Tovertrucs op de wc

Het laatste project van de deze week vertrokken rijksbouwmeester Wytze Patijn was de verkiezing van het mooiste toilet.

Net als bij de AKO Literatuurprijs waren er zes genomineerden. En zoals iedereen van tevoren wist dat Arnon Grunberg zou winnen, was het nauwelijks een verrassing dat de wc van het Amsterdamse Café Cobra zaterdag nummer één werd in de Nederlands-Vlaamse wedstrijd Kamer 100.

De toilettenprijsvraag was de lichtste toets van het slotakkoord dat architect Wytze Patijn liet horen bij zijn afscheid als rijksbouwmeester op 1 november. Naast de degelijke Architectuurnota Ontwerpen aan Nederland die recent onder zijn auspiciën verscheen, wilde hij aan de staartpunt van zijn bewindsperiode `het kleinste kamertje' onder het vergrootglas leggen. Zijn Belgische collega, die luistert naar de naam Bob van Reeth, was snel gewonnen voor het idee. In de voorzomer schreven zij samen de prijsvraag uit. De uitslag werd afgelopen zaterdag door de beide bouwmeesters bekendgemaakt.

Wat is de mooiste wc? Alle toiletten mochten meedoen aan de competitie. Doel was om wc's voor publiek of privé gebruik, inpandig of op straat, in Nederland of in Vlaanderen, `zichtbaar' te maken. Patijn en Van Reeth vinden namelijk dat de wc een verwaarloosd aspect is binnen de architectuur.

Is dat waar?

In deze hedonistische tijd worden waanzinnige bedragen uitgegeven aan badkamers, keukens en andere nuttige voorzieningen. In dit rijtje hoort de wc thuis. Behalve bij mijn visboer - hij heeft een soort eethuis met drie kleine tafeltjes achterin de zaak en schenkt een glaasje witte wijn - ken ik geen wc waar de iets dikkere medemens niet welkom is. De meeste toiletten die op mijn pad verschijnen zijn hygiënische, sobere ruimtes of romantisch opgesierde schatkamertjes. In mijn beeld is de wc architectonisch dus niet ernstig misdeeld. Met uitzondering van veel hogescholen en universiteiten; ongelooflijk hoe deerniswekkend in deze gebouwen de sanitaire batterijen gehuisvest kunnen zijn.

In het wedstrijdreglement van Patijn en Van Reeth stond dat de inzender het toilet `als ruimte' moest weergeven. Dit om te voorkomen dat een onafzienbare stoet kunstig beschilderde wc-potten de jury-arbeid zou hinderen. Er waren 180 inzendingen. Onder de guillotine die genadeloos reageerde op drie criteria, ruimtelijke kwaliteit, functionaliteit en orginaliteit, sneuvelden als eerste de ruim tachtig wc's `in de huiselijke sfeer'. `Teveel voyeurisme', zei de rijksbouwmeester afgelopen zaterdag in het Nederlands Architectuurinstituut bij de prijsuitreiking. `Teveel onderbroekenlol'.

Ineens was daar dat woord, `onderbroekenlol'. Om de een of andere reden bracht ik het in verband met de mobiele, in beton gegoten pissoirs die op vrijdag- en zaterdagavond in Amsterdam en misschien ook wel in andere steden, op knooppunten van het uitgaansleven worden neergezet. Het zijn manshoge, gotische torenspitsjes die, net als glasbakken, uit open vrachtwagens op straat worden getild. Uithollingen en gootjes nodigen uit om er op drie plaatsen tegenaan te plassen, maar ik heb het nooit iemand zien doen. Het zal wel komen omdat zij te nuchter zijn vormgegeven.

Designminnaars

De opmars van de wc als vorm van hoge designkunst begon in 1984 met de urinoir van Café Costes in Parijs. Een mat verlichte glazen wand waarover permanent water stroomt was voor meesterontwerper Philippe Starck voldoende om de basis te leggen voor een esthetisch wonder. Alleen om de wc van Café Costes te zien reisde je in die jaren naar Parijs. Het toilet als bedevaartsoord voor designminnaars was geboren. Een paar jaar daarna verscheen, op een steenworp afstand van Café Costes, Café Beaubourg. Architect Christian de Portzamparc maakte hier de toiletbehuizing, onder andere door een geraffineerde verlichting tot een bijna museale ruimte. Sindsdien is de wc het eerste wat architecten graag laten zien wanneer zij hun eigen gebouw tonen. Het laatste wat de serieuze ontwerper zich kan veroorloven, is het afraffelen van de wc. Behalve de grote Richard Meier. In zijn ontwerp voor het prestigieuze Paul Getty Centre in Californië liet hij de toiletten gewoon weg. Totaal vergeten, bekende de architectuurgodheid die de laatste jaren nogal met zijn hoofd in de wolken loopt.

Dankzij een klein, delicaat vormgegeven boekje zijn de resultaten van de prijsvraag Kamer 100 bewaard gebleven. De zes nominaties hebben voor een deel de heldere geest van Philippe Starck met elkaar gemeen. Dat wil zeggen veel roestvrij staal en matglas. Om recht te doen aan de genomineerden, zal ik ze kort voorstellen.

De toiletten van Brasserie Pakhuis in Gent zijn bijna volledig bekleed met zwart Portugees marmer wat ze, in de woorden van juryrapportschrijfster Gerda ten Cate `een luxe, dramatisch en klassiek effect verleent'. Het ontwerp is eind jaren tachtig gemaakt door de Portugese architect-kok Antoine Pinto en die leeftijd is zichtbaar zonder dat wc's en urinoirs gedateerd aandoen. Een prestatie.

Het toilet van Lijstenmakerij Ron de Hoog in Maassluis is uitgevoerd als een zwaar blok van groene natuursteen en staat middenin de zaak. Op de stenen doos zitten houten knoppen waaraan lijsten kunnen worden gehangen. Het toilet is van buiten niet als zodanig herkenbaar - het zou een nachtkluis kunnen zijn - en de zware deur voorkomt dat enig geluid van binnen naar buiten doordringt. Zelfs het doortrekken is geruisloos.

Voor Woonwinkel Co van der Horst in Amstelveen ontwierp Marcel Wanders een soort Saharatent van doorschijnend doek. Personeel en klanten lunchen hier. Zij gaan naar de wc in twee aan elkaar geschakelde geluidscabines die pal naast de tent staan en overtrokken zijn met zandkleurige vloerbedekking. De wanden van de twee kamertjes bestaan uit repen lood. Elke ruimte bevat drie wc-potten naast elkaar, zonder afscheiding ertussen. Je kan dus met z'n drieën tegelijk je dingen doen en je wordt dan bijgelicht door een gezellige schemerlamp uit het assortiment.

De Belgische architect en meubelmaker Maarten van Severen is verantwoordelijk voor de toiletten in de hal van het Mercator & Noordstargebouw in Antwerpen. De ruimte is van vloer tot plafond uitgevoerd in spiegelend, felgekleurd glas. Groen en blauw zijn de dameskleuren, blauw en geel die van de heren. Door de weerspiegeling zijn de wanden bijna immaterieel geworden en dat maakt deze wc's tot een unieke belevenis, zegt het juryrapport.

De bekendste genomineerde is het openbaar toilet dat architect Rem Koolhaas en fotograaf Erwin Olaf in 1996 ontwierpen voor de Groningse manifestatie A star is born. Het slakkenhuisvormige gebouwtje staat nog steeds op de kade aan het water van de Kleine der A. Rond de urinoir en de wc loopt een matglazen wand waarin de foto's van Olaf zijn opgenomen. Blauwe figuren, gewapend met laserpistolen en deegrollers zijn in een soort Afrikaanse rituele dans verwikkeld. De man moet ertegenaan plassen en als alles werkt, springen prompt speelse waterstraaltjes vanonder de wand omhoog. Maar het schijnt dat de zaak vaak hapert. De afvoer is verstopt en de stank is dan niet te harden. Een aantrekkelijke nominatie, dit openbaar toilet in Groningen, maar geen winnaar.

Doorzichtige wc-deur

Dat is wel Café Cobra op het Museumplein in Amsterdam. De horecagelegenheid is nauwelijks een jaar oud en ligt ondergronds ingeklemd tussen een kiosk en de autobusgarage. De wc-gang - het zijn er een aantal op een rij - wordt bewaakt door een juffrouw met een schoteltje omdat het een openbare gelegenheid betreft. Ogenschijnlijk is de toilettengalerij, ontworpen door architect Kees Spanjers, met veel glas, roestvrij staal, spiegels en kleine zwarte tegeltjes niet heel bijzonder. Maar wie er daadwerkelijk gebruik van maakt ontdekt het deurenraadsel. De deuren zijn transparant en laten, als zij open staan, een meedogenloze afwerkplek zien met witte wc-potten, met door toiletjuffrouw Chantal consequent opgeklapte bril. Nu komt de tovertruc. Doe je de doorzichtige deur aan de binnenkant op slot, dan verandert deze in nagenoeg ondoorzichtig matglas. Het schijnt dat alleen de vage contouren van de plassende of zich anderszins bevrijdende mens in het kleinste kamertje zichtbaar blijven. Maar je moet personeel meebrengen om uit te vissen of dit op waarheid berust. Eigenlijk wil je het effect liefst met eigen ogen zien. Vergelijk het met het lichtje in de ijskast, steeds neus tussen de deur bij pogingen om je te vergewissen dat het uit gaat.

Persoonlijk ben ik geen voorstander van dit soort wc-experimenten. Ik behoor tot een generatie die uitsluitend uit noodzaak naar de wc gaat en meestal op het allerlaaste moment. Dan wil ik niet lastig gevallen worden met kwesties of die deur nou wel of niet luistert naar het ondoorzichtigheidscommando. De wc's van het Café Cobra ken ik uit eigen ervaring. De tekst lock door, transparancy will cease to be? viel mij de eerste keer op het laatste moment in het oog. Toen ik het vraagteken zag, was het te laat.

`Kamer 100, prijsvraag Rijksbouwmeester', Uitgever V+K Publishing Blaricum. Prijs: f 35,-

De wc het eerste wat architecten graag laten zien

    • Max van Rooy