecht, ik heb niets meer met Vleuten-De Meern te maken.'

Een van die oude bewoners is R. Miltenburg. Voordat de gemeente Utrecht in 1997 op dit gebied begon met bouwen, had zij nog een geweldig uitzicht. ,,Maar ja, als je zo dicht bij een grote stad woont komt de uitbreiding er vanzelf een keer aan.' Miltenburg heeft iedereen al zien komen en gaan. ,,Premier Kok heeft een paal geslagen, koningin Beatrix kwam een boom planten en prins Willem-Alexander heeft het water opgemeten. Maar het CDA was de enige partij die mij echt heeft gevraagd hoe het ging.' Miltenburg zag niets in de lokale protestpartijen Leefbaar Utrecht en Burger en Gemeenschap (BenG). De laatste wil opkomen voor de belangen van de inwoners van Vleuten-De Meern.

Op het gemeentehuis van Vleuten is de opkomst een uurtje later iets beter. Rond twaalf uur is hier zo'n achttien procent van de stemgerechtigden, 244 personen, langs geweest. VVD-wethouder van Vleuten E. van Holthe, voorzitter van het stembureau, proeft bij de bevolking het idee ,,er nu nog iets aan te kunnen doen'. Van Holthe denkt dat kandidaten die uit Vleuten komen bij welke partij dan ook populair zijn. ,,Op deze manier komen er toch nog negen of tien Vleutenaren in de Utrechtse gemeenteraad.' C. ter Meulen heeft wel voor B en G uit Vleuten gestemd. ,,Als we niets doen, worden we verder opgeslokt door Utrecht. Door de hoge onroerend goed-prijzen wordt alles dan duurder in Vleuten. Dat wil ik niet. Het dorpse gevoel moet blijven. Utrecht is te veel een grote stad.'