Van onderling contact is geen sprake meer

Wat begon als `een storm in een glas water' liep uit op een openlijke botsing: het conflict tussen premier Kok en minister Van Aartsen.

Ze kwamen niet door één deur en ze vertrokken niet door één deur. Het is intussen de vraag hoe lang ze dit nog kunnen volhouden.

De controverse tussen premier Kok en minister Van Aartsen over de kandidatuur van oud-premier Lubbers voor de post van Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen heeft vannacht, tijdens een spoeddebat in de Tweede Kamer, een loodzware lading gekregen. Van een geschil over een aspect van buitenlands beleid is het uitgegroeid tot een regelrechte vertrouwenskwestie. Met zijn zuinige mededeling dat hij in ,,staatsrechtelijke zin'' vertrouwen heeft in de premier maakte Van Aartsen van een beleidsgeschil een politieke kwestie. En daarmee rekte hij het geschil tussen hem en zijn premier op tot een zaak voor de coalitie als geheel.

De verharding tussen Van Aartsen en Kok kwam voor de Kamer als een complete verrassing. Wat in de coalitie eerst nog sussend werd bestempeld als ,,een storm in een glas water'' en ,,een discussie onder de kaasstolp van het Binnenhof'' groeide in de loop van het debat uit tot een openlijke botsing tussen de premier en zijn minister van Buitenlandse Zaken.

Het was niet alleen de regelrechte confrontatie tussen de beide bewindslieden die de Kamer hogelijk verbaasde. Het was ook de manier waarop Kok en Van Aartsen namens de regering met twee monden spraken.

Premier Kok en minister Van Aartsen opereerden in alle opzichten volstrekt langs elkaar heen. Zij gaven niet alleen twee tegenstrijdige lezingen over de totstandkoming van de kandidatuur van oud-premier Lubbers voor de post van Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen. Zij hielden ook met grote hardnekkigheid vast aan hun eigen `perceptie'. En ze maakten in het debat – naast elkaar zittend, maar nooit met elkaar sprekend – duidelijk zichtbaar dat van een normale communicatie tussen beiden geen sprake meer is.

Zo hield premier Kok gisteravond tegenover de Kamer heel lang vol dat hij niet al begin oktober van Van Aartsen had vernomen dat Lubbers voor de top van de VN een geschiktere kandidaat zou zijn dan regeringskandidaat Jan Pronk. Terwijl Van Aartsen eerder met grote stelligheid beweerde dat hij die boodschap tot tweemaal toe aan Kok had gedaan.

De twee lezingen van één gebeurtenis maakten niet alleen dat het optreden in de Kamer van Kok en Van Aartsen nauwelijks te doorgronden was. Het bracht ook pijnlijk aan het licht dat de beide bewindslieden tot en met gisteravond hebben gefaald in het onderling afstemmen van hun politieke handelen. [Vervolg CONTROVERSE: pagina 2]

CONTROVERSE

Stabiliteit coalitie kan in gevaar komen

[Vervolg van pagina 1] Met terugwerkende kracht kon worden vastgesteld dat minister Van Aartsen afgelopen maandagavond een verklaring heeft uitgegeven, mede namens de premier, waarvan de premier ook de inhoud kende, waarin informatie is verstrekt die haaks stond op de `perceptie' van Kok. Duidelijk was ook dat Van Aartsen en Kok, die elkaar gisteren per telefoon hadden gesproken ter voorbereiding van het Kamerdebat, niet vooraf in staat waren gebleken onderlinge afspraken te maken over hun wijze van verantwoording en presentatie tegenover de Kamer.

Premier Kok wilde afgelopen nacht pas na lang aandringen in de Kamer erkennen dat het wellicht mogelijk was geweest dat Van Aartsen de naam van Lubbers in een vroeg stadium had genoemd. Maar dat moest, zo verdedigde Kok zich, zodanig,,terloops'' zijn gebeurd dat hij daaraan geen herinnering meer had.

Na nog meer aandringen en na nog verdere herhalingen van Van Aartsen wilde Kok wel toegeven dat hij de uitspraken van de minister van Buitenlandse Zaken niet betwistte en diens ,,integriteit'' niet in twijfel trok. Maar die verklaring werd door Van Aartsen slechts beantwoord met de mededeling dat hij het antwoord van de premier had ,,gehoord''.

Tweede-Kamerlid Hoekema (D66) meende dat er een psycholoog aan te pas zou moeten komen om te kunnen begrijpen hoe Kok en Van Aartsen stelselmatig langs elkaar heen zouden hebben gepraat. Daarbij moeten verwarrende omstandigheden worden meegerekend: àls de naam van Lubbers begin oktober inderdaad tussen beiden is gevallen, dan is dat geweest in de dagen van regelrechte ruzie tussen Kok en van Aartsen over de wijze waarop de laatste de media had bediend over de verkiezingen in Joegoslavië. Andere kwesties dan het binnenhalen van de hoge VN-post, waaronder ook de explosieve situatie in het Midden-Oosten, stonden in het betreffende weekeinde centraal in hun (moeizame) contacten.

De relatie tussen Kok en Van Aartsen is intussen afgelopen nacht onder nog grotere spanning komen te staan dan deze al stond. Zakelijk gezien blijven zij tot elkaar veroordeeld. Emotioneel is de afstand tussen beide bewindslieden groter geworden dan deze al was. Ze waren al geen vrienden. Maar hoe lang zijn ze nog collega's?

Minister Van Aartsen straalde gisteren uit een getergd man te zijn. Na twee publieke schrobberingen van de premier koos de minister van Buitenlandse Zaken een houding van tot-hier-en-niet-verder. Met zijn mededeling dat vertrouwen er ,,in staatsrechtelijke zin is zolang een minister lid is van een kabinet'' zette Van Aartsen niet alleen zijn verhouding met Kok, maar ook zijn aanblijven als minister op scherp. Een kabinet zonder premier is moeilijk denkbaar. Een kabinet dat zijn minister van Buitenlandse Zaken verliest, heeft iets meer overlevingskans maar van een stabiele coalitie kan dan nog nauwelijks sprake zijn.