De ene verkiezing is de andere niet

Vanavond en vannacht zullen bij de uitslagen van de Amerikaanse presidentsverkiezingen weer vele eerbiedwaardige hypotheses over de politiek sneuvelen, verwacht E.J. Dionne Jr. Hij pakt er alvast enkele aan.

Politiek commentaar geven is net als de sportjournalistiek geworteld in tradities en verwachtingen. Mensen die gek zijn op een bepaalde sport en mensen die dol zijn op verkiezingen `weten' gewoon dat bepaalde dingen waar zijn en bepaalde andere dingen hoogst waarschijnlijk. Ze doen voorspellingen gebaseerd op hun geloof in de betrouwbaarheid van het voorafgaande.

De campagne voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen van het jaar 2000 was voor de commentatoren niet alleen verwarrend, en niet alleen omdat er, schrik niet, zo'n 1,2 miljoen opiniepeilingen zijn geweest. De avond van de verkiezingen belooft om vele redenen grote pret en een daarvan, en niet de geringste, is dat vele eerbiedwaardige hypothesen over politiek dit jaar voor de bijl gaan.

Hier volgen er een paar die inmiddels niet waar bleken en een paar andere die na het tellen van de stemmen wellicht overboord gaan:

Wat bij de vorige verkiezingen waar was zal bij de volgende ook waar zijn en daar richten we ons naar.

De hypothese van dit jaar was dat als een staat Democratisch genoeg was om in 1988 voor presidentskandidaat Michael Dukakis te stemmen – zij het met een meerderheid van slechts 10 stemmen – Al Gore erop kon rekenen dat het hem zou lukken. Maar nee. Gore moest zich in Wisconsin, Washington, Minnesota en West-Virginia, door de commentatoren met nog een paar staten op het conto van de Democraten gezet, het vuur uit de sloffen lopen. En zo waren sommige Republikeinen geschokt dat Florida – lange tijd als een Republikeins bolwerk beschouwd – het George W. Bush moeilijk heeft gemaakt.

De omstandigheden veranderen: er komen andere kwesties aan de orde, de bevolkingssamenstelling verandert (mensen verhuizen naar een andere staat) en kiezers veranderen van gedachten over naar wiens pijpen ze willen dansen. Jim Humphreys, Democraat in de tot ieders verrassing nek-aan-nekrace om de zetel van het 2e Congressional Dictrict in het Democratische West-Virginia, verklaart dat het dezer dagen ,,bijna overal een concurrentieslag'' is, omdat je niet meer kunt uitgaan van een stabiele politieke cultuur of economie.

Humphreys stelt, terecht, dat de plaatselijke politieke cultuur minder invloedrijk is dan vroeger omdat de kiezers niet meer uitsluitend afgaan op plaatselijke televisie- en radiozenders en plaatselijke kranten. Kabel, schotelantennes en het internet bieden de mensen de mogelijkheid om hun bronnen van politieke informatie meer, of juist nog minder, af te wisselen.

Een lage opkomst houdt altijd in dat de Democraten thuisblijven.

Dit is een oude hypothese, gebaseerd op de grofweg genomen accurate vooronderstelling dat mensen uit de betere kringen vaker zullen stemmen en dat mensen uit die betere kringen bovendien vaker Republikein zullen zijn dan hun armere buren. Vroeger baden op de verkiezingsdag de Republikeinen om regen; toen een paar jaar geleden in Ohio en Kentucky de uitkomst van een paar belangrijke congresverkiezingen onzeker was, werd ik rond het middaguur door een invloedrijke Republikein gebeld die me opgewekt vertelde: ,,Het ziet er goed voor ons uit. Het regent in de hele Ohio Valley.''

Het is heel goed mogelijk dat deze hypothese ook dit jaar, nu de Republikeinen er zo op gebrand lijken het Witte Huis op Bill Clinton terug te veroveren, zal standhouden. Maar reken er niet op. Het zou tot een herhaling kunnen leiden van de verkiezingen van 1998, toen de Republikeinen maar moeilijk hun basis op de been konden brengen en de Democraten het gemakkelijk hadden. De tot actie aangezette vakbonden worden er steeds bedrevener in om de Democratische kiezers te laten aanrukken, en de National Association for the Advancement of Colored People (NAACP) en de milieubeweging zijn dit jaar eveneens hard aan het werk. De Republikeinen weten dit, daarom stoppen ze er ook zoveel meer geld in om hun getrouwen te laten opkomen.

Wat in de ene campagne werkt, werkt de volgende keer precies zo.

De Republikeinen wonnen na de Burgeroorlog twintig jaar achtereen de verkiezingen door er bij de veteranen van de Union op aan te dringen `te stemmen zoals ze schoten'. De Democraten wonnen na de economische crisis van 1929 zeven van de negen presidentsverkiezingen door in campagne steeds maar weer opnieuw tegen de `laisser faire'-ideeën van de vroegere Republikeinse president Herbert Hoover te ageren.

Maar er is niet altijd een Burgeroorlog of een economische crisis. Bill Clinton deed het goed bij de kiezers in de voorsteden door een arsenaal van verkiezingspunten, waaronder zijn belofte van controle op vuurwapens. Het kan dit jaar anders lopen omdat de opgeporde National Rifle Association (NRA) alle zeilen bijzet voor Bush. Zoals Richard Moore, voorzitter van de afdeling Gallipolis, Ohio, zegt: ,,Sommige kiezers zijn bang dat ze hun vuurwapens moeten laten registreren als Gore wordt gekozen.'' Dit verontrustte Gore zo, dat hij zijn standpunt over vuurwapens afzwakte.

De verliezende partij is altijd het slachtoffer van verschil in benadering van politieke vraagstukken door mannen en vrouwen.

Als de Democraten winnen, lukt het de Republikeinen maar nauwelijks om vrouwen naar de stembus te krijgen. Als de Republikeinen winnen, lukt de Democraten hetzelfde niet met de blanke mannen.

Het is mogelijk dat het verschil in benadering van politieke vraagstukken door mannen en vrouwen van de ene verkiezing op de andere eender blijft en de juistheid van beide beweringen kan worden aangetoond. Interessante vragen zijn of dit verschil in benadering groter of kleiner wordt, en waarom.

Een nek-aan-nek gelopen race is op de avond van de verkiezingen een nek-aan-nek behaalde overwinning.

Je hoort al weken dat dit een van de spannendste verkiezingen van de afgelopen decennia is. Dat is zo. Maar het is niet onmogelijk dat het eindresultaat er allerminst om zal spannen: of omdat de ene partij in groten getale opkomt en de andere minder, of omdat er een grote verschuiving in één richting plaatsheeft van zwevende kiezers.

Wees de voorspellers dus genadig, of het nu commentatoren zijn of uw buren.

E.J. Dionne Jr. is columnist.

© Washington Post Writers Group