Winst en Verlies

`Hot' tips

`Een hockeyteamgenoot van me heeft een buurman die een paar jaar voor Philips werkte in Singapore. Daar deed hij iets met halfgeleiders. Nou, díe vent vertelde dat ze het spul niet konden aanslepen. Ja, in vertrouwen natuurlijk. Maar ik dacht: nú Flippen kopen want die gaan door het dak. Moet je zelf ook doen, want de koers is nu nog laag.'

Dit is ongeveer wat mensen bedoelen met een `goeie tip'. Voor sommigen gaat er niets boven informatie over een bedrijf van een `insider', iemand die er werkt. En helemaal mooi is het als de informatie via een vriendje komt.

Wat moet een verstandige belegger doen wanneer iemand bij een biertje dergelijke `koersgevoelige' informatie opdist? In principe niets, tenzij hij heel veel van het betreffende fonds afweet en de informatie echt op waarde kan schatten.

De gemiddelde belegger in Philips – om nog even met dit willekeurige voorbeeld door te gaan – weet niet veel meer dan dat het bedrijf in halfgeleiders, componenten, consumentenelektronica en verlichting doet. En als hij groot vertrouwen in het fonds heeft, is dat meestal omdat `iedereen' zegt dat de markten waarin het bedrijf actief is voorlopig blijven groeien. Prima, maar dat is veel te weinig om iets aan zo'n minuscuul brokje inside information te hebben. Je zou tenminste moeten weten in welke mate de bedrijfsonderdelen aan de winst bijdragen, en welke winstgroeiverwachtingen al in de actuele koers verdisconteerd zijn. Bovendien: hoe betrouwbaar is die bron zélf; is die in staat om zelf zijn informatie op waarde te schatten? (Misschien produceert een fabriek in Azië wel extra veel om stagnerende productie in, zeg, Amerika op te vangen.) Verder zijn er natuurlijk duizend andere factoren die de koers kunnen beïnvloeden: de rente, gegevens over branchegenoten, het sentiment rond de tech-sector enzovoort, enzovoort.

Overigens: juist wie de betreffende vertrouwelijke gegevens op waarde kan schatten en op basis daarvan zou willen handelen, loopt het risico een strafbaar feit te plegen. Want Nederland kent sinds enige tijd wetten die misbruik van voorkennis strafbaar stellen.

Kortom: dikke kans dat een belegger zijn vingers brandt aan zo'n `hot tip'.

Advies

Afgaan op losse tips bij het invullen van een effectenportefeuille is niet de methode. Maar hoe krijg je dan wel advies waar je wat aan hebt? Alles hangt af van hoeveel de adviesvrager al weet. Als basisregel geldt: hoe minder de basiskennis, des te generieker (algemener) moet het advies zijn.

Een van de domste dingen die een niet-ingevoerde belegger kan doen, is het advies volgen van iemand die volledig op één aspect van financiële advisering is gefocust. Een gesprek met een fiscalist levert bijna altijd suggesties op die voordelig zijn in de belasting, maar geen rekening houden met spreiding over diverse beleggingscategorieën. Wie toevallig tegen iemand aanloopt die alles van Japanse aandelen of technologiefondsen weet, zal in verleiding komen veel in Japan of technologiebedrijven te beleggen – zonder zelf precies te weten waarom. Specialisten zijn reuze waardevol voor de belegger die toch al besloten had om, zeg, tien procent van zijn vermogen in Japan te beleggen, of die zich afvraagt wat de impact van de belastingwetten van Vermeend zijn op zijn vastgoedbeleggingen.

De belegger die met weinig kennis van start gaat, moet eerst met zijn adviseur praten over álles, behalve de concrete invulling van zijn portefeuille. Dus: hoeveel is er (en komt er periodiek vrij) om te beleggen; welke bedragen moeten wanneer beschikbaar kunnen worden en waarvoor moet het geld te zijner tijd gebruikt worden. Dan komen de beleggingen aan de orde waaraan men sowieso al vast zat: opgebouwde pensioenen, lijfrentes en dergelijk, maar ook het bedrag dat in het eigen huis `belegd' is. Daarmee is namelijk een deel van de puzzel die de totale portefeuille eigenlijk is, al gelegd. Pas daarna kan de discussie gaan over de verdere invulling van de portefeuille. Eerst de verdeling tussen risicodragende (aandelen, vastgoed) en risicomijdende beleggingen (deposito's, obligaties of aandelenfondsen die met optieconstructies zijn beschermd). Tenslotte pas over de vraag welke (soorten) aandelen, obligaties of beleggingsfondsen aansluiten bij de opvattingen van de belegger.

Tenslotte is er één advies dat voor iedereen hetzelfde is. Namelijk: volg nooit een advies op dat u niet volledig begrijpt.