De politiek van `kut' en `godverdomme'

De lokale partij Leefbaar Utrecht moet wellicht verlies incasseren bij de `herindelingsverkiezingen', woensdag in Utrecht. De strategie van confrontatie in de raadszaal en agitatie op straat lijkt uitgewerkt. De partij van kroegbaas/discjockey Henk Westbroek moet op zoek naar een ander imago.

Verkiezingsdebat in café Hofman aan het Janskerkhof. Belangrijkste thema: het Hoogwaardig Openbaar Vervoer-plan. De gemeente Utrecht is anderhalf jaar geleden begonnen met de aanleg van een busbaan door de stad. Elke straat in het centrum ligt open. Gemeenteraadslid Yet van den Bergh (Leefbaar Utrecht) rent twintig seconden voor aanvang het podium op. Net op tijd. ,,Geen doorkomen aan.'', gilt ze. ,,De stad is er geen donder beter op geworden.''

,,Ja, ja'', moppert wethouder Van Zanen (VVD). ,,Nu zijn we aan de slag, is het weer niet goed.'' De zaal klapt. ,,En trouwens'', zegt Van Zanen: ,,U deed niet mee. U weigerde bestuurlijke verantwoordelijkheid te dragen. Houd dan ook uw mond!'' De zaal juicht.

Yet trekt haar jas uit. ,,De mensen in de zaal zien Leefbaar Utrecht misschien niet zitten, maar de mensen in de stad wel. Ik verwacht veertien of vijftien zetels'', hetgeen neer zou komen op een winst van vijf of zes zetels.

Komende woensdag kiest de Utrechtse bevolking een nieuwe gemeenteraad. Aanleiding voor de tussentijdse verkiezingen is de gemeentelijke herindeling van Vleuten en De Meern bij de stad Utrecht. Lijsttrekkers slepen zich vermoeid van lezing naar debat. De VVD pleit voor meer daadkracht, GroenLinks voor meer welzijn, het CDA wil het over mensen hebben. Alleen de lokale partij Leefbaar Utrecht heeft zich met zestig mensen en veertigduizend gulden vol overgave op de campagne gestort. ,,We willen de stad besturen'', zegt voorzitter Broos Schnetz. Overal schudden de hennarode krullen van Yet van den Bergh. Overal hangt het affiche met de bulldozer: `Het moet anders, want het kan beter'. Overal klinkt de geroutineerde lijzige bariton van lijsttrekker/radiopresentator/zanger/ kroegbaas Henk Westbroek.

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 1998 behaalde Leefbaar Utrecht in een keer negen zetels en werd de grootste partij van de stad. De overwinning was vooral het gevolg van de grote ontevredenheid bij de Utrechtse bevolking over de uitvoering van het Utrecht Centrum Project – een ingrijpende verbouwing van Hoog Catharijne – en de aanleg van de busbaan. Leefbaar Utrecht wilde maar één ding: de invoering van het referendum, zodat de bevolking kon kiezen: Utrecht als metropool of Utrecht als provinciehoofdstad.

Het had voor de hand gelegen dat de volkspartij deel zou nemen aan de coalitie, maar geen van de andere partijen zag iets in het referendum. Leefbaar Utrecht stapte uit de college-onderhandelingen. ,,We hebben er in het begin bewust voor gekozen oppositie te voeren'', geeft bestuurslid Joris Daalhuizen toe. ,,We moesten het politieke vak nog leren. Raadsleden volgden cursussen en we haalden onze jarenlange beleidsachterstand in. In de fractiekamer stond nog maar één computer die Broos had voorgeschoten.''

,,Leefbaar Utrecht voorzag deze verkiezingen'', zegt wethouder Jan van Zanen. In de opiniepeilingen van het Utrechts Nieuwsblad staat Leefbaar Utrecht namelijk op één zetel verlies. Als de partij woensdag zetels in moet leveren, stappen Westbroek en zijn bestuur op. ,,We zijn een partij tegen wil en dank'', zegt Schnetz. ,,We kanaliseren de onvrede. Is iedereen tevreden met het stadsbestuur, dan heffen we onszelf weer op.''

Maar de onvrede is groot in de stad, is de voorzitter opgevallen. Dus verliest Leefbaar Utrecht niet. De opkomst voor de gemeenteraadsverkiezingen slinkt, benadrukt hij – al is het aantal uitgebrachte stemmen bij de laatste verkiezingen na de deelname van Leefbaar Utrecht ook niet gestegen. ,,Het stadsbestuur is een grote kleffe bende. Een systeem van achterkamertjes. Besluiten worden per decreet opgelegd, zonder dat er draagvlak voor is. Mensen willen meebeslissen over wat er bij hun in de wijk gebeurt.'' Schnetz pleit voor de oprichting van wijkparlementen die het stadsbestuur op de hoogte houden van de bewonerswensen.

Oktober 1997 verzonnen Schnetz en Westbroek in het Utrechtse café Stairway to Heaven de naam Leefbaar Utrecht. ,,We liepen al jaren te kankeren over hoe slecht de stad werd bestuurd. Toen stelden we onszelf voor de keuze: we kankeren niet meer of we gaan zelf de politiek in.'' Het daaropvolgend voorjaar richten ze samen met Leefbaar Hilversum-politicus Jan Nagel en vrije ondernemer Willem van Kooten een nationale pendant van de partij op.

Hoe kan een lawaaierige tegenpartij zo'n hit worden in een keurige provinciestad als Utrecht? Economisch geograaf Ton van Rietbergen van de Universiteit Utrecht wijdt het succes van Leefbaar Utrecht vooral aan de gebrekkige kwaliteit van het stadsbestuur. ,,De discussie over de verbetering van het openbaar vervoer in de stad wordt al vanaf 1977 gevoerd. Het is een politiek van patstellingen en second best-oplossingen. De D66-wethouder die nu de busbaan aanlegt, heeft als raadslid gezegd dat hij zich liever laat overrijden dan dat hij met de komst van een snelbus of sneltram instemt.

,,Er zijn ondernemers in Utrecht die al twee jaar een loopplank voor de deur hebben, omdat de straat voor hun winkel openligt. Of ze hebben door de onbereikbaarheid van het centrum hun zaak moeten sluiten. De GroenLinks-wethouder met de Vinex-locatie Leidsche Rijn in haar portefeuille zegt steeds dat ze een besluit `samen met de projectontwikkelaars' heeft genomen. `Wat zijn dat voor onnozele politici', denkt de Utrechter. `De gemeente laat zich knollen voor citroenen verkopen'. Leefbaar Utrecht mobiliseert dit soort onvrede en maakt daarbij gebruik van het charisma van Westbroek, Yet van den Bergh en lijstduwer Giphart.''

De manier waarop in Utrecht politiek wordt bedreven is bleek, vindt ook Hugo van der Steenhoven, voormalig wethouder van Verkeer en nu Tweede Kamerlid (GroenLinks). ,,Er zitten vijf partijen in de huidige regenboogcoalitie, die allemaal op elkaar lijken. Die brede samenstelling is een traditie geworden. Hoe meer partijen, hoe steviger het stadsbestuur, is de argumentatie. Zo maak je het Leefbaar Utrecht gemakkelijk om de beuk te zetten in de gevestigde orde.''

,,Het zijn natuurlijk gewoon querulanten'', zegt onderzoeker Van Rietbergen over de politici van Leefbaar Utrecht. ,,Iedereen die het niet verder heeft gebracht dan een doorsnee klerk, voelt daar een zeker onbehagen over. Dat kan zo iemand op zichzelf betrekken, maar meestal verwijt hij dat een ander: de politiek. Westbroek speelt feilloos in op die collectieve boosheid, combineert die met zijn eigen boosheid en voert een scherp debat met oorvijgen.''Wethouder Annemiek Rijckenberg (GroenLinks) van Ruimtelijke Ordening omschrijft de Leefbaar Utrecht-fractie als `ontevreden, witte mannen van middelbare leeftijd'. ,,Ze hebben weliswaar hun schaapjes op het droge, maar missen toch iets: maatschappelijke erkenning? Een imponerend verleden? Ze gaan zo agressief te werk in de raadszaal dat andere fracties zich defensief opstellen. Die durven niet meer trots te zijn op wat er in de stad tot stand komt.

,,Over ons Marokkaanse raadslid dat prachtig Nederlands spreekt, zei Westbroek: `Die meneer kan ik nooit verstaan'. Hij heeft het over troetelturken. Dat is als kwetsend ervaren. Wat een gewone Utrechter zegt is heilig in de ogen van Leefbaar Utrecht, maar wat een raadslid of ambtenaar zegt is per definitie niet waar. De raad wordt in diskrediet gebracht.''

Populistisch, vindt mediasocioloog Kruin van Toledo van de Universiteit Utrecht. ,,Ze zijn op zoek naar het Gesundenes Volksempfinden. Historisch is dat begrip beladen, maar inhoudelijk is het wel van toepassing. Alle communicatieve uitingen zijn op elkaar afgestemd: de hapklare brokken uit het verkiezingsprogramma, de liedjes, het avondje bij de bingoclub en de campagnedag met oud-vakbondsman Herman Bode. Het geheel moet dan ook nog natuurlijk samenvloeien in de persoon van Henk Westbroek. Hij lijkt zich steeds beter te beheersen.''

Iedereen die iets wil zeggen over Leefbaar Utrecht, zegt iets over Henk Westbroek. Dat hij bij de raadsvergaderingen altijd de presentielijst tekent en vervolgens gaat zitten roken in de koffiekamer (ambtenaar van de Secretarie). Dat hij met zijn taxichauffeursmentaliteit heeft gezorgd voor een verruwing van de politieke omgangsvormen (Van der Steenhoven). Dat hij imponerend kan zijn al leidt dat de aandacht af van de inhoud van de zaak (Van Zanen).

Partijleden zijn bijna allemaal door hém binnengehaald. Bestuurslid Joris Daalhuizen: ,,Vlak na de oprichting van de partij hoorde ik Henk in zijn radioprogramma Denk aan Henk afgeven op het Utrechtse cultuurbeleid. Hij noemde een vingerballet dat zou worden uitgevoerd in een cultureel café. Ik vond dat zo grappig dat ik onmiddellijk heb gebeld: `Kan ik met jullie meedoen?' Een week later stond ik folders uit te delen.''

Fractielid, zenuwarts en onderzoeker bij het Pieter Baan Centrum Jan Scheffer: ,,Als debater steekt hij met kop en schouders boven iedereen uit. Wat een geheugen, wat een instinct, wat een presence. Ik bewonder hem zeer. Tijdens fractievergaderingen hoort hij iedereen uit totdat hij de informatie heeft die van politiek belang is. Hij noemt de werkelijkheid die anderen niet willen noemen. Het is waarheidszoeking zoals Freud die ook bedreef.''

Alleen is de aanvalsstrategie in de ogen van Scheffer soms wat te grof. Dan doelt hij niet op die keer dat Westbroek D66-fractieleider Jos Lemaier een acute dwarslaesie toewenste. ,,Ik was erbij toen hij dat zei. Het was een metafoor. Hij bedoelde dat er in de persoon van Lemaier geen verband bestond tussen gevoel en verstand.''

Het `strategisch dynamisch plan' kan wat subtieler op termijn, vindt Scheffer. ,,De vraag is of je je politieke tegenstander direct of met een judogreep wilt aanvallen. In het eerste geval – de Leefbaar Utrecht-aanpak – reageert hij defensief, in het tweede geval zet je hem op een ander been. Je verleidt hem zijn ideeën te herzien. Dat heeft uiteindelijk meer effect.''

Voorzitter Broos Schnetz denkt dat de partij veel groter kan worden als `we ons wat minder emotioneel zouden opstellen'. ,,We bedrijven politiek op een hoge graad van emotie. We zeggen af en toe `godverdomme' en `kut'. Henk is daar een exponent van. Hij mag graag metaforen uit de Tweede Wereldoorlog gebruiken. Dat moet ie achterwege laten. Dat wekt aversie bij het politiek correcte deel van de samenleving.''

Leefbaar Utrecht neigt deze campagne meer naar de serieuze media en minder naar de commerciële. ,,Meer naar de publieke omroepen en de Volkskrant. Minder naar De Telegraaf. Die boycotten we niet, maar ze spelen daar teveel in op gevoelens. Wij willen ons meer op de inhoud richten dan op de verpakking. Je moet een denkslag forceren bij mensen die het voor het zeggen hebben.''

De Utrechtse afdeling van de VVD heeft een commissie ingesteld die de strategie van Leefbaar Utrecht en andere lokale partijen onderzoekt. Conclusie van wethouder Van Zanen: ,,Leefbaar Utrecht is de Boerenpartij anno 2000. Grotesk in haar beschuldigingen: `We lopen aan de leiband van het grootkapitaal'. Maar de fractieleden verschijnen in de wijken, laten hun stem horen. Ik heb van ze geleerd, ze hebben ons wakker geschud. De scherpte in de raad is over de hele linie toegenomen.''