Aziaten voor Bush, vooral tegen Gore

Het buitenland houdt zich doorgaans diplomatiek op de vlakte als het gaat om het uitspreken van een voorkeur voor een van de twee kandidaten bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Maar Zuid-Oost Azië stelt zich minder terughoudend op: als het aan de Aziaten ligt, wint morgen George W. Bush. De belofte van Bush dat hij zich als president niet al te veel zal opdringen aan andere landen, klinkt hen als muziek in de oren.

Uitgesproken negatief is het oordeel over president Clinton en in het verlengde daarvan over Al Gore. Clinton heeft Azië volkomen links laten liggen, vinden velen. Minister van Buitenlandse Zaken, Madeleine Albright, zo zegt de Maleisische jurist Karim Raslan, heeft louter een ,,schokkend kwetsende minachting voor alles wat Aziatisch is'.

Gore wordt beschouwd als een interventionist. De Aziaten zijn bang dat hij hen arbeids- en milieunormen gaat opleggen op straffe van handelssancties. ,,Dat kan ons raken', zegt een diplomaat, ,,want we voldoen aan geen enkele VS-norm wat arbeid en milieu betreft.'

Gore wordt in Azië achtervolgd door een toespraak die hij ruim twee jaar geleden in Maleisië hield. Daarin duidde hij de Maleisische oppositie, onder leiding van de voormalige, en wegens corruptie en sodomie veroordeelde vice-premier Anwar Ibrahim, aan als ,,dappere mensen'. Dat zette kwaad bloed bij premier Mahathir, die de rede van Gore knarsentandend moest aanhoren. Mahathir zei deze week dat het hem zeer zou spijten als Gore de verkiezingen zou winnen.