Westen: meerstemmige zang, weinig scenario's

Het Westen oefent druk uit op Miloševic om op te stappen, maar weet niet wat te doen als het fout gaat. Optimisme overheerst, maar op de vraag naar doemscenario's volgt stilte.

Hoge vertegenwoordigers van de Europese Unie lunchten gisteren in Belgrado met Vojislav Koštunica, de Joegoslavische oppositiekandidaat voor het presidentschap, Nee, ze gaven hem geen instructies hoe te handelen in zijn strijd over de verkiezingsuitslag met president Slobodan Miloševic. Ja, ze gaven hem wel steun, zeggen EU-diplomaten in Brussel. En, zo voegt één van hen er opgewonden aan toe, is het niet geweldig wat er nu gebeurt: ,,Heb jij ooit een dictator ooit op zijn staatstelevisie zien toegeven: ik heb verloren. De cirkel van pessimisme is doorbroken.''

Het Westen en vooral Europa hebben de vlag uitgestoken na de verkiezingsnederlaag van Miloševic vorig weekeinde. Ga! Stap op!, klonken de Westerse aansporingen aan het adres van de Joegoslavische leider. Natuurlijk, Europa zou Europa niet zijn als het in zijn reacties niet meerstemmig zou zingen: de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Cook, dreigde indirect met NAVO-ingrijpen als Miloševic het leger zou inzetten om de macht te behouden. De NAVO heeft 60.000 man in Bosnië en Kosovo paraat, zei hij.

Cooks opmerking – die bijval kreeg van de Turkse regering – werd op het NAVO-hoofdkwartier niet met instemming ontvangen. ,,We willen geen sabelgekletter' , suste een diplomaat. ,,We proberen geen signalen af te geven dat we militaire dreigementen gebruiken om de Joegoslavische verkiezingen te beïnvloeden.''

Cooks aanpak stond min of meer haaks op de lijn van de NAVO en de EU in de afgelopen maanden: op de achtergrond blijven en zo min mogelijk bemoeizuchtig overkomen in de aanloop naar de verkiezingsuitslag. Meteen alweer dreigen met die in Joegoslavië ook door de oppositie vervloekte NAVO, sinds de luchtcampagne vorig jaar, is volgens Westerse diplomaat niet erg behulpzaam jegens Koštunica.

Tegenover Cooks dreigende taal stonden de zoete woorden van zijn Franse collega Védrine. Zonder te wachten op de instemming van andere EU-landen riep hij namens Frankrijk, dat nu voorzitter van de EU is, op tot opheffing van de sancties tegen Belgrado om de overwinning van de oppositie te erkennen. Hoe Europa dit bijvoorbeeld wil rijmen met het feit dat ook Koštunica de aanjager van al dit onheil, Miloševic, niet wil uitleveren aan het Haagse oorlogstribunaal, is kennelijk voor later zorg. Het Franse overenthousiasme is ongecoördineerd, maar sluit wel dichter aan bij de Westerse aansporingen jegens de Joegoslavische burgers in de afgelopen maanden, zoals een Europese diplomaat het formuleert: als u kiest voor democratie, belandt u ,,in een betere wereld'' en worden de sancties opgeheven.

Wie nu naar Westerse of Europese scenario's zoekt in de huidige onzekere periode in Belgrado, heeft aan één hand ruim genoeg. Dat het einde van het tijdperk-Miloševic is aangebroken, lijkt vast te staan. Maar hoe lang hij zijn bewind nog kan rekken, weet niemand. Zeker niet nu hij vasthoudt aan een tweede ronde en daarmee de oppositie op de proef stelt.

Het Westen en vooral Europa zijn hierbij veroordeeld tot de rol van gedreven maar enigszins machteloze toeschouwer, als het gaat om de directe beïnvloeding van de gebeurtenissen in Joegoslavië nu. Een luidruchtig coach kan Europa niet zijn, hoogstens een bescheiden souffleur. En dat vergt zelfbeheersing en evenwichtskunst van de EU.

De afgelopen maanden heeft de Spaanse `chef buitenland' van de EU, de hoge vertegenwoordiger Javier Solana, achter de schermen contacten gelegd met academici, zakenmensen, burgemeesters en journalisten in Servië. Vooral de contacten met de academici in de Groep van 17 en de grote studentenbeweging Otpor waren belangrijk, aldus EU-diplomaten.

Volgens medewerkers van Solana heeft dit de Servische oppositie wind in de zeilen gegeven. De ,,mobilisatie'' van Servische burgers was mede nodig na kritische rapportages over het EU-beleid op de Balkan, zeggen zij. Daar komt nog bij dat Europa en de Verenigde Staten de afgelopen jaren achter de verkeerde Servische oppositieleiders hebben aangelopen, die verdeeld en onberekenbaar waren: de heren Djindjic en Draskovic. De Amerikaanse steun aan de oppositie in zowel Joegoslavië als Irak, twee dictatoriale regimes volgens de VS, heeft nauwelijks gerendeerd, zo is gebleken. Mogelijk is dit mede een verklaring waarom de VS nu het initiatief enigszins aan Europa laten, nog afgezien van het naderende vertrek van de regering-Clinton.

,,We moeten niet naïef zijn'', zegt een Europese diplomaat. ,,De EU oefent druk uit op Miloševic in onze verklaring van gisteren om een hertelling van de stemmen uit de eerste ronde toe te staan. Veel meer kunnen we niet doen.'' Maar op de vraag naar doemscenario's, zoals wat te doen als Milosevic niet toegeeft, overgaat tot geweld of de oppositie uitput, blijft het dezer dagen in Westerse hoofdsteden even stil. Het Westen weet wat te doen als het goed gaat, maar niet als het fout gaat. Nog maar even daargelaten dat de nu al bewierrookte Koštunica een relatief onbeschreven blad is.