Zwitserse informatie vrij voor Clickfonds

Zwitserse documenten die betrekking hebben op een van de verdachten in het beursfraude-onderzoek (Operatie Clickfonds) mogen worden verstrekt aan Nederland. Dat heeft een Zwitsers rechtscollege bepaald.

Door de uitspraak kunnen de stukken een rol spelen in een rechtszaak die volgende week dient. Daarin staan vier voormalige werknemers van financiële instellingen terecht die ervan worden verdacht onder één hoedje te hebben gespeeld met hoofdverdachte E. Swaab. Met behulp van hun informatie zou Swaab profijtelijke effectentransacties hebben kunnen verrichten.

Nederland heeft over één van de vier informatie in Zwitserland opgevraagd. De verdediging had hiertegen bezwaar aangetekend omdat ze vreesde dat deze informatie tegen de andere verdachten zou worden gebruikt om belastingfraude aan te tonen. Dat is in strijd met het Zwitsers recht, dat bepaalt dat documenten niet voor fiscale delicten worden vrijgegeven.

De Zwitserse rechters vinden evenwel dat de stukken toch mogen worden vrijgegeven. Zij willen niet treden in Nederlandse juridische beoordelingen. Bovendien heeft het openbaar ministerie (OM) gegarandeerd dat de stukken niet fiscaal zullen worden gebruikt.

De zaak is overigens niet de enige affaire waarbij vragen leven over de handelwijze van het Nederlandse OM in Zwitserland. Volgens enkele advocaten zou de Zwitserse justitie in 1997 op het verkeerde been zijn gezet. Om stukken in handen te krijgen zou te veel nadruk zijn gelegd op een vermeende connectie rond witwassen van drugsgelden.

Justitie ontkent dat het een verkeerde voorstelling van zaken zou hebben gegeven. Het is onbekend hoe de Zwitsers hier zelf tegen aankijken. Raadslieden van verdachten hebben vergeefs geprobeerd de Zwitsers te laten getuigen over wat hun exact is verteld. De affaire zal waarschijnlijk over twee weken in een volgende rechtszaak aan de orde komen.