Hete fusiedossiers

De nieuwe informatietechnologie maakt het toezicht van de Europese Commissie op bedrijfsfusies ingewikkeld. Bovendien neemt het aantal in Brussel aangemelde fusies toe. America Online/Time Warner/EMI is dezer dagen het `heetste' dossier. Een balans.

`De geschiedenis van de muziek is er niet een van grote ondernemingen, maar van grote individuen.'', zegt Andrew King. De 58-jarige Brit begon ooit als manager van Pink Floyd en zwaait nu de scepter over het kleine muziekbedrijf Mute Song. Hij maakt zich grote zorgen over de voorgenomen fusie van internetgigant America Online (AOL) met de Amerikaanse amusementsreus Time Warner, die op zijn beurt weer een joint venture wil aangaan met het grote Britse muzieklabel EMI. Michel Lambot van het label `Play It Again Sam' met een vestiging in onder meer Hilversum zegt het nog pregnanter: ,,Wij zijn te jong om te sterven. Ons leven is in gevaar.''

Michel Lambot is voorzitter van de Independent Music Companies Association (IMPALA). De organisatie startte negen maanden geleden met tweehonderdvijftig leden. Inmiddels is het ledental onder invloed van de grote fusieplannen al uitgegroeid tot zo'n duizend onafhankelijke muziekbedrijven, waarvan de meeste uit Europese landen. IMPALA ziet de onafhankelijke muzieklabels als ,,de belangrijkste bron van nieuwe talenten en de diversiteit van de wereldmuziek''.

Volgens Lambot gaat het bij de allianties van AOL, Time Warner en EMI niet alleen om de omvang van de nieuwe ondernemingen. ,,Het echte probleem voor ons is hoe we de markt kunnen bereiken, want distributie is zeer duur. In Frankrijk kan je in supermarkten al geen cd's meer verkopen als je niet een bepaalde omvang hebt'', zegt hij. Bovendien wordt internet steeds belangrijker als distributiekanaal voor muziek.

Kleine muziekfirma's zouden in principe ook van de `democratische' distributie via internet moeten kunnen profiteren. Maar volgens voorzitter Lambot van IMPALA zullen door de concentraties enkele bedrijven in de positie komen van ,,poortwachter'' naar internet en mobiele diensten, waarbij zij de voorwaarden voor de muziekdistributie over de hele wereld kunnen dicteren. Zo zouden grote fusiebedrijven de verkoop van muziek via internet kunnen koppelen aan andere diensten als onderdeel van hun elektronische handel, muziek onder de kostprijs kunnen aanbieden als lokkertje om nieuwe abonnees te werven of het muziekaanbod van derden kunnen weren.

Volgens cijfers van IMPALA hadden de onafhankelijke muzieklabels vorig jaar nog geen 14 procent van de Europese muziekmarkt in handen. Middelgrote muziekondernemingen zijn het afgelopen decennium al opgeslokt door de `groten': Universal, Sony Music, Warner Music, EMI-Virgin en BMG.

De fusie van AOL en Time Warner met een geschatte waarde van 127 miljard dollar en de joint-venture van Time Warner met EMI-Virgin zijn twee van de `heetste' fusiedossiers waarover de Europese Commissie zich momenteel buigt. Belanghebbenden voeren de druk tot het uiterste op. Vertrouwelijke documenten over tegemoetkomingen van de fusiepartijen aan de Europese Commissie faxen met het opschrift 'strictly confidential/market sensitive' – circuleerden de afgelopen weken in groten getale in Brussel. En zo `onthulde' de Amerikaanse zakenkrant Wall Street Journal dat de Europese Commissie de fusie AOL/Time Warner zal blokkeren, waarop de Britse concurrent Financial Times een dag later met de `primeur' kwam dat de fusie `in gevaar' was. Een woordvoerster van Eurocommissaris Mario Monti (Mededinging) liet vervolgens weten dat alle mogelijkheden nog steeds open waren.

Zijn `merger taskforce' maakt door gebrek aan mankracht overuren. De hele taskforce heeft slechts tachtig man ter beschikking om alle fusiedossiers te beoordelen. Vandaar Monti's voortdurende pleidooi voor uibreiding. AOL, Time Warner en EMI brachten bij de hoorzittingen alleen al aan advocaten en andere deskundigen hetzelfde aantal in stelling. Toch spreekt de onafhankelijke muziekindustrie met waardering over de grondigheid en eerlijkheid waarmee Monti's ambtenaren de voorgenomen miljardendeals behandelen.

Eurocommissaris Monti laat uiteraard niets los over de beslissingen volgende maand over de voorgenomen megadeals. Maar hij maakte onlangs in een redevoering over `Barriers in Cyberspace' wel duidelijk dat de moderne informatietechnologie de Europese Commissie voor nieuwe moeilijke afwegingen plaatst. Monti: ,,Het uiteindelijke doel van de mededingingsregels is simpel: waarborgen dat consumenten profiteren van nieuwe en verbeterde producten en van lagere prijzen. De regels blijven hetzelfde, maar de toepassing is opmerkelijk aanpasbaar aan de veranderende omstandigheden.''

Volgens Monti kunnen bij de nieuwe informatietechnologie mededingingsproblemen ontstaan zowel door de infrastructuur van het internet (telecommunicatie-infrastructuur, personal computer, televisie, mobiele telefoon, standaarden, besturingssystemen) als door de diensten (muziek, film, televisie, elektronische handel) die via die infrastructuur worden verleend. In het dossier AOL/Time Warner/EMI komen al die aspecten samen.

De Europese Commissie stemde in 1998 pas in met de fusie van de Amerikaanse telecombedrijven Worldcom en MCI, nadat MCI zijn `internet-ruggengraat' de markt voor wereldwijde datatransmissie had afgestoten. Toen MCI/Worldcom vervolgens dit jaar wilde samengaan met het Amerikaanse telecombedrijf Sprint, hield de Europese Commissie die alliantie in juli tegen omdat Sprint slechts een deel van zijn `internet-ruggengraat' wilde afstoten. Volgens de Europese Commissie zou door het uitgebreide netwerk en de grote aantallen abonnees op wereldschaal zo'n groot bedrijf zijn ontstaan, dat deze de voorwaarden voor toegang tot zijn netwerk en klanten had kunnen dicteren. Dat zou volgens haar ook de innovatie hebben belemmerd.

,,De grootste kracht van internet is het vermogen om miljoenen individuele gebruikers te verbinden ongeacht hun geografische lokatie'', aldus Monti. ,,Maar door het feit dat de gebruikers vaak worden verbonden door telecomnetwerken van vroegere monopoliebedrijven ontstaan ook op lokaal niveau dikwijls mededingingsproblemen.'' Zo stelde de Europese Commissie vorig jaar als voorwaarde voor de Zweeds/Noorse fusie van de telecombedrijven Telenor en Telia dat zij hun local loop (het laatste stukje in het netwerk naar de eindgebruiker) zouden liberaliseren. Indien de fusie door beide bedrijven niet alsnog was afgeblazen, zou in Noorwegen en Zweden de toegang van consumenten tot telecommunicatiediensten van concurrerende bedrijven sterk zijn vergroot.

Deze gevallen maken twee dingen duidelijk: naarmate er meer gebruikers zijn wordt het netwerk waardevoller, maar daarmee nemen de mededingingsproblemen ook toe.

Eurocommissaris Monti noemt het beoordelen van de markt voor diensten via internet ,,een van de moeilijkste kwesties'' in het huidige mededingingsbeleid. Zo moet eerst worden vastgesteld of de online-dienstverlening concurreert met offline-diensten, met andere woorden in hoeverre bijvoorbeeld de verkoop van muziek via internet concurreert of in de toekomst gaat concurreren met die van cd's in de winkel. Daarbij moet dus een technisch-economische inschatting worden gemaakt hoe de markt zich zal ontwikkelen.

Volgens Monti is de zaak AOL/Time Warner/EMI de eerste waarbij een dergelijke beoordeling aan de orde is. Daarbij spelen dan ook nog kwesties van copyright een rol. Tegelijkertijd wil de Europese Commissie ook niet louter de status quo verdedigen, waardoor de ontwikkeling van internetdiensten en technologie zouden kunnen worden geremd. Dat betekent dat de analyse verder gaat dan alleen de definiëring van markt en marktaandeel. Dat laatste blijft overigens van belang, waarbij de Europese Commissie vaststelt of van `marktdominantie' sprake is.

Bij bezwaren van de Europese Commissie tegen een voorgenomen fusie kunnen de toekomstige partners besluiten activiteiten af te stoten. Eurocommissaris Monti wees er deze maand tijdens een congres ter gelegenheid van de tiende `verjaardag' van het Europese fusietoezicht op dat juist in de sector nieuwe media/telecom/internet steeds vaker andere oplossingen worden gezocht dan de `klassieke' verkoop van activiteiten. Zo kan de Europese Commissie, zoals in het geval van de afgeketste Noors-Zweedse telecomfusie gebeurde, voorwaarden stellen in de vorm van openstelling van het netwerk voor derden. EMI/Time Warner heeft de Europese Commissie na hoorzittingen onder meer aangeboden bij de distributie van zijn muziek vijf jaar lang niet uitsluitend gebruik te maken van internetproviders die aan AOL gelieerd zijn. Verder is er het `klassieke' aanbod muzieklabels te verkopen in een aantal landen. Ook zouden EMI/Time Warner hun Europese fysieke distributienetwerk opslag en verscheping van cd's – van de hand willen doen en zich willen concentreren op het vinden en marketen van artiesten. Maar de vraag is of dat genoeg is, want hun verkoop- en marketingkracht blijven groot.

Het dossier AOL/Time Warner/EMI onderstreept ook het belang van samenwerking tussen met name Europese en Amerikaanse mededingingsautoriteiten. Mede door de nieuwe informatietechnologieën groeit het aantal fusiemeldingen in Brussel waarbij Amerikaanse bedrijven zijn betrokken. Alleen al tussen 1996 en 1999 ging het om een stijging van 42 tot 129. De EU en de VS hebben sinds begin jaren negentig een bilateraal samenwerkingsakkoord. Zowel Brussel als Washington oordelen daar positief over. Eurocommissaris Monti spreekt van een ,,duidelijk succes''. Het eerste Europese veto over een volledig Amerikaanse fusie - MCI/Worldcom/Sprint afgelopen juli riep in de VS geen afkeuring op.

De Amerikaanse onderminister voor Justitie Joel Klein, die ook sprak op de `verjaardag' van de Europese fusieregelgeving, noemt de samenwerking en informatie-uitwisseling in deze zaak een ,,goed voorbeeld''. Volgens hem is er nu soms al sprake van een transatlantische ,,werkverdeling'' wanneer de Amerikaanse en Europese mededingingsautoriteiten zich over eenzelfde zaak buigen. Klein onderstreept ook het belang van multilaterale samenwerking op het gebied van mededinging, iets waarover de VS tot nu toe zeer terughoudend was.

Alle betrokkenen, waaronder ook de ondernemingen en hun advocaten, pleiten er steeds nadrukkelijker voor dat nationale autoriteiten de mededingingsprocedures op elkaar afstemmen. De EU en de VS coördineren op dit punt nu al zoveel mogelijk. De fusie AOL/Time Warner, die ook in Washington wordt onderzocht, illustreert het grote belang ervan. Amerikaanse Congresleden brachten gisteren naar buiten dat de mededingingsautoriteiten in Washington Time Warner ertoe zouden willen dwingen zijn kabelnetwerk voor derden open te stellen. Zo'n maatregel zou passen in de benadering van Europese Commissie van een dergelijke multimedia-fusie. Het lijkt, gezien de Europees-Amerikaanse samenwerking, ook niet meer voorstelbaar dat Brussel en Washington de miljardendeal verschillend zouden aanpakken.