Grotere vrijheid scholen

Basisscholen en middelbare scholen krijgen meer vrijheid in hun beleid en financiering.

Dat is de kern van de beleidsbrief die minister Hermans en staatssecretaris Adelmund (Onderwijs) morgen naar de Tweede Kamer sturen.

In navolging van universiteiten en hogescholen wil de overheid ook voor de rest van het onderwijs minder regels van bovenaf opleggen, zodat scholen zelfstandiger worden en eigen keuzes kunnen maken.

Volgens de bewindslieden moet de overheid zich beperken tot de hoofdlijnen: kwaliteit, toegankelijkheid en variëteit. Dat laatste houdt in dat het onderwijs goed inspeelt op verschillen tussen leerlingen en het leerniveau.

Meer beleidsvrijheid betekent dat scholen ervoor moeten zorgen dat ze de door de minister vastgestelde normen en doelstellingen voor het onderwijs halen. De overheid moet hiervoor dan wel voldoende geld ter beschikking stellen.

Verder willen de bewindslieden naast het publieke geld ook sponsoring en vrijwillige ouderbijdragen in het primair en voortgezet onderwijs niet tegengaan, mits dit goed in kaart wordt gebracht.

De gedachte is dat als privaat geld buiten het reguliere onderwijs blijft, het particulier onderwijs zou kunnen toenemen.

Als de plannen doorgaan, zullen de scholen voortaan wel meer verantwoording moeten afleggen aan ouders en aan de gemeente en de rijksoverheid.