Filevorming op de stroomsnelweg

Goedkope buitenlandse stroom moest de prijsconcurrentie op de vrije Nederlandse elektriciteitsmarkt aanwakkeren.

Maar het hoogspanningsnet laat meer invoer niet toe. De grootverbruikers klagen.

De hoogspanningskabel is een draad van Ariadne in het lege Zeeuwse landschap, waar slagregens de strakke horizon hebben veranderd in een papier-maché-achtig labyrinth van lucht, weilanden en asfalt. ,,Volg de kabel maar'', had de Nederlandse Française door de telefoon gezegd, ,,dan vindt u ons altijd.'' Inderdaad lopen de draden en de weg dood bij de trillende slagbomen van het industriecomplex van Pechiney Nederland in Vlissingen.

De Nederlandse dochter van het Franse Pechiney verwerkt jaarlijks 450.000 ton aan grondstoffen tot 200.000 ton aluminium voor de productie van onder meer frisdrankblikjes, aluminiumfolie en vliegtuigonderdelen. Bij de Westerschelde, waarover de aluinaarde en cokes worden aangevoerd, staan drie fabrieken. Een fabriek `bakt' uit cokes en pek anoden van koolstof. In de smelterij wordt door middel van elektrolyse de aluinaarde gesplitst in aluminium en zuurstof, die zich verbindt met de anoden. Het aluminium wordt vervolgens in de gieterij verwerkt tot extrusiepalen en walsplakken.

Vooral de elektrolyse slurpt stroom, bij Pechiney zo'n 360 megawattuur per jaar (een huishouden verbruikt ongeveer 3.500 kilowattuur). ,,Elektriciteit is ongeveer een derde van onze kostprijs'', zegt directeur Joop de Back. Pechiney heeft nu nog een gunstig stroomcontract met Nederlandse leveranciers, maar dat loopt af op 1 april 2001. Als Pechiney daarna weer in Nederland stroom afneemt, is het bedrijf door de sterk gestegen prijs veel duurder uit.

Pechiney zou dan ook graag elektriciteit inkopen in het buitenland. ,,Daar ligt de elektriciteitsprijs per megawattuur zo'n 10 euro lager dan hier. Dat betekent dat de Nederlandse stroom ruim 2 cent per kilowattuur, ofwel 50 procent duurder is dan elders. Dat scheelt een kleine 70 miljoen gulden per jaar in vergelijking met de prijs die buitenlandse concurrenten betalen'', zegt De Back. Het Franse bedrijf in Vlissingen, dat aluinaarde haalt uit Jamaica en aluminium verkoopt in België, Nederland, Luxemburg, Duitsland en Frankrijk, kan echter niet zomaar elektriciteit van over de grens halen.

Stroom is statenloos. De elektriciteit die in Nederland lampen licht doet geven, wasmachines in beweging zet of van aluinaarde aluminium maakt, kan zijn opgewekt in Den Haag, maar ook in Duitsland, Frankrijk of Noorwegen. Hoewel Duitse elektronen zich in niets onderscheiden van Noorse, is de herkomst van de elektriciteit in Nederland plotseling een kwestie geworden. Een kwestie die de liberalisering van de elektriciteitssector dreigt te vertragen en verbruikers miljarden kan kosten.

Nederland breekt de elektriciteitsmarkt open in de verwachting dat de stroomtarieven voor huishoudens en bedrijven zullen dalen. Grote verbruikers zijn al vrij in het inkopen van elektriciteit, middelgrote en kleine verbruikers worden dat respectievelijk in 2002 en 2004. De liberalisering zal volgens minister Jorritsma (Economische Zaken) leiden tot een prijzenslag, die moet worden aangewakkerd door de import van goedkope stroom uit het buitenland.

Op dit moment is ongeveer 15 procent van de stroom in Nederland opgewekt in het buitenland en het is de vraag of dit veel meer zal worden. De importcapaciteit van het Nederlandse hoogspanningsnet is namelijk beperkt, iets waarvoor deskundigen in het verleden al hebben gewaarschuwd. Net als op de snelwegen is er op het stroomnet sprake van filevorming, met dien verstande dat op het hoogspanningsnet geen opstoppingen worden toegestaan en de toegangspoort op slot gaat als er geen plek meer is.

In de Overgangsgwet beperkt Jorritsma deze capaciteit bovendien verder door een groot deel ervan toe te wijzen aan de importcontracten van de vier Nederlandse stroomproducenten, die een looptijd hebben van drie tot negen jaar. Een aparte rijstrook op een driebaansweg voor de voormalige hoeders van de publieke stroomvoorziening in de Sep, de oude stroommonopolist die op 1 januari moet worden ontbonden. Dit tot woede van de grote stroomverbuikers in Nederland die ruimte willen voor hun eigen goedkope import.

De Tweede Kamer debatteert aanstaande maandag over de Overgangswet en is uiterst kritisch over met name de voorrangsregeling voor de stroomproducenten in de Sep, die in artikel 12 is opgenomen. Die voorrangsregeling is volgens de Kamerleden mogelijk een overtreding van de Europese regels, die discriminatie verbieden. Europees commissaris Monti heeft in een brief aan de Nederlandse regering al zijn twijfels geuit over `artikel 12', net als de Nederlandse kartelwaakhond NMa.

Het gebrek aan ruimte op het stroomnet is ook een rem op de langverwachte buitenlandse concurrentie. ,,Met deze beperking van de importcapaciteit is er in de komende jaren feitelijk geen sprake van liberalisering'', zeggen de Kamerleden Crone (PvdA), Van den Akker (CDA) en Van Walsem (D66) nagenoeg in koor. Als in Nederland Duitse prijzen zouden gelden, zouden de verbruikers hier minimaal 1,5 miljard gulden minder betalen voor hun stroom. Dat raakt grootverbruikers zoals Pechiney, maar ook de middelgrote en kleine verbruikers voor wie de energiebedrijven de stroom inkopen.

De aluminiumsmelter van Pechiney is in 1971 in Zeeland geopend. Dat paste destijds naadloos in het economisch beleid van de Nederlandse regering om energie-intensieve bedrijven te stimuleren. De aluminiumsmelter Aldel in Delfzijl is daarvan een voorbeeld, DSM in Limburg een ander. Nederland had immers veel goedkoop gas en het ministerie van Economische Zaken, dat toen de elektriciteitssector dirigeerde, zorgde voor een `zachte' stroomprijs voor de grootverbruikers.

Dat is met de liberalisering verleden tijd geworden. ,,Maar Pechiney Nederland heeft toch een toekomst'', betoogt De Back. De onderneming wil 200 miljoen gulden investeren om de uitstoot van het broeikasgas kooldioxide fors te verminderen, een milieu-investering die noodzakelijk zou zijn voor het voortbestaan van de fabriek. ,,Die investering doen we alleen als we uitzicht hebben op een redelijk energiecontract'', zegt De Back dreigend. ,,De aluminiumprijzen zijn nu prima, maar ik doe geen investering die niet meer rendabel is als de afzetprijzen gaan dalen.''

Het is niet zo dat wie stroom koopt in Duitsland ook automatisch elektronen van `Duitse' makelij krijgt. Als een Nederlands bedrijf stroom koopt bij een Duitse leverancier, zet die de gekochte hoeveelheid op het Duitse net. Het contract wordt met de andere geaccepteerde contracten op één hoop gegooid en Nederland laat van het Duitse net de toegestane hoeveelheid toe op het Nederlandse net. Ergens in Nederland tapt de koper vervolgens zijn stroom van het net, maar de kans dat die van een regionale producent komt is vrij groot.

,,Het is dan ook een virtueel probleem'', zegt De Back. Op dit moment is op het net 3.900 megawatt beschikbaar voor import, waarvan 1.500 is toegewezen aan de Sep-contracten. ,,Daarmee wordt schaarste geschapen en een hek om Nederland gezet. Dat heeft prijsverhoging tot gevolg, waardoor de Sep voor de stroom die ze verplicht is af te nemen hier meer geld krijgt dan in het buitenland. Op het moment dat de grootverbruikers 2.000 megawatt krijgen in plaats van 600 megawatt is de schaarste voorbij en zullen de prijzen dalen.''

Zo'n 150 kilometer noordelijker, in Voorburg, wordt dit geluid met een bijna onmerkbaar hoofdschudden begroet. Jannes Verwer is directeur van het Zuid-Hollandse productiebedrijf, waar op de gevel de naam EZH is vervangen door E.on, de Duitse energiereus die zich vorig jaar op de Nederlandse stroommarkt inkocht. ,,Als vroeger een bedrijf bij ons kwam met het verzoek om een aardige prijs, konden we wel wat doen. Dat werd dan via kruissubsidies betaald door anderen, door kleine verbruikers bijvoorbeeld'', zegt Verwer, die af en toe het woord voert voor de Sep. ,,Met de liberalisering kan dat niet meer.''

Dat de stroom in Nederland duurder is dan in Duitsland, Frankrijk of Noorwegen, komt doordat Nederland om milieuredenen overwegend gas gebruikt om elektriciteit op te wekken. Het Internationaal Energie Agentschap waarschuwde Nederland afgelopen week nog voor een te grote afhankelijkheid van deze energiebron. ,,Noorse waterkracht, Duitse bruinkool en Franse kernenergie zijn veel goedkoper dan gas. Door de dure olie en de dure dollar is de gasprijs sinds begin 1999 bovendien meer dan verdubbeld. Met een olieprijs van 15 dollar per vat [nu meer dan 30 dollar] hadden we deze hele discussie niet gevoerd'', zegt Verwer. ,,In Nederland is kernenergie maatschappelijk onacceptabel en willen we om milieuredenen geen kolen stoken.''

De Sep heeft in het verleden contracten gesloten met onder meer de Duitse bedrijven Preussen (nu E.on) en VEW en met het Franse EdF om de stroomvoorziening in Nederland te garanderen, maar wel tegen prijzen die nu ver boven de marktprijs liggen. Sep is begonnen met de heronderhandeling van de contracten, maar wil voor de import wel een plek op het net. De grootverbruikers van elektriciteit (waaronder Pechiney), verenigd in de VEMW, betogen dat de Sep een afnameverplichting heeft, geen importverplichting en dus de stroom ook buiten Nederland kan verkopen. ,,Toen de contracten tien jaar geleden werden gesloten was import in Nederland de intentie'', zegt Verwer, die eraan toevoegt dat ,,in sommige contracten iets staat over import''.

Verwer verheelt niet de Franse en Duitse stroom het liefst te verkopen in Nederland, waar het verlies minder zal zijn. ,,Moet ik in Frankrijk stroom van EdF verkopen aan afnemers die normaal gesproken rechtstreeks kopen van EdF? En als ik Duitsland verkoop, moet ik per kilowattuur zo'n twee cent gaan zitten onder de prijzen die daar toch al laag zijn'', zegt Verwer. Het idee dat de prijzen in Nederland zullen dalen als de 1.500 megawatt voor de Sep-contracten vrijkomt, vindt Verwer onzin. ,,Er blijft een grote schaarste. Niet alleen de grootverbruikers willen importeren, maar ook bijvoorbeeld de energiedistributeurs en de dotcombedrijven.''

Er gloort wel wat hoop, meent Verwer. ,,In Duitsland loopt de geweldige prijzenslag in de loop van volgend jaar ten einde. In 2003 krijgen we ook 1.000 megawatt meer importcapaciteit.'' Dan kan er meer stroom worden ingevoerd. Dat betekent ook meer stroom voor Nederland die opgewekt is met de vervuilende bruinkool. Merkwaardig omdat in de discussie over de liberalisering veel is gesproken over het schoner maken van de lucht. ,,Tja'', zegt Verwer, ,,Dat gebeurt nu ook al.''