Opbrengst veiling Oostenrijk lager dan in Nederland

De Oostenrijkse veiling van vergunningen voor geavanceerde mobiele telefonie (UMTS), die vrijdag was begonnen, heeft slechts één dag geduurd. De opbrengst bleef steken op 9,6 miljard schilling (1,5 miljard gulden), de helft van wat was voorspeld.

Per inwoner van Oostenrijk hebben de telecombedrijven die aan de veiling meededen 192 gulden betaald. Daarmee heeft Nederland niet langer de laagste veilingopbrengst van Europa. In juli leverde de Nederlandse veiling 6 miljard gulden op, ofwel 377 gulden per inwoner. Op veilingen in Groot-Brittannië en Duitsland werd rond de 1.400 gulden per inwoner betaald.

Het Oostenrijkse veilingontwerp kon, naar analogie van het Duitse, resulteren in vier grote, vijf middelgrote of zes kleinere vergunningen (een vergunning omvat een bepaalde hoeveelheid radiospectrum). De bieders konden zelf de mate van concurrentie op de toekomstige markt voor UMTS-telefonie bepalen.

De veiling werd vrijdag na de tiende biedronde vier uur lang stilgelegd door de Oostenrijkse toezichthouder Telekom Control. Toen was al duidelijk dat de zes deelnemers aan de veiling aanstuurden op een uitkomst van zes vergunningen en dus niet van plan waren tegen elkaar op te gaan bieden. Naar verluidt wilde Telekom Control de deelnemers waarschuwen dat het getoonde biedgedrag kon duiden op samenspanning. Na de onderbreking ging de veiling nog vier rondes door. In Oostenrijk was een (totale) minimumprijs van 610 miljoen euro (1,3 miljard gulden) ingesteld. De uiteindelijke opbrengst ligt daar net boven.

In Italië en Nederland zijn na de UMTS-veilingen onderzoeken ingesteld naar mogelijke samenspanning van bieders. In Nederland leidde dat afgelopen vrijdag tot invallen bij de telecombedrijven Versatel en Telfort. In Oostenrijk is nog geen nader onderzoek aangekondigd.

DOSSIER TELECOMwww.nrc.nl/ Economie