Een heilige oorlog van aanslagen

De Islamitische Jihad in Palestina heeft de verantwoordelijkheid voor de bomaanslag van gisteren opgeëist.

De Islamitische Jihad in Palestina, die de verantwoordelijkheid voor de bomaanslag van gisteren in Jeruzalem heeft opgeëist, is een zeer kleine, extremistische groep die vecht voor de vernietiging van Israël door een heilige oorlog. De groep, concurrent van het veel grotere Hamas, eist de vestiging van een islamitische staat.

De Islamitische Jihad werd opgericht in 1980. De inspiratie was pro-Iraans, maar de later door Israël vermoorde Palestijnse leider Abu Jihad, een naaste medewerker van Yasser Arafat, speelde ook een belangrijke rol in haar totstandkoming. Nu bevindt de Islamitische Jihad zich in de oppositie tegen Arafat.

De Islamitische Jihad stond aan de oorsprong van de eerste intifada. Op 6 oktober 1987 ontketende de dood van vier leden van de Jihad in een hinderlaag door de Israëlische Shin Beth een eerste golf van protesten. Het formele begin van de cyclus van Palestijnse demonstraties die uiteindelijk naar het akkoord van Oslo zou leiden, kwam op 8 december.

De groep vecht haar oorlog in de vorm van aanslagen op Israëlische doelen, vaak burgers in Israël. Zij heeft verscheidene dodelijke aanslagen opgeëist: in juli 1989 de aanslag op een bus op de route Tel Aviv-Jeruzalem (14 doden), in januari 1995 de dubbele zelfmoordaanslag in Beit Lid (21 doden, van wie 20 militairen), in april 1995 de aanslag bij een joodse nederzetting in Gaza (7 doden, van wie zes Israëlische militairen en een Amerikaanse vrouw) en een zelfmoordaanslag in maart 1996 in Tel Aviv (12 doden). Een week geleden werd een strijder van de Islamitische Jihad gedood door de ontploffing van een bom die hij per fiets vervoerde naar een Israëlische militaire positie in de Gazastrook.

Veel meer dan Hamas, dat ook in de legaliteit opereert en op een uitgebreid sociaal netwerk steunt, opereert de Jihad militair en in de clandestiniteit. Haar leider, Fathi Shqaqi, werd in 1995 op Malta vermoord, naar wordt aangenomen door Israëlische agenten. Zijn opvolger is Ramadan Abdallah Shallah. Het hoofdkwartier van de groep bevindt zich in de Syrische hoofdstad Damascus, wat in zekere zin ironisch is gezien de ferme onderdrukking van de eigen moslim-fundamentalisten door het Syrische regime.

Er zijn berichten over een toenemende samenwerking met de veel grotere Libanese fundamentalistisch-islamitische beweging Hezbollah. Wat dat betreft is illustratief dat Shallah de aanslag van gisteren opeiste en verdere aanslagen aankondigde voor de televisiezender van Hezbollah, Al-Manar.