Gesterkt

Britse eurosceptici voelen zich gesterkt door het Deense `nee' tegen de gemeenschappelijke Europese munt. Volgens William Hague, de Conservatieve oppositieleider die het verzet in Groot-Brittanië tegen de euro heeft verheven tot een hoofdthema van de volgende verkiezingen, heeft de uitslag de strategie van de regering-Blair ,,aan puin geschoten''.

Premier Blair heeft gezegd vóór Britse toetreding te zijn, maar pas als aan vijf economische criteria is voldaan én als het Britse volk er in een referendum toestemming voor geeft. De Conservatieven geloven echter dat de Deense uitslag zal leiden tot het ontstaan van een speciale categorie landen die wel lid zijn van de Europese Unie, maar niet van de gemeenschappelijke munt. Daartoe zouden behalve Denmarken en het Verenigd Koninkrijk ook Zweden en op termijn Zwitserland en Noorwegen kunnen behoren.

Uit Britse opiniepeilingen blijkt dat de weerzin tegen de euro groeit, ook onder cruciale groepen die de munt aanvankelijk wel omarmden, zoals jongeren en bedrijven die afhankelijk zijn van de Europese markt. Voorstanders wijzen op grote verschillen tussen het Verenigd Koninkrijk, de op twee na grootste economie van Europa en Denemarken, de op één na kleinste.

Volgens Janet Bush, directeur van de anti-Europese denktank New Europe, toont de uitslag echter dat Denen en Britten gedreven worden door dezelfde angst tegen een federale superstaat die centraal vanuit Brussel wordt bestuurd. Premier Blair, die de euro vooral als een economische uitdaging ziet, probeert pas sinds kort zulke `politieke' bezwaren te weerleggen.