Het publiek

,,Wij zijn blij met de drafbanen. Zien we een bekende van ons zwaar inzetten, dan gaan we nadenken bij welke zaak hij betrokken zou kunnen zijn'', zei ooit Teun Platenkamp, oud-hoofd Interpol Nederland. Pooiers, snollen, ontvoerders, kortom, de onderwereld bezocht de drafbanen. Wie anders beschikte over voldoende zwart geld om hele dagen rond te hangen op en rond de drafbanen. Veel van deze lieden hebben de drafsport inmiddels de rug toegekeerd. De drafsport bood niet meer het vermaak, het comfort en de catering die casino's wel bieden. Voor gokkers zijn paarden nummers, die voor wat betreft volgorde in overeenstemming met het door hen ingevulde trioformulier over de meet moeten komen. Overgebleven zijn de wedders, de deskundigen die de paarden volgen. Zij kennen de prestaties van de vader en de moeder van hun favoriete paard. Zij weten of de pikeur net een nieuwe vriendin heeft of dat hij in scheiding ligt. Zij hebben een scheut paardenbloed in de aderen. Zij moeten de paarden horen, ruiken en voelen. Het koersprogramma wordt elke dag met grote nauwgezetheid bestudeerd. Wint de uitverkorene, dan is er een moment van absolute gelukzaligheid. Verliest de gekozene, dan is het verdriet peilloos. Maar steeds weer is er een nieuwe race, zijn er nieuwe favorieten, zijn er nieuwe winnaars. Er zijn wedders die aan het spelen op de baan een kleine boerderij hebben overgehouden. Zij begonnen ooit met een grote.

Dit is de vijfde aflevering in een serie over publiek

    • Jacob Melissen