`De seksuele revolutie is te ver doorgeschoten'

Xaviéra Hollander, het boegbeeld van de seksuele revolutie, is niet meer geïnteresseerd in seks. Ze zoekt tegenwoordig naar theatertalent. En ze schrijft een boek over haar jeugd en haar ouders. `Het gaat in het leven om dienst en wederdienst. Ook met mijn vriendin.'

Xaviéra' staat er bij de bel op de voordeur van haar villa in Amsterdam-Zuid, de entree van wat zij haar `empire' noemt. Een magere man met schichtige ogen opent de deur. Het is James, de butler. Binnen staat Vera de Vries, alias Xaviéra Hollander (57) in vol ornaat. Haar groene oogschaduw kleurt bij het zwierige herfstkleurige gewaad dat haar corpulentie een beetje moet verbergen. Een drukke huiskamer met een zwart lederen bankstel. Overal foto's die het verhaal vertellen van haar gloriedagen: slank en sexy in een nat T-shirt, lachend op feestjes, gearmd met mannen van het type Sean Connery. James krijgt de opdracht om iets te drinken te halen en zich dan niet meer te laten zien. Deur even sluiten graag, want er komt lawaai uit de keuken.

We gaan het toch niet alleen maar over prostitutie hebben, had ze over de telefoon al gevraagd. Mannen, seks, het interesseert haar allemaal niet meer zo. Vrienden zeiden ook al: laat dat verleden toch rusten. Xaviéra's talent om ,,mensen om zich heen te verzamelen'', schrijf dáár nou eens over.

In 1971 werd Vera de Vries, die zich als prostituee in New York Xaviéra Hollander is gaan noemen, in één klap beroemd met haar boek The Happy Hooker. Daarin beschrijft ze hoe ze van een keurige leerlinge op het Barlaeus-gymnasium in Amsterdam-Zuid callgirl en madam werd in New York. Het boek zorgde destijds voor veel ophef. Niet alleen kwam een vrouw ervoor uit dat ze hoer was geweest, ze had het nog leuk gevonden ook. Van het boek zijn wereldwijd zestien miljoen exemplaren verkocht, aan de opbrengst heeft Xaviéra haar villa's te danken, in Amsterdam en in Marbella. Ook nadat ze de prostitutie vaarwel zei, bleef seks haar handelsmerk. Ze maakte een film, Pleasure is my business, die flopte, schreef nog talloze boeken over seks en heeft sinds 1973 een column in het blad Penthouse over seksuele problemen. Maar van de boodschap `seks is leuk' die begin jaren zeventig nog heel ondeugend was, kijkt anno 2000 niemand meer op. Seks is gewoon geworden.

Nu Xaviéra op haar 57ste seks zelf ook niet meer zo spannend vindt, zoekt ze naar een nieuwe manier om haar leven inhoud te geven. De leegte vult ze vooralsnog met het organiseren van theatervoorstellingen. Xaviéra's theaterdiner, kip met rijst en taartpunt toe plus éénmans-act, kost 125 gulden per persoon. Vorige week speelde de Brit Gareth Armstrong (hier onbekend maar in Engeland volgens Xaviéra een grootheid) in het Vindingrijk theater in Amsterdam het zelfgeschreven Shylock, een nogal complex stuk over een joods karakter uit Shakespeare's Koopman van Venetië. Eind deze maand speelt de Ierse acteur Fintan McDonagh A Night in November over sektarisme in Noord-Ierland. De scouting doet Xaviéra tijdens het jaarlijkse theaterfestival van Edinburgh. ,,Theater zit mij in het bloed'', zegt ze.

Xaviéra, dochter van een Duitse moeder en een Nederlandse joodse vader, kan niet alleen zijn. Thuis runt ze een bed & breakfast (vanaf 125 dollar per nacht). Behalve de Britse butler James woont ook een Aziatische ,,gay boy'' bij haar in. Hij maakt schoon en verzorgt de inrichting. Xaviéra laat zich omringen door haar zogeheten X-team, een tiental mannen en vrouwen die haar vrijwillig helpen met de organisatie van de theatershows. Ze omschrijft zichzelf als een ,,warme persoonlijkheid'', een soort ,,moederkloek die altijd klaarstaat om andermans problemen op te lossen''. Haar nachten brengt ze vaak door met e-mailen met vrienden en kennissen. Ze heeft een eigen site, bedoeld voor ,,all people searching for love and warmth''. ,,Ik wil altijd mensen on call hebben'', zegt ze.

Mannen hebben haar teleurgesteld. Te egocentrisch, niet zorgzaam genoeg. Neem nou John Drummond, de zeventigjarige Brit die ze al twintig jaar kent en introduceert als ,,mijn grote liefde'' en ,,zielsverwant''. Hij past op haar huis in Marbella waar ze enkele maanden per jaar doorbrengt. Maar wat doet hij? Hij laat zijn dertigjarige vriendin intrekken. ,,Dat mens loopt de hele dag met mobieltjes te bellen, hangs around like a bad smell. En ik maar telefoonrekeningen betalen.'' Toch laat ze het zo. ,,Ik hoef niet meer de slankste en de mooiste te zijn. John en ik reizen samen, hebben goede gesprekken. Dat is genoeg.'' Later volgt een wat scherpere verklaring: ,,Die man is daar niet weg te branden. Squatters' rights, you know. Maar het is de keus tussen dát of een Filipijns caretakers-echtpaar dat mij duizenden dollars per maand kost, de hele wereld afbelt en kindjes krijgt.''

De vrouw die fortuin maakte met haar verslag over hoe je mannen pleziert, heeft sinds tweeëneenhalf jaar een vriendin, de tien jaar jongere dichteres Dia, die als fanatiek zwemster meedeed aan de Gay Games. Zij is meegaander, zegt ze, makkelijker dan een man. Xaviéra heeft ,,af en toe nog wel eens een jonge minnaar tussen de lakens'', maar haar sex drive neemt af, zegt ze. ,,Als iemand tegen mij zegt: ik heb de hele nacht liggen wippen, denk ik: oh ja? Boooooring. Ik wandel liever met de honden aan het strand.''

Terwijl haar moeder stervende was, is ze vorig jaar begonnen aan een boek over haar ouders en haar jeugd, dat volgend jaar uit moet komen. Child No More, dat ze in het Engels heeft geschreven, is minder vrolijke kost dan het levensverhaal van de nymfomane blondine van negenentwintig jaar geleden. ,,In het Jappenkamp op Surabaya is mijn moeder voor de ogen van tweehonderd vrouwen bijna doodgeslagen. Ze had geprobeerd om voedsel voor mij het kamp binnen te smokkelen. Ik was toen twee. Ze heeft twee weken in het lijkenhuis gelegen. Mijn vader is ook gefolterd in de kampen.

,,Als kind had ik altijd nachtmerries, was bang voor het donker, voor geluiden. Ik huilde nooit, ook niet als ik pijn had. In het kamp had ik gemerkt dat mijn moeder toch niet kwam. Ik was een wreed kind, heb dieren gemarteld, katten verzopen. Op school trok ik meisjes aan hun haar. Zelf had ik kort haar, dan konden ze mij niet pakken. Ik was een eenzaam kind. Mijn moeder was een harde. Intuïtief en warm, maar altijd afstandelijk. Ze was beeldschoon en elegant. Zoals zij een shawl om haar nek bond! Ik ben dol op shawls, maar bij mij hangen ze altijd maar zo'n beetje.''

Ze toont een zwart-wit foto van een blonde trotse vrouw met een schattige blonde kleuter. ,,Kijk, hier hield mijn moeder eigenlijk nog het meest van mij. Toen was ik echt een poppetje. Die fascinatie met kleine meisjes heeft ze altijd gehouden. Als ze bij de Soundmix playback show zo'n Lolitaatje zag dan riep ze: `ach, kijk, net Veraatje'.

,,Mijn vader had een drukke praktijk als huisarts, was altijd weg. Hij was een charmeur. God wat een mooie man was het. Op het strand droeg hij altijd zo'n donkere zonnebril met dikke pootjes. Kon hij lekker kijken. Dan riep mijn moeder: ik zie wel dat jij je ogen beweegt! Ik trok altijd partij voor mijn vader, dacht: mens, laat die man toch lekker kijken.

,,Ik vond het heerlijk om naast mijn vader te lopen en mensen te zien denken: is het nou zijn dochter of zijn vriendin? Mijn moeder was een stoorzender. Ik wilde mijn vader voor mezelf hebben. Als we op bezoek waren bij Simon Vestdijk, een goede vriend van mijn vader, moest ik met mijn moeder en Vestdijks vrouw, Ans Koster, in de keuken kletsen over koekjes bakken terwijl Vestdijk lekker met mijn vader ging wandelen. Op mijn twaalfde heb ik gezegd: nu wil ik mee met pappa lopen.

,,Over zijn ervaringen in het kamp heeft mijn vader nooit met mij gepraat. Als we eens een goed gesprek hadden, kwam altijd mijn moeder ertussen. Ik was met hem altijd halfway there. Een soort coïtus interruptus. Hij kreeg op zijn 61ste een beroerte en had vanaf dat moment intensieve verzorging nodig. De man die altijd Dostojevski las, zat opeens naar Lucille Ball te kijken. Mijn moeder heeft hem acht jaar lang verzorgd. Ik was 21 en dacht: gouden stoel in de hemel voor haar, maar ik wil weg.

,,Met zijn beroertes verdween mijn ambitie. Ik ben nog op tv geweest bij Willem Duys als Miss Tik (een soort secretaresse van het jaar, red.). Allemaal voor hem: indruk maken. Godzijdank heeft hij nooit geweten wat ik daarna ben gaan doen.

,,Als secretaresse op het consulaat in New York verdiende ik zeshonderd gulden per maand. Ik had wat je noemt een champagne taste maar een beer budget, was beeldschoon en hield van seks. Ik kwam al snel op het idee om geld te vragen voor wat ik toch al deed met mannen. Na de lunch zat ik met mijn haar in de war en een ander bloesje aan weer achter mijn bureau. `Erection and demolition service' stond er op mijn visitekaartje. Mijn moeder, die mij jarenlang had ingepeperd dat een vrouw als maagd het huwelijk in moet, sloeg op een ochtend De Telegraaf open en zag mij met een zweep in mijn hand. Ja, dat was een schok.

,,Als je als hoer emoties toont, ben je verloren. Ik keek wel uit. Omgekeerd vroegen die types aan mij wel: am I good enough, am I big enough? En altijd klagen over hun vrouw, dat ze zo koud was als een vis. Ja, zei ik dan, dat komt omdat jij een lousy lover bent. Vlak voordat ze weggingen zei ik: `maar ik kan je wel leren hoe je beter wordt'. En dan kwamen ze terug.

,,Ik had veel macht over die mannen. Toen ik later mijn eigen bordeel runde al helemaal. Welke vrouw ze ook wilden, ze kwamen toch altijd weer bij de madam terecht. Bij mij dus. Ik genoot van die macht, maar op een positieve manier. Ik trapte ze nooit de grond in. Zoals mijn vader arts was, was ik hoer. Ik wilde graag helpen.

,,Prostitutie hoort bij seks. Net als pornofilms. Met mijn vriend John in Spanje heb ik vier jaar lang drie keer per dag gevreeën. Die man had een libido! Op een gegeven moment heb ik gezegd: neem nu maar een pornofilm. Seks voor de hygiëne, noem ik dat. Dat hoort bij mannen. Daarom ben ik nu ook met een vrouw. Ik heb genoeg van die macho-mentaliteit. Als ik zie hoe mannen zich in die sleazy straatjes aan vrouwen vergapen, denk ik: hou toch eens een spiegel voor je kop.''

De seksuele bevrijding van de jaren zestig en zeventig is te ver doorgeschoten. Destijds was seks spannend omdat er taboes waren. Toen waren kinky party's nog echt kinky. Nu zijn het meer maffe verkleedpartijen. Bij het programma Seks voor de Buch heb ik eens een of andere boerenhufter gezien die het deed met een plastic pop. Ja, nu vráág ik je.

,,Ik denk niet dat ik ooit nog met iemand ga samenwonen. De beloftes van mannen zijn allemaal bullshit gebleken. A stiff cock doesn't think. Ik heb met vallen en opstaan moeten leren dat ik alleen op mijzelf kan rekenen. Ik ben nooit bij iemand ingetrokken, heb altijd mijn eigen huis gehouden. Het voordeel van jonge minnaars vond ik ook altijd dat je kon zeggen: vraag maar aan je moeder of ze je hemdjes wil strijken.

,,Fysieke kracht is in de prostitutie een voorwaarde. Op mijn 33ste ben ik na een buitenbaarmoederlijke zwangerschap bijna de pijp uitgegaan. Eén eileider is weggehaald, de andere was volledig verstopt. Ik wilde graag kinderen, maar het kon niet. Toen is mijn identiteitscrisis begonnen. Ik wilde de happy hooker niet meer zijn, heb mijn haar gemillimeterd en ben te veel gaan eten. Ik ben sindsdien een beetje antikind geworden. Vroeger dacht ik: kindje, balletje, hondje, énig! Nu denk ik: fuck those kids. Dat is zelfbescherming.

,,Mijn gewicht is nog steeds een struggle. James helpt het te beteugelen. Hij heeft net weer een leeg zakje chocolaatjes op mijn computer geplakt. Zo van: betrapt! Ja, dat personeel, daar ben ik wel afhankelijk van. Iemand moet voor mij zorgen. Wat dat betreft ben ik net een man. A woman with balls. Mijn vriendin is lief en meegaand, maar niet echt zorgzaam. Koken doet ze niet voor me. Daar heb ik James voor, gelukkig.

,,In het leven gaat het om dienst en wederdienst. Met mijn vriendin ook, hoor. Oh ja, die is tough! Ze volgt een cursus scenario schrijven, dat kost drieduizend gulden. Kan ze niet betalen met haar uitkering. Dus komt ze hier op maandag mijn post ordenen, krijgt ze 12,50 per uur voor. Nou, ze telt goed hoor. Zegt ze: `Ik heb vier uur en tien minuten gewerkt.' Ja, kom, zeg ik dan, ik geef je toch ook eten en drinken?

,,Ik heb een tijdje een probleem gehad met anger. Door die toestanden met John in Spanje ging mijn bloeddruk met stappen omhoog. Zijn klassieke muziek de hele dag keihard aan. Die vriendin van hem bloot op mijn terras, alles zoals hij het wilde. En ik kon de rekeningen betalen. Ik heb toen een hele goede essence awareness-cursus gevolgd. Mijn leraar, een Israëliër zei: geef wat meer, neem wat minder, maar baken je eigen territorium af. Ik heb Johns salaris met 750 dollar verhoogd naar 1.250 dollar per maand en gezegd: geen klassieke muziek meer, ik wil je niet meer in mijn keuken zien en geen gefoezel meer met je vriendin op mijn terras. En wat denk je? Een week later laat hij op mijn antwoordapparaat een hele lieve boodschap achter. Thank you for the money, how can you be so nice, etcetera, etcetera. Dat was echt een liefdesverklaring. Ach ja, ik houd nog steeds van die man.

,,Door ervaring ben ik sterker geworden. Ik verzamel nu vooral zwakke types om mij heen. Allemaal lieve, volgzame mensen die geen thuis meer hebben, geen moeder of vader, maar die toch ergens bij willen horen. Voor hen ben ik de kapitein van het schip, het rad waar alles om draait. Ik ben queen of my own empire. In mijn X-team zit een vrouw die dat nog niet zo goed begrijpt. Verschijn ik met een vriend op een party, staat zij meteen klaar om een afspraakje met hem te maken. Dan zeg ik dus: hey, take it easy. Van mijn protégés blijft men af, die gouden regel had ik als madam al. Don't mess with the man of the madam. Ach ja, aandacht, aandacht, aandacht, die behoefte is geloof ik menselijk.''

Mijn moeder heeft in het kamp haar leven voor mij gewaagd. Dat schept automatisch een band. Eenmaal terug in Nederland heb ik haar vreselijk verwend. Had ik weer voor duizend gulden een tas voor haar gekocht, riep ze lachend: `ach kind, je kunt mijn liefde toch niet kopen'.

,,Ik heb mij rot geschaamd dat ik mijn moeder aan haar lot heb overgelaten toen mijn vader ziek was. Ik ben niet eens op zijn crematie geweest. Toen mijn moeder ziek werd, heb ik dus gezegd: mam, nu laat ik je niet alleen. Iedere tweede dag was ik bij haar.

,,Mijn moeder was net als mijn grijze kat: niet het type dat graag aangehaald werd. Maar toen ze stervende was, zat ze in haar pyjamaatje op bed met zo'n blik van: haal me eens aan. Echt smekend. Toen heb ik haar geaaid. En wat denk je? Toen ik terugkwam van haar begrafenis, zat die kat hier op bed te miauwen. Precies dezelfde blik als mijn moeder, met dat kopje zo'n beetje naar links. Nou, die kat is nu niet meer bij me weg te branden.''