Adelmund: basisvorming vernieuwen

Staatssecretaris Adelmund (Onderwijs) wil dat de basisvorming, het lesprogramma van vijftien vakken in de eerste jaren van het voortgezet onderwijs, vanaf 2004 wordt vernieuwd.

De Onderwijsraad, het belangrijkste adviesorgaan op het gebied van onderwijs, moet daarover volgend jaar adviseren. Het kabinet heeft hier gisteren mee ingestemd.

Een aantal maatregelen moet bij het nieuwe schooljaar al ingaan. Het brede aanbod van vakken blijft, maar scholen kunnen de lessen voor vmbo-leerlingen lichter maken en voor vwo'ers moeilijker. Daarnaast daalt het aantal uren dat gemiddeld per jaar aan basisvorming moet worden besteed van 25 naar 23. Informatiekunde verdwijnt als apart vak.

Leerlingen met leerproblemen die een praktijkgericht programma volgen binnen het vmbo (een samenvoeging van mavo en vbo) hoeven alleen de eerste twee jaar aandacht te besteden aan de basisvorming. Ook kan vrijstelling worden gegeven voor lastige basisvormingvakken.

De basisvorming werd in 1993 ingevoerd met als doel om binnen het onderwijs meer aandacht te geven aan vaardigheden en `actief leren', alle kinderen een basispakket aan kennis bij te brengen en de definitieve schoolkeuze uit te stellen. Uit een evaluatie van de Onderwijsinspectie vorig jaar bleek dat er van die didactische vernieuwing op veel scholen weinig terecht was gekomen. Bovendien was het pakket van vijftien vakken voor verschillende leerlingen, met name op het vbo, te zwaar.

Het kabinet wil dat een aantal maatregelen al bij het nieuwe schooljaar ingaan. De Onderwijsraad zal een vernieuwd onderwijsprogramma uitwerken dat in 2004 kan worden geïntroduceerd. Ook de ideale onderwijstijd wordt door de Raad onder de loep genomen. Het aantal lesuren voor leerlingen wordt vooralsnog niet teruggebracht van 32 naar 30, zoals de Onderwijsinspectie adviseerde.

Leraren, schoolbesturen en vakbonden zijn hierover teleurgesteld. Zij hebben er lang bij staatssecretaris Adelmund op aangedrongen om hen meer tijd te geven voor de vernieuwing van het onderwijs. Wil het kabinet wel echt dat het voortgezet onderwijs beter wordt, vragen de onderwijsorganisaties zich af.

,,Ik heb er lang over nagedacht'', zei Adelmund gisteren, ruim een jaar na het uitkomen van de evaluatie. ,,Ik wil wel meer ruimte maken, maar ik wil nog niet snijden in het aantal uren dat een leerling in de klas zit. Ik hoop dat de Onderwijsraad met een goed advies hierover komt.'' De Tweede Kamer is het op dit punt met haar eens.

Tweede-Kamerlid Barth (PvdA) is tevreden over de richting die Adelmund is ingeslagen. Zij vindt het echter onbegrijpelijk dat het kabinet slechts 75 miljoen gulden voor de vernieuwing uittrekt. Kamerlid Cornielje (VVD) ziet in de kabinetsvoorstellen de erkenning dat de basisvorming is mislukt en is blij met de niveauverschillen die er nu kunnen worden ingevoerd. Hij pleit daar al jaren voor. Kamerlid Lambrechts (D66) laakt het gebrek aan visie en durf bij Adelmund. D66 wil een forse vermindering van het aantal vakken. Ook moet de aansluiting met het basisonderwijs worden verbeterd.