Fotohistoricus Jan Coppens overleden

In Eindhoven is deze week de fotohistoricus Jan Coppens overleden. Hij werd 62 jaar oud. Coppens publiceerde vanaf het midden van de jaren zestig vele honderden artikelen en een tiental boeken over de geschiedenis van de Nederlandse fotografie. Hij studeerde aan de Academie voor Industriële Vormgeving in Eindhoven, de Bayerische Staatslehranstalt für Photographie in München en de Ecole du Louvre in Parijs. Zijn kennismaking met de buitenlandse fotogeschiedenis wakkerde zijn nieuwsgierigheid aan naar het nog nauwelijks onderzochte Nederlandse fotoverleden. Eindeloos verrichtte Coppens graafwerk in archieven, kerkregisters en bij de burgerlijke stand om familieleden van reeds lang overleden fotografen te achterhalen in de hoop dat er iets bewaard was gebleven van een vergeten oeuvre. Veel van zijn boeken behoren tot standaardwerken in de Nederlandse fotografie-geschiedenis, waaronder Een camera vol stilte (1976) over Nederlandse fotografen tussen 1839-1875, De Bewogen camera (1982) over vroege sociaal-documentaire en propagandistische fotografie, en Door de enkele werking van het licht (1989), over de introductie van de fotografie in België en Nederland. De laatste jaren richtte Coppens zijn aandacht op de geschiedenis van de fotografie in Brabant, wat onder meer leidde tot de tentoonstelling en het boek Het licht van de 19de eeuw (1997).