Kunstmoeder en zorgenkind

Met moeite probeert Mieke uit Amstelveen zich te ontdoen van het boze stiefmoeder- syndroom, vertelde ze vorige week. `Het is een taboe.' Deze weekschrij- ven lezers hun erva- ringen van zich af.

Is het stiefouderprobleem een vrouwenkwestie? Je zou het haast denken als je de reacties op de uitspraak van stiefmoeder Mieke leest ( `De stiefmoeder als haatobject', Z 30 sept.). Alleen stiefmoeders en stiefdochters pakten pen en papier om hun verhaal te doen.

De stiefmoeders onder de briefschrijvers onderstrepen dat zij een moeilijke rol te vervullen hebben: zij zijn de indringer die ongewild een dierbare moet worden. De stiefkinderen schrijven dat juist hun rol de moeilijkste is na de scheiding: hun dierbaren hebben een indringer toegelaten in hun gezin. Zo vraagt C. Hoogland uit Amsterdam: `Het kind wordt zijn natuurlijke vader of moeder ontnomen en met de nieuwe partner een onnatuurlijke, zeg maar vreemde vader of moeder in de strot geduwd. Mag het kind dan kokhalzen?'

Maar het kan ook anders. Dat blijkt uit de brief van Ietje Heybroek-Hessels. Zij is veertien jaar stiefmoeder. Het opbouwen van een vertrouwensrelatie met haar stiefkinderen was `een moeilijk proces van tien jaar'. Maar ze wilden er `met zijn allen graag iets moois van maken' en nu is de band goed. Zeker eenmaal per jaar gaan ze, twee ouders en vijf kinderen, met elkaar op vakantie en houden ze een gezamenlijk kerstdiner. Ouders en kinderen die er samen niet uitkomen, adviseert ze contact te zoeken met de Stichting Stiefwelzijn Nederland (www.stief.nl) die zelf ook reageerde.

Samen kerst vieren klinkt simpel, maar is voor sommige gezinnen niet haalbaar. Zo blijkt veertig procent van de stiefgezinnen het samen te redden, de rest valt uiteen. Zo vindt een stiefmoeder die niet met haar naam in de krant wil, de houding van haar ex van wezenlijk belang bij het beeld dat de kinderen van de stiefmoeder hebben. Ze spreekt uit ervaring: `De ex van mijn vriend kraakte voortdurend mijn kleding en kapsel af, waardoor mijn stiefdochter afstandelijk en wantrouwend deed'.

Dergelijke manipulatie zit stiefouders dwars, omdat ze het beste met hun stiefkinderen voor hebben. Stiefmoeder Trix Verouden uit Houten bijvoorbeeld had aanvankelijk vooral de behoefte om een goede moeder te zijn. Ze nam een groot deel van de zorg op zich voor de twee kinderen die drie en vijf jaar waren toen zij en hun vader bij haar introkken. Ze schrijft: `Het heeft jaren geduurd voordat ik begreep dat ik hun eigen moeder nooit en te nimmer zou kunnen vervangen, onafhankelijk van hoe goed of slecht zij het deed.' Nu is ze er trots op dat de kinderen, nu 18 en 21 jaar, haar hun `kunstmoeder' noemen. `Ik begrijp dat ze zowel aan mij als aan hun moeder uiterst loyaal zijn. Ze hebben de afgelopen vijftien jaar niet een keer tegen me gezegd dat ik geen recht van spreken had, omdat ik hun moeder niet was.' De relatie van de eerder genoemde stiefmoeder is minder goed. Ze wijt dit deels aan de leeftijd van de stiefdochters. `Ik denk dat de pubertijd een hele moeilijke tijd is voor kinderen om met een nieuwe partner geconfronteerd te worden.'

Zou dat zo zijn? De reacties van stiefkinderen zelf geven daar geen antwoord op. Zij hebben genoeg aan zichzelf. Lees maar. `Nee, ik zal me bedwingen. Niet in detail treden. Niet dagenlang doortikken. Hun 25-jarige bruiloft hebben ze een paar jaar geleden gevierd, mijn vader en zijn `nieuwe' vrouw. Het zou me niets meer moeten doen dat zij hem wilde en ons niet. Alle foto's van haar kinderen en kleinkinderen op de kasten in het appartement zouden me koud moeten laten. Al haar negativiteit, gestook en haar grenzeloze oppervlakkigheid die de wederzijdse bezoeken terugbrengen tot een absurdistisch toneelstuk waarin communicatie onmogelijk blijkt, het zou me een worst moeten wezen. De manier waarop zij mijn vader `bewaakt', alsof wij, zijn dochters, een bedreiging vormen voor hun relatie, is zo langzamerhand ridicuul geworden en toch zal ik er nooit om kunnen lachen. Geen naam, geen woonplaats, want dit onderwerp blijft supergevoelig.'

Samenstelling Henriëtte Smit